Column: Hoe groot was Karel de Grote?

Toen ik laatst naar de quiz Per seconde wijzer zat te kijken, moest een kandidaat de voornamen noemen die hoorden bij de bijnamen van historische personen. Onmiddellijk deed ik mee. De Zwijger? Willem! De Verschrikkelijke?

Ruiterbeeld_Karel_de_Grote

Bronzen ruiterbeeldje dat Karel de Grote zou voorstellen (Louvre Parijs).

Iwan! De Vrome? Lodewijk! Enzovoorts. Maar… De Bloedige? Evenals de kandidaat viel ik stil. ‘Maria,’ vulde de quizmaster aan, ‘Bloody Mary’. Lag het nu echt aan mij dat ikhaar bijnaam alleen in het Engels kende?

Ja, Karel de Grote was natuurlijk een makkie geweest. Maar ofschoon hij nu al 1200 jaar geleden is gestorven, krijg ik nog altijd een vervelend gevoel bij het horen van die naam. Ik heb nu eenmaal een hekel aan al die koningen en keizers die door de eeuwen heen op grote schaal aan landjepik hebben gedaan. Nóg weer een stad innemen, een gebied erbij veroveren, een volk onderwerpen, een mooie ketting omhangen en een nieuw kasteel inrichten… Wat een doden en gewonden heeft dat niet allemaal gekost en hoeveel mensen zijn er niet in de problemen geraakt door al die veldtochten. En na verloop van tijd stort zo’n groot rijk toch altijd weer in elkaar, wat dan weer nieuwe ellende tot gevolg heeft. Koning, keizer, admiraal, popla kennen ze allemaal.

Eigenlijk is er nog een andere reden waarom ik Karel de Grote geen groot man vind, of hij nu 1.92 meter lang is geweest of niet. Toen hij nog een jongen was en thuis in Ingelheim woonde, raakte hij verliefd op een heel bijzonder meisje, dat een jaar of vijf, zes jonger was dan hij. Himiltrude heette ze, ook wel eens gespeld als Chimiltrude. Ze waren gek op elkaar en gaven elkaar dus al gauw hun jawoord, al dan niet bezegeld door een hogere instantie. Het was echt een prachtige jeugdliefde en daar gaat niets boven. Al gauw kregen ze twee kinderen: een dochter (Alpais?) en een zoon (Pepijn de Gebochelde). Maar wat deed koning Karel toen hij een jaar of twee- drieëntwintig was? Hij verstootte Himiltrude en zette haar af bij een kloosterpoort om een staatkundig voordelig huwelijk te kunnen sluiten met de dochter van de koning der Longobarden, meestal Desiderata genoemd. Zij werd de eerste van zijn vier onomstreden wettige echtgenotes, die overigens een reeks concubines voor lief moesten nemen.

Beeld van Eugène Oudiné (Jardin du Luxembourg). Bron: Wikipedia

Beeld van Eugène Oudiné (Jardin du Luxembourg). Bron: Wikipedia

Jammer genoeg had ik nooit een afbeelding van Himiltrude kunnen vinden en het negentiende-eeuwse beeld dat ik na lang zoeken laatst op het internet zag staan, lijkt toch eerder Karels moeder Bertrada dan Himiltrude voor te stellen. Gelukkig heb ik nog wel een stukje tekst over haar bewaard dat ik lang geleden zónder bronvermelding heb overgeschreven en nog steeds in mijn bureaulade bewaar, samen met andere papieren waar ik erg aan gehecht ben. Ik citeer:

Her neck was tinged with a delicate rose, like that of a Roman matron in former ages. Her locks were bound about her temples with gold and purple bands. Her dress was looped up with ruby claps. Her coronet and her purple robes gave her an air of surpassing majesty.

Wat ik mij ook nog herinner uit mijn schooltijd is het middeleeuwse verhaal Karel ende Elegast, dat ook nu nog door veel scholieren op hun leeslijst wordt gezet: een ‘fraeye historie’, zoals de tekst zelf zegt, ‘ende al waer’! Ook toen vond ik die Karel al iemand die echt niet deugde. Dat hij, na lang aarzelen, op het bevel van een engel toch maar uit stelen ging, kon ik nog wel begrijpen. En dat hij met een in het zwart geklede ridder een tweegevecht begon om uit te maken wie het eerst moest zeggen hoe hij heette, was toen nu eenmaal traditie. Maar dat koning-keizer Karel toen zomaar een naam verzon, terwijl de trouwe ridder Elegast die hij ooit veel te zwaar voor een fout had gestraft, wél eerlijk zei hoe hij heette, voorspelde weinig goeds. Uiteindelijk bleef Karel zelf veilig buiten wachten, terwijl Elegast de slaapkamer van Karels zwager Eggeric binnensloop en daar hoorde dat die aan zijn vrouw vertelde dat hij Karel wilde gaan vermoorden. Toen Eggeric later werd opgepakt en alles ontkende, was het weer Elegast die voor Karel het vuile werk mocht opknappen door met Eggeric een tweegevecht aan te gaan waarvan de uitslag als een ‘godsoordeel’ zou gelden. Nadat Eggeric had verloren en vrijwel dood aan de galg kwam te hangen, werd Elegast niet alleen uitbundig geprezen en in ere hersteld. Karel gaf hem bovendien plompverloren Eggerics echtgenote als vrouw. Hij informeerde niet eens bij zijn zus hoe het met haar ging nu zij in zo’n korte tijd zoveel had moeten verwerken, laat staan dat hij nadacht over wederzijdse liefde als basis voor een huwelijk. Nee, eeuwenlang hebben zulke menselijke vragen in vorstelijke kringen niet ter zake gedaan.

Opeens wil ik nu weer eens in de buurt van een paleis of een landgoed gaan zoeken naar dat wonderkruid dat Elegast indertijd eerst in zijn eigen mond had gestopt om te kunnen horen wat de dieren tegen elkaar zeiden en, na het even uitgeleend te hebben aan Karel, weer stiekem had teruggepikt uit de mond van die pseudo-inbreker. Ik ben nu eenmaal nog altijd nieuwsgierig naar vorsten.

Ick Sing

Zie voor de naam van de hierboven afgebeelde vrouwenfiguur resp. http://voorennageslachtkareldegrote@blogspot.com en https://wikipedia.com.

Schrijf je in voor TOEN!