Archeologie in Nederland: zwaard van Ommerschans

Het zwaard van Ommerschans is een archeologisch topstuk. Het zwaard is een bewijsstuk dat de smeden uit de bronstijd enorme vakkennis hadden.

 

Het zwaard van Ommerschans. Bron: RMO.

Het Rijksmuseum van Oudheden heeft in 2017 een voorwerp aangekocht voor ruim een half miljoen. Het is de duurste aankoop van het museum ooit. Om het te relativeren: Lionel Messi moet daar één week voor voetballen. Maar goed, zo’n prijs voor een archeologisch voorwerp… dan weet je dat het om iets bijzonders gaat.

Gevonden voorwerpen

Het voorwerp is een type zwaard uit de bronstijd waarvan er slechts zes bekend zijn. Twee uit Nederland (Jutphaas en Ommerschans), twee uit Engeland (Oxborough en Rudham) en twee uit Frankrijk (Plougrescant en Beaune).

Dat er kans is dat er meer zijn, blijkt uit het feit dat de zwaarden in Engeland recent zijn gevonden. Het zwaard van Rudham werd pas in 2014 ontdekt. Preciezer gezegd, het werd toen herkend als zwaard. De boer die het had gevonden, gebruikte het immers al even als deurstopper.

Type Plougrescant-Ommerschans

Naar twee van de vindplaatsen is het type vernoemd: Plougrescant-Ommerschans. Het pronkstuk dat het RMO nu in bezit heeft, is het zwaard van Ommerschans. Een boswachter vond deze rond 1900 in de buurt van het Overijsselse gehucht. Hij stond het zwaard en de andere vondsten van brons en steen af aan zijn werkgever. Het bleef sinds de ontdekking in privébezit van de familie totdat het RMO de hoogste bieder was op de veiling bij Christie’s in Londen.

Ritueel

Het zwaard van Jutphaas. Bron: RMO.

De zwaardklingen zijn niet gemaakt als gebruiksvoorwerp. “Ze zijn namelijk te groot (circa 70 centimeter), te zwaar (circa 3 kilogram, te dik, ongeslepen en, minder wetenschappelijk… te mooi.” Het gevaar bij deze wapens school er niet zozeer in dat je in een gevecht werd geraakt maar dat je het gevaarte op je tenen kreeg. De zwaarden hebben immers geen greep. De zwaarden zullen om rituele doeleinden gemaakt zijn en zijn waarschijnlijk als offer in de bodem geraakt. Wie dat offer bracht en waarom is onbekend.

Bronstijd-kenner Butler schreef over degene die het zwaard deponeerde:

“Naar het oordeel van de schrijver bestaat er in de Nederlandse Bronstijd geen groter mysterie dan dat van de herkomst en de persoon van de man die […] in wat toen een zeer afgelegen en eenzaam moeras moet zijn geweest […] een merkwaardige ceremonie verrichtte.”
J.J. Butler, Nederland in de Bronstijd (eerste druk 1969; Bussum 1979) 124.

Een mysterie dat vijftig jaar later nog niet is ontrafeld.

Bretagne

Het zwaard van Ommerschans heeft een indrukwekkende kling van 68,3 centimeter lang. Het exemplaar van Jutphaas lijkt een identieke, maar verkleinde kopie te zijn van de andere zwaarden.

Hoewel ze dus niet in één mal zijn gegoten, is -vanwege de gelijkenis- het vermoeden dat ze op één plaats zijn vervaardigd. Mogelijk binnen korte tijd na elkaar, in de periode 1500 en 1350 voor Christus. Dat is in ieder geval niet in Nederlandse streken geweest. Hoewel er in de bronstijd hier wel smeden actief waren, maakten zij geen zwaarden. In Frankrijk, Engeland, Scandinavië en Midden-Europa werden zwaarden geproduceerd. Dit type kwam mogelijk uit Bretagne.

Topstuk

Archeologie in Nederland, december 2017.

Voor de duidelijkheid: vondst- en productieplaatsen bevinden zich nu binnen bepaalde landsgrenzen die er natuurlijk niet waren in de bronstijd. Aangezien Ommerschans binnen de Nederlandse grenzen ligt mogen wij het nu tot een van ónze archeologische topstukken rekenen.

Archeologie in Nederland

RMO-conservator Luc Amkreutz en hoogleraar David Fontijn schreven over het zwaard van Ommerschans een artikel in Archeologie in Nederland (december 2017). Zij kondigden hierin aan dat er verder onderzoek zal worden gedaan.

“Uiteindelijk gaat dit nieuwe verhalen opleveren over de stukken en wellicht ook over de toch wat mysterieuze depositiepraktijken die zo kenmerkend zijn voor de bronstijd.”

Luc Amkreutz en David Fontijn, ‘Het zwaard van Ommerschans: een stuk van buitengewoon belang’, Archeologie in Nederland 5 (Utrecht; december 2017) 46-51.

Leon Mijderwijk

Leon Mijderwijk (1975) studeerde voor Leraar Geschiedenis 2e graads aan de HU en deeltijd Geschiedenis aan de Universiteit van Utrecht. Zijn aandacht gaat uit naar de vroege middeleeuwen, in het bijzonder van Engeland. Hij schreef artikelen en recensies voor Westerheem, Archeologie Magazine, So British & Irish, Muntkoerier en Filatelie. Leon is redactiemedewerker van het Detectormagazine en Historiën-redacteur. Hij onderhoudt contact met diverse uitgeverijen, archeologen en historici.

More Posts

Schrijf je in voor TOEN!