|
Column: Dromen in mei |
|
![]() Theo van Hoytema, Zilverfazanten (collectie Gemeentemuseum Den Haag) Wat is het toch heerlijk dat die zelfhulpcursus voor computergebruikers van mij een reddende engel heeft gemaakt. ‘Niks aan de hand’, zeg ik tegenwoordig als al wat oudere meisjes mij huilend opbellen omdat hun computer ineens zo raar doet. ‘Ga maar weer achter je pc zitten en zoek via je startknop de lijst van alle programma’s op. Zie je daarbij ook de bureau-accessoires staan? Ja? Klik dan eerst op systeemwerkset en dan op systeemherstel. Lukt dat? Ja?’ ‘Uhuh,’ hoor ik aan de andere kant van de lijn. ‘Volg dan nu de aanwijzingen maar,’ zeg ik engelachtig, ‘en kies een tijdstip uit waarop alles het nog gewoon deed. Ja, een uurtje geleden, dat is goed. Drink nu maar heel rustig je kopje thee leeg, terwijl het wonder zich gaat voltrekken.’ ‘Jaaaah,’ hoor ik dan na een tijdje een diepbronzen stem luidkeels juichen, ‘ja, hij doet het weer! Jaaaah! Maar…, maar mijn bestanden, die zijn nu natuurlijk allemaal weg.’ ‘Nee, hoor,’ antwoord ik troostend, ‘die zijn allemaal bewaard gebleven. Maar je moet voortaan toch maar tijdens het werken kopietjes gaan maken op een usb-stick. Zo’n gigaboekenkastje kost heus bijna niks!’ Ik weet dat de grens tussen geniaal en gestoord moeilijk valt te trekken, maar toch. Laatst, toen ik weer eens voor helpdesk had gespeeld, kreeg ik toch zó’n prachtig idee! Waarom zou iets dat bij een apparaat werkt, ook niet op mensen toegepast kunnen worden, dacht ik. Stel: bij de zoveelste poging om het tuimelraam in je keuken te repareren, val je opeens van dat keukenkrukje af en breek je je linkerpols. Wat een ellende. Maar… Dan schakel je je eigen systeemherstel in en ga je terug naar een half uurtje geleden, toen er nog niks aan de hand was. Even rustig wachten, dan jezelf weer opstarten en… héél is je pols, weer helemaal heel! En het mooiste is misschien wel dat al je geheugenbestanden bewaard zijn gebleven, zodat je nu dúbbel gelukkig bent met je eigen vertrouwde horlogepols! Natuurlijk begint bijna iedereen onmiddellijk tegenwerpingen te verzinnen als ik mijn plan gedreven en enthousiast uitleg. Dat doen al die inmiddels steenrijke presentatoren op de televisie toch ook? Nooit eens even meedenken met een baanbrekende gast, maar direct in het wilde weg gaan tegenspreken. Maar toch heb ik een groen denktankje gekocht dat nu met zijn rug tegen de appelboom in mijn achtertuintje staat. Nog nooit is de naderende meimaand zo rijk aan beloftes geweest. Wie zal ik eerst eens uitnodigen: de huisarts of die fysicus bij wie ik vroeger in de klas heb gezeten. Ik nader het record polsstokhoogspringen met het ene idee na het andere. Zo’n tsunami en de daaraan voorafgaande aardbeving moet je natuurlijk ook kunnen terugdraaien, evenals al die orkanen of tyfonen. Niet voor niets heeft de hoogbejaarde dichter Leo Vroman, die van huis uit een gerespecteerd bioloog is, op den duur zijn geloof in een persoonlijke God vervangen door het geloof in een bovenmenselijk en allesomvattend Systeem, dat hij in zijn werk consequent met een hoofdletter aanspreekt. En zodra er sprake is van een systeem, behoort systeemherstel tot de mogelijkheden. In principe, zeggen wetenschapsbeoefenaren dan voorzichtig. Maar, als je de tijd gaat terugdraaien om een systeem te herstellen, dan… Ineens zit ik, omdat het nu alweer bijna mei is, midden in de oorlogsherdenkingen. Zou je ook oorlogen kunnen terugdraaien, liefst gruwelijke wereldoorlogen? Ik begin steeds koortsachtiger te denken en zit te trillen op mijn denktankstoel. Maar dan, maar dan. Je draait een oorlog terug en komt dus weer terecht in de situatie waaruit die oorlog ooit is voorgekomen. Dan kom je bijvoorbeeld weer terecht in de tijd dat het fascisme en het nazisme steeds meer aanhangers begonnen te krijgen. En voordat je het weet, kom je dan weer midden in de Eerste Wereldoorlog terecht. Het is maar een voorbeeld, nog los van de vraag wat je bij al dat terugdraaien moet aanvangen met al die mensen die onverbrekelijk verbonden zijn met die elkaar opvolgende gebeurtenissen. En neemt dan ook de tuberculose de plaats van de kanker weer in en… Ik begin helemaal duizelig te worden en met een klap val ik op de grond. Au, au, mijn pols. Het was toch voorjaar en bijna mei? In de verte hoor ik het Lied van de aarde van Gustav Mahler klinken. Eerst dat Drinklied op aardse ellende. En even daarna hoor ik (ook in de hertaling van Jan Rot) het lied Dronkenman in mei. In mei! Dat kan geen toeval zijn. Als maar een droom het leven is ‘Meneer, gaat het een beetje’, hoor ik een zachte stem zeggen. O jee, als dat maar geen verpleegster is… Ick Sing Meer artikelen door Redactie Historiën:
|
|
|
|
|
| |