De tijdgenoten van Nijenbeek

Nijenbeek1De Nijenbeek is oud, maar het kasteel heeft ook een aantal bekende tijdgenoten. In dit artikel schetst Yuri van Tongeren een beeld van de tijdgenoten van Nijenbeek.
Kasteel de Nijenbeek te Voorst. Foto: Jeroen Pater

Kasteel de Nijenbeek te Voorst. Foto: Jeroen Philippona

Als er over de middeleeuwen gesproken wordt, maken woorden als ‘kasteel’ en ‘burcht’ al snel deel uit van het gesprek. En niet onterecht. Tijdens de middeleeuwen zijn in Europa talloze bouwwerken verrezen die als kasteel, burcht of fort kunnen worden aangeduid. Niet voor niets, gezien de politieke en militaire aard van de middeleeuwen. Het was een tijd waarin lokale heersers elkaar het leven zuur maakten, koningen probeerden hun vazallen onder controle te houden en Europa een lappendeken was van kleine politiek-economische centra waarvan het kasteel doorgaans het middelpunt vormde. Het kasteel was daarmee niet alleen een gebouw dat bescherming bood, maar ook een centrum van waaruit het omliggende landschap werd bestuurd en handelaren en kooplui samenkwamen.

 Ondanks dat kastelen vooral vanaf de twaalfde eeuw in gebieden als Frankrijk, Engeland en Vlaanderen als paddenstoelen uit de grond leken te schieten, bleef het in het huidige Nederland lange tijd relatief rustig op dit gebied. Het drassige land was vaak ongeschikt om zware stenen gebouwen op te bouwen, steen moeilijk aan te komen in de tijd voor het uitvinden van de zogenaamde ‘Kloostermoppen’ (zie het artikel van 17 juni) en tot ver in de middeleeuwen waren grote delen van de noordelijke Nederlanden economisch en politiek nog weinig ontwikkeld. Het mag duidelijk zijn dat Nederland, met zijn VOC, beroemde prinsen en raadspensionarissen, herenhuizen en handelsgeest, zijn gouden tijden pas in latere eeuwen beleefde. Niettemin deed het kasteel op den duur ook in Nederland zijn intrede. De Nijenbeek is een prachtig voorbeeld van ontwikkelende kastelenbouw in de noordelijke Nederlanden, maar dit alleen maakt het kasteel nog niet uniek. Ook in ons land zijn er nog enkele tijdgenoten van de Nijenbeek te vinden die voor de 21e-eeuwse mens een mooi beeld schetsen van de middeleeuwse militaire bouwkunst.

 De tijdgenoten van de Nijenbeek

De eerste tijdgenoot van de Nijenbeek, kasteel Rosendael, vertoont ook meteen een groot verschil met de burcht in Voorst. De Nijenbeek, gebouwd aan het begin van de dertiende eeuw, kenmerkt zich door de vierkante woontoren (donjon) die het centrum van de burcht vormt. Kasteel Rosendael, gelegen in het gelijknamige dorp nabij Velp, heeft juist een ronde woontoren. Vanaf de twaalfde eeuw werd het principe van de vierkante donjon langzaamaan verlaten ten gunste van een ronde vorm. Ronde torens waren stabieler, konden moeilijker worden ondergraven en boden door hun vorm een effectievere bescherming tegen projectielen, afkomstig van belegeringswerktuigen. Niet verwonderlijk dus dat in de latere middeleeuwen de ronde toren dominant werd in de kastelenbouw. Kasteel Rosendael, gebouwd in de vroege veertiende eeuw – en daarmee zo’n 70 jaar later dan de Nijenbeek – is een mooi voorbeeld van deze bouwkundige ontwikkeling. Ondanks deze verschillen zijn beide kastelen voorbeelden van burchten die rondom een centrale donjon werden gebouwd. Een andere overeenkomst tussen de beide kastelen is dat zij beiden jarenlang in bezit zijn geweest van de graven en hertogen van Gelre.

