<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Historiën</title>
	<atom:link href="http://www.historien.nl/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.historien.nl</link>
	<description>Hier wordt geschiedenis geschreven</description>
	<lastBuildDate>Sun, 13 May 2012 21:20:41 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.3.1</generator>
		<item>
		<title>&#8216;Met stille trom&#8217; op Tong Tong Fair</title>
		<link>http://www.historien.nl/met-stille-trom-op-tong-tong-fair/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/met-stille-trom-op-tong-tong-fair/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 13 May 2012 21:20:41 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Ivo Sicking</dc:creator>
				<category><![CDATA[Persberichten]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=20194</guid>
		<description><![CDATA[Op het Malieveld in Den Haag wordt van 17 t/m 28 mei 2012 weer het Tong Tong Festival gehouden. In het Cultuurpaviljoen is dan ook een speciale tentoonstelling te zien: Met stille trom; F. Springer en het einde van Nieuw-Guinea. De expositie toont foto’s, voorwerpen en documenten uit de privé-collectie van schrijver F. Springer (pseudoniem van [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div id="attachment_20198" class="wp-caption alignright" style="width: 378px"><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2012/05/03-IA-EW_expo_Baliemvallei_c_1961-1024x720.jpg"><img class=" wp-image-20198  " title="Carel Schneider" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2012/05/03-IA-EW_expo_Baliemvallei_c_1961-1024x720.jpg" alt="" width="368" height="259" /></a><p class="wp-caption-text">Carel Schneider in de Baliemvallei. Foto: erven Springer</p></div>
<p>Op het Malieveld in Den Haag wordt van 17 t/m 28 mei 2012 weer het Tong Tong Festival gehouden.</p>
<p>In het Cultuurpaviljoen is dan ook een speciale tentoonstelling te zien: <a href="http://tongtongfair.nl/expositie-met-stille-trom-f-springer-en-het-einde-van-nieuw-guinea/" target="_blank"><em>Met stille trom; F. Springer en het einde van Nieuw-Guinea</em></a>. De expositie toont foto’s, voorwerpen en documenten uit de privé-collectie van schrijver F. Springer (pseudoniem van Carel Schneider). De tentoonstelling neemt de bezoeker mee naar de Baliemvallei en geeft een beeld van het werk en dagelijks leven van bestuursambtenaar Schneider en zijn contacten met de plaatselijke Papoea-bevolking, de Dani’s, in de laatste maanden van het Nederlands bestuur in de vallei.<br />
Op zondagmiddag 20 mei worden zowel samenstelster Liesbeth Dolk als de zoon van de in 2011 overleden schrijver over dat onderwerp geïnterviewd.</p>
<p>De Tong Tong Fair bestaat verder uit de beroemde <a href="http://tongtongfair.nl/grand-pasar/" target="_blank">Grand Pasar</a> met het <a href="http://tongtongfair.nl/grand-pasar/indonesie-paviljoen/" target="_blank">Indonesië-Paviljoen</a>, de <a href="http://tongtongfair.nl/culinair/" target="_blank">Eetwijk</a>, met tientallen Aziatische restaurants en waroengs, en het internationale <a href="http://tongtongfestival.nl/" target="_blank">Tong Tong Festival</a>, een cultureel programma rond de mix van Oost en West in podiumkunsten, exposities, gesproken woord en actualiteit.</p>
<p><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2012/05/Poster-54e-Tong-Tong-Fair.jpg"><img class="alignright size-full wp-image-20195" title="Poster-54e-Tong-Tong-Fair" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2012/05/Poster-54e-Tong-Tong-Fair.jpg" alt="" width="213" height="300" /></a>Zie verder: <a href="http://www.tongtongfair.nl" target="_parent">www.tongtongfair.nl</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/met-stille-trom-op-tong-tong-fair/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Interview ex-coureur Thierry Boutsen</title>
