De graven van Blois, heren van Schoonhoven en Gouda

De bloei van de Hollandse steden Schoonhoven en Gouda in de veertiende eeuw is terug te voeren op internationale gebeurtenissen en de familiegeschiedenis van het huis Beaumont-Blois.

De graafschappen Holland en Zeeland waren door een personele unie verbonden met het graafschap Henegouwen, nu een Frans-Belgisch grensgebied. Een personele unie houdt in dat zelfstandige staten onder één staatshoofd vallen. Graaf Willem III (1287-1337) heerste over de landen. Dankzij het koppelen van zijn kinderen aan de juiste huwelijkskandidaten en zijn diplomatieke gaven speelde hij een belangrijke rol in de Europese politiek. Willem verbleef veel in Henegouwen, zijn jongere broer Jan van Beaumont was juist vaak in Holland. Deze Jan wordt in 1308 heer van Schoonhoven en Gouda. Hij stierf in 1356. Zijn dochter en schoonzoon waren eerder overleden. Zijn kleinzoon Jan van Blois erfde het heerschap over de twee steden.

Jan van Blois

Over Jan van Blois (†1381) en zijn broer Guy (†1397) en hun band met Schoonhoven en Gouda heeft dhr. H.A. Verhoef het boek De graven van Blois, heren van Schoonhoven en Gouda geschreven. Dankzij de transcriptie van hun rekeningen heeft hij een beeld kunnen schetsen van de activiteiten die het verblijf van de heren van Blois teweegbracht. Centraal in het boek staat het verblijf van Jan in het kasteel van Schoonhoven.

Blauwvoetsperwer

Het begint al bij zijn aankomst:

“Als jonker Jan van Blois in Schoonhoven is aangekomen, wordt hij feestelijk ontvangen en er worden hem veel geschenken gebracht. Zo zijn er van de heer van IJsselstein een paar herten, twee honden van Heinric de Cureit, parochiepriester te Schoonhoven, van de heer van Brederode een blauwvoetsperwer, de tollenaar van Ammers schonk twee flessen wijn, de prior van de Karmelieten te Schoonhoven kazen en van jonkvrouwe Johanna, zijn tante, zijn er rosfiolen, dat zijn taartjes met notenvulling, appels en andere dingen.”

Kasteel Schoonhoven

Jan kiest het kasteel van Schoonhoven als zijn hoofdresidentie en dat blijft zo, ook als Gouda in de loop van de veertiende eeuw in economisch opzicht belangrijker wordt. Het verblijf van Jan blijkt een grote impuls te geven aan de bedrijvigheid. Er zijn grootschalige verbouwingen aan het kasteel. Ook hebben de cateraars het druk. “Op 19 januari 1360 worden in Schoonhoven veertien zijden spek gekocht en negen schapen om te zouten en op 14 mei in Leiden op de markt nog eens vijftien schapen.” Ook muzikanten en herbergiers profiteren van de aanwezigheid van het hof.

Ruïne

De auteur zorgt ervoor dat zaken die in de laatmiddeleeuwse rekeningen staan duidelijk worden voor de lezer door deze uit leggen. Ook zorgen de vele kleurenillustraties –hoewel niet altijd eigentijds- voor verduidelijking. De opzet is chronologisch waardoor je de activiteiten van Jan -zo mengde hij zich in de opvolgingsstrijd om het Gelderse hertogdom- en de ontwikkeling van het kasteel –dat uiteindelijk in de eerste helft van de zestiende eeuw tot een ruïne zou vervallen- van jaar tot jaar volgt. Door de chronologische aanpak is er wel enigszins een opsomming van gebeurtenissen ontstaan. Doordat de gebeurtenissen in Schoonhoven en in mindere mate Gouda centraal staan, is niet duidelijk of wat er gebeurt aan het hof van Jan van Blois uitzonderlijk is of dat het in de context van de tijd gewoon is. Zijn de schenking van een blauwvoetsperwer, de aanschaf van 24 schapen in een week of het nuttigen van reizigers bijzonder of was dat gewone kost voor een edele van Jans stand?

Stadsgeschiedenis

Doordat het geen vergelijkend onderzoek is, is het vooral een boek voor liefhebbers van regionale geschiedenis. Hiervoor is het door de uitgever, Historische Uitgaven Schoonhoven, ook vast bedoeld. Om op een mooie lentedag met een kop koffie aan de Lek te zitten met dit mooi vormgegeven boek in handen om terug te gaan naar een gouden eeuw uit de stadsgeschiedenis, lijkt mij een vorstelijk droombeeld voor de Schoonhovenaar.

H.A. Verhoef

De graven van Blois, heren van Schoonhoven, Dagelijks leven aan het Hof opgetekend uit de middeleeuwse jaarrekeningen

(Schoonhoven 2016)
ISBN 9789082309522, 248 p. (hardcover)
Historische Uitgaven Schoonhoven

Leon Mijderwijk

Leon Mijderwijk (1975) studeerde voor Leraar Geschiedenis 2e graads aan de HU en deeltijd Geschiedenis aan de Universiteit van Utrecht. Zijn aandacht gaat uit naar de vroege middeleeuwen, in het bijzonder van Engeland. Hij schreef artikelen en recensies voor Westerheem, Archeologie Magazine, So British & Irish, Muntkoerier en Filatelie. Leon is redactiemedewerker van het Detectormagazine en Historiën-redacteur. Hij onderhoudt contact met diverse uitgeverijen, archeologen en historici.

More Posts

Schrijf je in voor TOEN!