|
Biografie Hugo Schiltz |
|
Op basis daarvan stelde Paul Huybrechts een zeer uitgebreide biografie samen, waarvan deel I nu verschenen is. Het gaat over zijn jeugd: opgegroeid in een warm nest van zes kinderen, flamingant, Groot-Nederlander, jong idealist, tijdens de oorlog en ook nog in 1946 Duitsgezind en verblind, nadien enkele maanden geïnterneerd en bekeerd tot geëngageerd politicus. Verblind, want hoewel zijn diepgelovige familie de jodenvervolging in Antwerpen meemaakte en veroordeelde en ook de jezuïeten in hun excellente opleiding van de toekomstige elite hem erop wezen dat de razzia’s amoreel waren, zag hij niet in dat heel het nazisme verderfelijk en heidens was. Het boek schetst ook een helder tijdsbeeld van de oorlogsjaren, de collaboratie, de naoorlogse repressie, koningskwestie en de opkomende schoolstrijd tegen Collard. De beschrijving van de volksrepressie in september 1944 (p. 109-113) zal elke lezer wel bijblijven. De regering Pierlot, op 3 september terug uit Londen, had weinig greep op de gebeurtenissen. Tussen 4 en 8 september werd Antwerpen bevrijd door de Britten. Hij en vele anderen ondervinden wat de Antwerpse Franstalige krant Le Matin schrijft in november 1944 (110): “de Franstaligen willen eens en voor altijd, compleet en radicaal, afrekenen met iedereen die direct of indirect Vlaamsnationalist is”. Schiltz ziet er foltersessies met messen, sigaretten en slagen, terwijl verpleegsters van het Rode Kruis, leden van de Franstalige bourgeoisie, ervan genieten (112). Over het proces van Neurenberg (november 1945 – oktober 1946) schrijft hij (191-192): “Niemand kan nog ontkennen dat vier jaar lang het weerzinwekkendste kwaad over Europa gewoed heeft. De aanwezige rechters zien stapels lijken, karren vol karkassen, kubieke meters afgeschoren mensenhaar.” Maar hij ergert zich dat er ook een Russische rechter bij is: want ook Rusland viel in 1939 Polen binnen. En de gallieerden gingen in Duitsland ook over lijken en verwoestten er meer dan nodig was. Voor hem is het proces dan ook een vorm van rechtsverkrachting. In de marge lezen we ook wat vele andere toonaangevende personen uit de Vlaamse beweging, Belgische politiek en bedrijfsleven in de oorlogsjaren en daarna deden. De schrijver toont dat hij niet enkel een goed belegger en een degelijk journalist, maar tevens een knap historiograaf is. Deel II volgt waarschijnlijk in 2012. Paul HUYBRECHTS, Hugo’s heilige vuur. Uitgeverij Meulenhoff / Manteau, Antwerpen / Amsterdam, 2009.
|
|
|
|
|
| |