		<link>http://www.historien.nl/interview-ex-coureur-thierry-boutsen/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/interview-ex-coureur-thierry-boutsen/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 13 May 2012 20:22:28 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Paul Prillevitz</dc:creator>
				<category><![CDATA[Sport, ontspanning en vrije tijd]]></category>
		<category><![CDATA[sporters]]></category>
		<category><![CDATA[Voorpagina]]></category>
		<category><![CDATA[autosport]]></category>
		<category><![CDATA[Formule 1]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=20112</guid>
		<description><![CDATA[Een grote sport waarin België veel succesvoller was dan Nederland is de Formule 1 autosport. Thierry Boutsen  reed jarenlang mee in de top. Een interview met Boutsen over zijn carrière , zijn successen en over hetgeen hij tegenwoordig doet.F1: Hoge snelheden, brandend rubber en gierende motoren Interview met ex F1-coureur Thierry Boutsen: &#8221;Een F1-racer denkt niet na [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignleft" style="float: left; margin-left: 10px; margin-right: 10px; border: 1px solid black;" src="http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/thumb/1/16/Boutsen_Arrows_A7_1984_Dallas_F1.jpg/800px-Boutsen_Arrows_A7_1984_Dallas_F1.jpg" alt="Boutsen" width="120" height="90" />Een grote sport waarin België veel succesvoller was dan Nederland is de Formule 1 autosport. Thierry Boutsen  reed jarenlang mee in de top. Een interview met Boutsen over zijn carrière , zijn successen en over hetgeen hij tegenwoordig doet.<span id="more-20112"></span><em><strong><img class="alignright" style="float: right; margin-left: 5px; margin-right: 5px;" src="http://www.ndo911.be/foto_autograph/boutsen07.jpg" alt="Thierry" width="300" height="441" />F1: Hoge snelheden, brandend rubber en gierende motoren</strong></em></p>
<p><strong>Interview met ex F1-coureur Thierry Boutsen:</strong><strong> &#8221;Een F1-racer denkt niet na over de dood want dan zou hij niet meer racen&#8221;</strong></p>
<p>België staat misschien niet direct bekend als een groot sportland, maar dat is slechts schijn. De laatste jaren waren onze zuiderburen  namelijk uitermate succesvol in grote wereldsporten als tennis en wielrennen. Een andere grote sport waarin België veel succesvoller was dan Nederland is de Formule 1 autosport. Jacky Icxk streed jarenlang mee om de wereldtitel, maar ook zijn landgenoot Thierry Boutsen  reed mee in de top (bij de teams van Arrows, Benetton, Williams, Ligier en Jordan). Een interview met Boutsen over zijn carrière , zijn successen en over hetgeen hij tegenwoordig doet.</p>
<p><strong>In welk deel van Brussel bent u geboren en in welke buurt woonde u?</strong></p>
<p>&#8220;Ik ben geboren in Elsene waar ik woonde tot mijn 6e. Vervolgens vertrok ik naar Sint-Stevens Woluwe (Woluwe Saint Etienne). Toen ik 26 was, ben ik naar Monaco verhuisd.&#8221;</p>
<p><strong>Op welke leeftijd  bent u begonnen met racen?</strong></p>
<p>&#8220;Toen ik 18 was, bij de Racing School André Pilette.&#8221;</p>
<p><strong>Heeft u goed gepresteerd in alle categorieën waarin u reed?</strong></p>
<p><strong> </strong>&#8220;Ik geloof dat ik wedstrijden gewonnen heb in alle categorieën waarin ik deelnam: FFord, FSFord, F3, F2, F1, toerwagens, groep C, GT-One etc.&#8221;</p>
<p><strong>Welke categorie vond u het boeiendst om in te rijden en waarom?</strong></p>
<p><strong> </strong>&#8220;Ieder van hen, anders zou ik niet in die klassen gereden hebben &#8230; &#8221;</p>
<p><strong>Wat is de mooiste en/of de belangrijkste overwinning van uw carrière</strong>?</p>
<p>&#8220;Opnieuw allemaal. Een speciaal gevoel gaf wel mijn eerste FFord overwinning. Het was de eerste zege uit een lange serie.&#8221;</p>
<p><strong><img class="alignright" style="float: right;" src="http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/3/3d/Thierry_Boutsen_1988_Canada_2.jpg" alt="Boutsen" width="300" height="225" />Waren er momenten in uw carrière dat u dacht dat uw dood nabij was?</strong></p>
