Column: intimiteit en vertrouwelijkheid

In de politiek speelt de vraag of Justitie bij de opsporing van misdadigers in de databanken van ziekenhuizen gericht mag zoeken naar hun DNA. Hier en daar wordt zelfs al de suggestie gedaan dat het heel zinvol zou zijn als álle burgers hun DNA moeten laten opslaan. Nee, ik ben daar niet voor. De erfelijke informatie die in die moleculen zit opgeslagen, is van mij en van niemand anders. Alleen ikzelf beslis of ik zo’n onderzoek wil laten doen i.v.m. met een of andere kwaal of afwijking, ook al weet je nooit wat er nog allemaal met die gegevens kan gebeuren… Wat is een medisch beroepsgeheim immers waard wanneer je ’s avonds bij het thuiskomen direct tegen je echtgenote kunt zeggen: ‘Die vrouw aan de overkant is al ruim drie maanden zwanger van een tweeling!’ En zou een strafadvocaat echt nooit laten uitlekken van welke boevenminaars de zus van Dino S. foto’s heeft.

Los daarvan: ieder mens kent speciale gevoelens en gedachten. Je zou denken dat je die niet zomaar aan anderen prijsgeeft, maar in eerste instantie bijvoorbeeld alleen aan familieleden of aan enkele goede vrienden en vriendinnen. Maar ik vrees dat dat toch een illusie is, al blijf ik mij er nog keer op keer over verbazen dat de meeste mensen er geen moeite mee hebben zowel in kranten en tijdschriften als in radio- en televisie-uitzendingen van alles en nog wat over zichzelf naar buiten te brengen. BinnensteBuiten zou een mooie naam zijn geweest voor een programma daarover, als die niet al gegeven was aan uitzendingen die gericht zijn op speciale interieurs en tuinen. Want denk eens aan de uiterst populaire social media, met als uitschieter de ruim 9,6 miljoen gebruikers van Facebook, die niet erg kieskeurig zijn bij het toelaten van iemand tot hun vriendengroep. Tja, wat is er nog privé. En tegelijkertijd geldt ook: wat is er leuker dan roddels als het om een bekend iemand gaat, zoals een lid van het koningshuis, een bekende televisiester, een beroemde sportman.

Maar ook als je denkt dat jij jezelf goed afgeschermd hebt, blijkt dat steeds weer een illusie te zijn. Al je telefoongesprekken worden bijvoorbeeld opgenomen en je provider weet precies naar welke programma’s je kijkt en welke programma’s je opneemt. Waar je met de trein, de bus of de tram naartoe gaat, houdt je ov-chipkaart nauwkeurig bij en ook auto’s kunnen tot op zekere hoogte tijdens hun route gevolgd te worden. Via het LSP (= Landelijk Schakel Punt) kunnen huisartsen en apothekers medische gegevens van patiënten inzien en het heeft nogal wat consequenties als jij daarvoor geen toestemming geeft. En wat er niet allemaal met je vertrouwelijke mailtjes en de geheime rapporten over jou kan gebeuren…

De bekende televisiejournaliste Mariëlle Tweebeeke. Foto Koninklijk Huis. Bron: wikimedia commons.

Wat mij vaak opvalt, is dat journalisten graag zo snel mogelijk iemands privéleven ter sprake brengen. Tijdens een gesprek met een politicus over de problemen bij de kinderopvang, wordt bijvoorbeeld al gauw gevraagd of hij zijn kinderen zelf van school haalt of dat zijn vrouw laat doen. En bij een beslissende wedstrijd van Feyenoord moet ook de burgemeester al gauw bekennen welk drankje hij in zijn binnenzak wil verstoppen.

Eigenlijk zou iedereen die in het nieuws komt een soort scholing moeten volgen. Wat volgens mij allereerst aan de orde moet komen is de manier waarop je persoonlijke vragen het beste direct kunt afwimpelen. Heel effectief is dan onmiddellijk glimlachend ‘ja, ja’ knikken en dan direct tegen de televisiejournalist zeggen ‘Maar waar het hier om gaat is…’

Jan Steen, Het toilet (1655-1660). Bron: Wikipedia commons.

Wat ik een moeilijke vraag vind is in hoeverre intimiteit en vertrouwelijkheid moderne begrippen zijn. Familiegeheimen hebben volgens mij al eeuwenlang bestaan en bereikten een hoogtepunt in de tijd van de schrijver Couperus. En ik herinner me vaag dat twee filosofen uit de zeventiende eeuw elkaar toevertrouwden met welke onderwerpen zij zich zouden gaan bezighouden. O ja, en in die beroemde Middelnederlandse ridderroman moet de ridder Elegast ’s nachts uit stelen gaan om stiekem te vernemen dat de zwager van Karel de Grote van plan is hem te vermoorden. Nog mooier vind ik de legende over zuster Beatrijs, die wegvlucht uit het klooster om een werelds leven te gaan leiden, maar bij haar terugkeer merkt dat de Heilige Maria zo lang stiekem haar plaats heeft ingenomen.

Wat is het toch heerlijk dat er boeken bestaan waarin al die intieme verhalen bewaard zijn gebleven. En draaien moderne soaps ook niet altijd grotendeels om geheimen die na zevenentwintig afleveringen uitlekken? Zonder lekkages wordt het leven wel erg saai. Ofschoon…

Ick Sing

Schrijf je in voor TOEN!