Van kasteel Lunenburg bij Wijk bij Duurstede is niet helemaal duidelijk wanneer het gebouwd is, maar aangenomen wordt dat dit rond 1300 geweest moet zijn. Het kasteel kan zich haast de tweelingbroer van de Nijenbeek noemen. Niet alleen is de Lunenburg qua vorm – hoewel kleiner – vrijwel gelijk aan de Nijenbeek, ook qua lotgevallen is er een belangrijke overeenkomst. Beide kastelen werden het slachtoffer van het geweld van de Tweede Wereldoorlog. De donjon bleef echter grotendeels gespaard en werd in de late jaren ’60 gerestaureerd, zodat zij ook vandaag de dag nog te bewonderen is.

Kasteel Duurstede is eveneens een mooi voorbeeld van een dertiende-eeuwse vierkante donjon. Hoewel de donjon in de loop der eeuwen werd geïntegreerd in een groot complex van torens en zalen, werd dit grotendeels verwoest na het rampjaar 1672, toen de bewoners van Wijk bij Duurstede de stenen van het kasteel gebruikten om hun door de Fransen verwoeste stad weer op te bouwen. Vandaag de dag staan hoofdzakelijk de oorspronkelijke donjon en de 15e-eeuwse ronde Bourgondische toren nog overeind. Gebouwd rond 1270 is de donjon bijna zo oud als de Nijenbeek.

Kasteel Den Ham is een vreemde eend in de bijt in het Nederlandse kastelenlandschap. Rond 1260 werd het kasteel gebouwd nabij Vleuten, waarbij een vierkante donjon de kern van het kasteel vormde. Zoals meestal gebeurde, werd ook bij Den Ham het kasteel al snel na de oprichting van de woontoren uitgebreid. Een woonvleugel werd naast de donjon gebouwd. Maar dat was niet alles. Tegen het uiteinde van de woonvleugel werd een tweede toren opgericht, die uiteindelijk hoger werd dan de donjon en ook een groter oppervlak had. De donjon had met deze beide aanbouwen dus zowel zijn primaire woonfunctie als zijn rol als belangrijkste verdedigingstoren verloren. Anno 2009 steekt nog altijd de later gebouwde, 34 meter hoge ‘Hamtoren’ boven de boomtoppen uit: de donjon werd rond 1870 gesloopt.

De laatste van de hier besproken tijdgenoten van de Nijenbeek is Kasteel Ravesteijn. Hoewel het nu helaas deels tot ruïne vervallen is, was Ravesteijn eens een prachtige burcht. Wat Ravesteijn onderscheidde van veel andere kastelen is dat de donjon een mix was van ronde en vierkante vormen. De woontoren op zich was als vierkant gebouwd, terwijl de hoeken waren getooid met ronde hoektorens. Van kasteel Ravesteijn is bekend dat het eerst van hout was en pas in de tweede helft van de dertiende eeuw in steen gebouwd werd. Helaas werd de burcht tijdens de 80-jarige oorlog door de geuzen platgebrand, waardoor een deel van de woontoren ernstig beschadigd werd en in latere tijden verder in verval raakte. Gelukkig werd het kasteel in de jaren ’60 geconsolideerd waardoor het nu nog steeds voor het publiek toegankelijk is.

Uniek?

Het mag duidelijk zijn dat Nederland, hoewel het tot late middeleeuwen een naar verhouding onbelangrijke regio was, in de loop der eeuwen toch een aantal bijzondere kastelen rijker werd. Ook na de dertiende eeuw werden er nog vele kastelen gebouwd in ons land. Ieder kasteel heeft zijn eigen karakter, zowel in uiterlijk als in geschiedenis. De Nijenbeek kent evenzoveel overeenkomsten als verschillen met zijn tijdgenoten. Bijzonder is uiteraard zijn verleden, met prachtige verhalen zoals dat van de Dikke Hertog en tragische dieptepunten, zoals het bombardement dat leidde tot de verwoesting van een groot deel van het kasteel. Maar niet minder bijzonder is zijn prachtige ligging aan de IJssel. Nederland, hoewel rijk aan water en ‘waterburchten’, heeft nog maar weinig kastelen die op deze wijze het rivierlandschap verrijken. Daarnaast is de Nijenbeek zelfs in gezelschap van zijn tijdgenoten nog oud te noemen. Het kasteel mag daarom voor het Nederlandse landschap gerust een uniek bouwwerk genoemd worden. En daarmee is het historisch gezien te belangrijk om verloren te laten gaan.

Website Werkgroep Nijenbeek

Geef een reactie