<p>&#8220;Ik ben een groot voorstander van het leven. Ik heb risico&#8217;s genomen en had ook ongevallen, maar nooit dacht dat ik dicht bij het einde was &#8230;&#8221;</p>
<p><strong>Wat doe en denk je als coureur tijdens zo&#8217;n zware crash?</strong></p>
<p>&#8220;Het eerste wat je doet als je een ongeval hebt, is om te proberen de motor opnieuw te starten om weer door te gaan met racen!&#8221;</p>
<p><strong>Heeft u ooit overwogen om met racen te stoppen omdat het te gevaarlijk werd?</strong></p>
<p>&#8220;Nee, ik ben gestopt omdat ik andere kanten van het leven wilde verkennen en om een iets regelmatiger leven te gaan genieten.&#8221;</p>
<p><strong>Spelen geluk en fortuin een rol tijdens F1-races? En op welke manier</strong>?</p>
<p>&#8220;Ik geloof niet in geluk. Geluk bestaat niet. Er komen miljoenen mogelijkheden voor je voeten in het leven. Je leven hangt af van welke mogelijkheid je kiest om te grijpen en hoe je daar mee omgaat. Het is dus helemaal aan jou en niet aan geluk.&#8221;<br />
<strong></strong></p>
<p><strong><img class="alignright" style="float: right;" src="http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/thumb/9/9b/Thierry_Boutsen_helmet.jpg/643px-Thierry_Boutsen_helmet.jpg" alt="Boutsen" width="300" height="279" />F1-coureur zijn is gevaarlijk. Leeft een F1-racer, omdat hij zich zo dicht bij de dood bevindt, daarom ook intenser dan andere mensen,?</strong></p>
<p>&#8220;Een F1-racer denkt niet na over de dood want dan zou hij niet meer racen. Hij rijdt vanwege het plezier. Dat plezier kan hem zitten in het neerzetten van goede prestaties, maar voor anderen kan hem dat ook zitten in de glamour van het racen.&#8221;</p>
<p><strong>Wat is de belangrijkste les die uw race-carrière u geleerd heeft? </strong></p>
<p>&#8220;Je bent slechts zo goed als je laatste race!&#8221;</p>
<p><strong>Bent u tevreden met wat u bereikt heeft tijdens uw F1-carrière?</strong></p>
<p>&#8220;Absoluut!  Zelfs vandaag de dag kan ik nog niet beseffen dat ik zo goed en zo lang heb geracet!&#8221;</p>
<p><strong>U heeft tegenwoordig een eigen bedrijf genaamd Boutsen Aviation. Is Boutsen Aviation een succesvol bedrijf?</strong></p>
<p>&#8220;We proberen elke dag succesvol te zijn. Onze business is &#8220;de verkoop en aankoop van zakenjets&#8221;. We zijn begonnen in 1997 en tot nu toe hebben we 228 Jets verkocht met een totale waarde van net iets meer dan 1 miljard US $. Ik ben trots dat mijn team deze prestatie geleverd heeft.&#8221;</p>
<p><strong>Wie kopen uw vliegtuigen?</strong></p>
<p>&#8220;Staatshoofden, publieke en private bedrijven, particulieren en chartermaatschappijen.&#8221;</p>
<p><strong>Bent u van plan om uit te breiden, of is dat moeilijk vanwege de financiële crisis?</strong></p>
<p>&#8220;We gaan voor het einde van het jaar kantoren openen in Dubai. Dat is een gebied waar we volgens mij de komende jaren groei zullen kunnen bereiken.&#8221;</p>
<p><strong><img class="alignright" style="float: right;" src="http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/thumb/1/16/Boutsen_Arrows_A7_1984_Dallas_F1.jpg/800px-Boutsen_Arrows_A7_1984_Dallas_F1.jpg" alt="Boutsen" width="300" height="197" />U hebt ook een race-team met de naam <em>Boutsen Energy Racing</em>. Bent u tevreden met de resultaten van uw team?</strong></p>
<p>&#8220;Ons doel is het bieden van mogelijkheden aan jonge racers om te beginnen met racen en deel te nemen aan wedstrijden. Onze eerste racer was Jerôme D&#8217;Ambrosio, die nu Formule 1- testrijder is bij Lotus en stand-in voor Kimi Raikkonen, &#8230; dus ja, ik ben tevreden.&#8221;</p>
<p><strong>Wat hoopt u in de toekomst te bereiken met uw race-team?</strong></p>
<p>&#8220;We hopen zo veel mogelijk nieuwe coureurs op weg te kunnen helpen in de racerij. Hopelijk kunnen we het succes-verhaal van  Jerôme D&#8217;Ambrosio nog vele malen herhalen.&#8221;</p>
<p><strong>Wat zijn uw doelen voor de toekomst op persoonlijk en professioneel niveau?</strong></p>
<p><strong> </strong><strong>&#8220;</strong>Ik geniet van wat ik op het moment doe, ik heb een geweldige familie en een goed en zeer interessant bedrijf. Wat kan ik nog meer wensen? Gezondheid! &#8221;</p>
<p><strong>Keert u ooit nog terug naar België of blijf u in Monaco wonen?</strong></p>
<p>&#8220;Ik heb geen plannen om te verhuizen.&#8221;</p>
<p><a href="http://www.boutsen.com" target="_blank">www.boutsen.com</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/interview-ex-coureur-thierry-boutsen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Column: Bij nader inzien</title>
		<link>http://www.historien.nl/column-bij-nader-inzien/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/column-bij-nader-inzien/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 13 May 2012 13:32:36 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie Historiën</dc:creator>
				<category><![CDATA[Column]]></category>
		<category><![CDATA[Nederlands Nieuw-Guinea]]></category>
		<category><![CDATA[Springer]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=20176</guid>
		<description><![CDATA[Vorige week heb ik mij verdiept in het tegelijkertijd oude en nieuwe boek van F. Springer, getiteld Met stille trom. Eigenlijk had dat al in 1963 moeten uitkomen, een jaar nadat de auteur  zelf was teruggekeerd uit het toenmalige Nieuw-Guinea.Ook dit jaar hebben de media zich in mei weer beziggehouden met verhalen en beschouwingen rond [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2012/05/Springer_Met_stille_trom_intro.jpg"><img class="alignleft size-full wp-image-20182" style="float: left; margin-left: 10px; margin-right: 10px; border: 1px solid black;" title="Springer_Met_stille_trom_intro" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2012/05/Springer_Met_stille_trom_intro.jpg" alt="" width="120" height="90" /></a>Vorige week heb ik mij verdiept in het tegelijkertijd oude en nieuwe boek van F. Springer, getiteld <em>Met stille trom</em>. Eigenlijk had dat al in 1963 moeten uitkomen, een jaar nadat de auteur  zelf was teruggekeerd uit het toenmalige Nieuw-Guinea.<span id="more-20176"></span><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2012/05/Springer_Met_stille_trom.jpg"><img class="alignright size-full wp-image-20179" title="Springer_Met_stille_trom" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2012/05/Springer_Met_stille_trom.jpg" alt="" width="363" height="565" /></a>Ook dit jaar hebben de media zich in mei weer beziggehouden met verhalen en beschouwingen rond de Tweede Wereldoorlog. Vaak keerde daarbij ook de vraag terug in hoeverre het voorbeeldig of juist erg afkeurenswaardig was geweest wat we toen gedaan en nagelaten hadden. Als je zo’n periode zelf niet hebt meegemaakt, vind ik dat woordje <em>we</em> vaak een beetje raar klinken. Ik kan me wel voorstellen dat je je achteraf sterk betrokken voelt bij het vroegere doen en laten van je ouders of andere naaste familieleden, maar in een overgeërfde collectieve verantwoordelijkheid geloof ik toch niet erg.</p>
<p>Wel betrap ik mezelf er nogal eens op dat ik mij bij het lezen over inmiddels al lang vervlogen tijden afvraag wat ik zelf gedaan zou hebben in een vroegere situatie én wat ik daar dan later, <em>bij nader inzien, </em>van zou vinden. Stel dat ik mij bijvoorbeeld in de loop van het jaar 1914 samen met een paar avontuurlijke vrienden had aangemeld voor het Vreemdelingenlegioen en een paar maanden later onverhoeds midden in de Eerste Wereldoorlog terecht was gekomen, zodat ik tijdens een steeds zinlozer loopgravenoorlog al schietend en schuilend de meest gruwelijke ervaringen had opgedaan. Hoe zou ik me dan voelen als ik daarna op 11 november mee mocht lopen over de Champs-Elysées, met een lapje voor m’n rechteroog en een medaille op m’n borst? En wat zou ik allemaal denken als ik jaren later op m’n eentje mijn aantekeningen uit die tijd nog eens zou overlezen?</p>
<p>Vorige week heb ik mij verdiept in het tegelijkertijd oude en nieuwe boek van F. Springer, getiteld <em>Met stille trom</em>. Eigenlijk had dat al in 1963 moeten uitkomen, een jaar nadat de auteur ‒ die eigenlijk C.J. Schneider heet ‒ zelf was teruggekeerd uit het toenmalige Nieuw-Guinea. Maar ofschoon hij de drukproeven al in huis had, zag hij ineens toch af van publicatie. Pas in 2011, een jaar voor zijn overlijden, kwam hij terug op dat vroegere besluit. Nadat hij zijn oude manuscript enigszins had bewerkt en er een voorwoord bij had geschreven, mocht een nieuwe uitgever zijn boek alsnog laten verschijnen: nu met de ondertitel <em>Een journaal</em>.</p>
<p>Toen ik begon te lezen, was ik zelf ook ineens tegen het einde van de jaren vijftig een bestuursambtenaar geworden in een laat ontdekt en afgelegen gebied in het midden van het toenmalige Nederlands Nieuw-Guinea. Wat een gedoe was het daar. Ja, het was duidelijk dat de Nederlanders zich, onder druk van Soekarno en de zijnen, binnenkort zouden moeten gaan terugtrekken uit het laatste gedeelte van het vroegere Nederlands-Indië waar zij het nog voor het zeggen hadden. Maar toch. Gedoe rond een collega die een inlander had afgetuigd, slechte verbindingen met Hollandia en het moederland, een tekort aan geld en middelen, de dreiging van een stiekeme liefdesaffaire, wrijvingen tussen de ambtenaren onderling, concurrentie tussen een dominee en twee paters bij het verkondigen van hun eigen christelijk geloof, problemen met het inlandse personeel, bezoek van Zwitserse bergbeklimmers. En terwijl er vaak berichten binnenkwamen over Indonesische infiltratiepogingen, laaiden de stammentwisten tussen de plaatselijke bewoners steeds weer op. En was die cynisch commentaar leverende Amerikaanse antropoloog nu inderdaad een malloot of had hij groot gelijk bij het stellen van de vraag waar de Nederlanders eigenlijk het recht vandaan haalden om zich op allerlei manieren te bemoeien met een totaal andere cultuur dan die van henzelf. Maar, betoogde de resident dan weer, het bleef hoe dan ook de plicht van de Nederlanders ‘een oervolk op te heffen uit zijn oertijd’ en verder te helpen op de weg naar de beschaving en het gewenste zelfbeschikkingsrecht. En het was diep treurig dat zij binnenkort met hun mooie, zinvolle werk zouden moeten stoppen.</p>
<p>Pas toen ik Springers boek uit had, ben ik ook zijn voorwoord gaan lezen. Daar kreeg ik opnieuw een dubbel gevoel bij. Wat hij aan het begin van de jaren zestig en kort na zijn eigen vertrek uit Nieuw-Guinea in zijn eigen boek las, was ‘geen heroïsche, aangrijpende beschrijving van het drama der Papoea’s die zo abrupt de Hollandse, vaderlijke arm om hun schouders moesten missen’, maar niet veel meer dan ‘het luchtig schetsen van enig lokaal gekissebis tussen bestuursambtenaren, zendelingen, en nog wat rare vogels, en een enkele blote krijger met peniskoker en pijl-en-boog voor de coleur locale.’ Bovendien waren de belangrijkste personages al te gemakkelijk herkenbaar. Maar, wat vond hij jaren later, in 2011, bij het overlezen van zijn manuscript van dat vroegere besluit? ‘Ik had juist toen de kans moeten grijpen om het publiek te laten weten hoe wij op onze onooglijke bestuurspostjes verbeten onze plicht tegenover de aan ons toevertrouwde Papoea’s bleven doen, al hadden de grote buitenwereld en ook het moederland ons allang opgegeven.’ En bovendien had hij vroeger nooit de bedoeling gehad wie dan ook met zijn geschrijf belachelijk te maken.</p>
<p>Ik wist het niet meer, ik was ieder houvast kwijt. Gelukkig had ik zelf geen dagboeken en ook geen brieven van vroeger bewaard en was ik nu een echte zzp-er. Maar overpeinzingen kun je nooit buiten de deur zetten, ook niet als je steeds weer laat geboren bent in de geschiedenis.</p>
<p>Ick Sing</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/column-bij-nader-inzien/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Texelse oorlogsgeschiedenis op website</title>
		<link>http://www.historien.nl/texelse-oorlogsgeschiedenis-op-website/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/texelse-oorlogsgeschiedenis-op-website/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 12 May 2012 08:41:31 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie Historiën</dc:creator>
				<category><![CDATA[Persberichten]]></category>
		<category><![CDATA[georgie]]></category>
		<category><![CDATA[russenoorlog]]></category>
		<category><![CDATA[texel]]></category>
		<category><![CDATA[Tweede Wereldoorlog]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=20171</guid>
		<description><![CDATA[Op de website www.derussenoorlog.nl/ zijn voor het eerst de verhalen over Texels bloedige oorlogsverleden bijeen gebracht. &#8216;Europa&#8217;s Laatste Slagveld&#8217; wordt Texel wel genoemd, waar de oorlog pas op 20 mei 1945 eindigde. Op de website www.derussenoorlog.nl/ zijn voor het eerst de verhalen over Texels bloedige oorlogsverleden bijeen gebracht. &#8216;Europa&#8217;s Laatste Slagveld&#8217; wordt Texel wel genoemd, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Op de website <a href="http://www.derussenoorlog.nl/" target="_blank">www.derussenoorlog.nl/</a> zijn voor het eerst de verhalen over Texels bloedige oorlogsverleden bijeen gebracht. &#8216;Europa&#8217;s Laatste Slagveld&#8217; wordt Texel wel genoemd, waar de oorlog pas op 20 mei 1945 eindigde. <span id="more-20171"></span>Op de website <a href="http://www.derussenoorlog.nl/" target="_blank">www.derussenoorlog.nl/</a> zijn voor het eerst de verhalen over Texels bloedige oorlogsverleden bijeen gebracht. &#8216;Europa&#8217;s Laatste Slagveld&#8217; wordt Texel wel genoemd, waar de oorlog pas op 20 mei 1945 eindigde. Op de website zijn voor het eerst de BVD rapporten die tijdens de Koude Oorlog over Texel werden gemaakt in te zien.</p>
<p>In april 1945 wordt de relatieve rust op het waddeneiland Texel wreed verstoord door een van de meest wonderlijke geschiedenissen uit de Tweede Wereldoorlog. Terwijl de bevrijding nabij is, beginnen Georgische soldaten in Duitse dienst een bloedige opstand tegen hun superieuren. Tijdens &#8216;De Russenoorlog&#8217; – zoals de opstand door de Texelaars<br />
wordt genoemd &#8211; wordt het eiland in de as gelegd, honderden soldaten en burgers komen om, vrienden en vijanden voor het leven gemaakt. Te midden van de chaos van &#8216;Europa&#8217;s laatste slagveld&#8217; worden Georgische-Nederlandse baby&#8217;s geboren.</p>
<p>De uiterlijk hechte eilandgemeenschap is innerlijk verscheurd in haar omgang met het verleden. Tot op de dag van vandaag. &#8216;We zijn bevrijd door de Russen,&#8217; zegt ooggetuige Akkie Kikkert. &#8216;Het was geen bevrijding, het was moord,&#8217; beweert ooggetuige Annie van Swinderen. Voor de een zijn de Georgiërs helden, voor de ander verraders die dood en<br />
verderf hebben gezaaid. Ook na de oorlog bleef de Russenoorlog grote invloed uitoefenen.Tijdens de Koude Oorlog werden alle Texelaars die de Georgiërs een warm hart toedroegen in de ogen van de Binnenlandse Veiligheidsdienst verdacht.</p>
<p>Op de website <em>De Russenoorlog</em> vertellen tientallen ooggetuigen &#8211; uit zowel Nederland als Georgië – hun versie van deze opmerkelijke geschiedenis en is historisch materiaal – foto&#8217;s, filmfragmenten en BVD dossiers – toegankelijk gemaakt. In de tegenstrijdige verhalen over helden en opportunisten, lijfsbehoud en eergevoel, schuld en onschuld klinkt 67 jaar na dato nog altijd de onverwerkte pijn door die de Texelaars met zich mee dragen.</p>
<p>Bij de website hoort een (gratis) educatief programma voor het primair en voortgezet onderwijs, waarin scholieren leren over de Russenoorlog, standplaatsgebondenheid en mondelinge geschiedenis.</p>
<p><em>De Russenoorlog</em> is een website van journalistiek projectbureau Prospektor en het Luchtvaart- en Oorlogsmuseum Texel.<br />
<a href="http://www.derussenoorlog.nl/" target="_blank">http://www.derussenoorlog.nl/</a> / <a href="http://www.prospektor.nl/" target="_blank">http://www.prospektor.nl/</a> / <a href="http://www.lomt.nl/" target="_blank">www.lomt.nl/</a></p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/texelse-oorlogsgeschiedenis-op-website/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Besturen op het Hollandse platteland: Cromstrijen</title>
		<link>http://www.historien.nl/besturen-op-het-hollandse-platteland-cromstrijen/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/besturen-op-het-hollandse-platteland-cromstrijen/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 11 May 2012 17:58:55 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie Historiën</dc:creator>
				<category><![CDATA[Persberichten]]></category>
		<category><![CDATA[ambachtsheerlijkheid]]></category>
		<category><![CDATA[bestuur]]></category>
		<category><![CDATA[cromstrijen]]></category>
		<category><![CDATA[Holland]]></category>
		<category><![CDATA[platteland]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=20168</guid>
		<description><![CDATA[Het proefschrift van Arjan Nobel naar de bestuurlijke veranderingen, de dynamiek in de bestuurscultuur en de horizon van de dorpsbestuurders in de zeventiende en achttiende eeuw heeft geresulteerd in het boek Besturen op het Hollandse platteland, Cromstrijen 1550-1780.Op dinsdag 26 juni 2012 hoopt Arjan Nobel te promoveren aan de Universiteit van Leiden op zijn onderzoek [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Het proefschrift van Arjan Nobel naar de bestuurlijke veranderingen, de dynamiek in de bestuurscultuur en de horizon van de dorpsbestuurders in de zeventiende en achttiende eeuw heeft geresulteerd in het boek <em>Besturen op het Hollandse platteland, Cromstrijen 1550-1780.<span id="more-20168"></span></em>Op dinsdag 26 juni 2012 hoopt Arjan Nobel te promoveren aan de Universiteit van Leiden op zijn onderzoek naar de bestuurlijke veranderingen, de dynamiek in de bestuurscultuur en de horizon van de dorpsbestuurders in de zeventiende en achttiende eeuw. Dit gebeurt aan de hand van een goed gedocumenteerde casus: de ambachtsheerlijkheid Cromstrijen, gelegen ten zuidwesten van Dordrecht. Binnen de grenzen van deze heerlijkheid lagen twee kleine dorpen: Klaaswaal en Numansdorp.<br />
Het proefschrift heeft geresulteerd in het boek <em>Besturen op het Hollandse platteland, Cromstrijen 1550-1780</em> dat bij Uitgeversmaatschappij Walburg Pers te Zutphen verschijnt.</p>
<p>Wetenschappelijke aandacht voor de geschiedenis van het platteland en zeker voor de bijbehorende bestuursinstellingen bleef tot het eind van de negentiende eeuw minimaal. Daar wil deze studie verandering in brengen.<br />
Het vroegmoderne platteland is vaak beschreven als een gebied waar het bestaan slechts werd afgewisseld door het ritme van de seizoenen. Niets is minder waar. De plattelandsbewoners leefden juist in ee n uiterst dynamische periode. Ze werden geconfronteerd met grote veranderingen, onder andere op het terrein van de politiek.<br />
In dit boek staat de veranderende bestuurscultuur op het Hollandse platteland centraal en wordt het bestuur van de ambachtsheerlijkheid Cromstrijen in een breder perspectief geplaatst. Dit gebied werd als een modern bedrijf bestuurd door een groep aandeelhouders.<br />
Besturen op het Hollandse platteland biedt een fascinerende inkijk in de lokale vergadercultuur en laat zien met welke politieke veranderingen de dorpelingen te maken kregen. Het toont aan dat ‘gewone’ mensen invloed probeerden uit te oefenen op de politiek en dat dorpsbestuurders ook buiten hun eigen dorp participeerden in verschillende bestuurlijke netwerken.</p>
<p>Arjan Nobel (1978) is als historicus verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.</p>
<p>Arjan Nobel,<br />
<em><strong>Besturen op het Hollandse platteland. Cromstrijen 1550-1780</strong></em>,</p>
<p><a href="http://www.walburgpers.nl" target="_blank">Uitgeversmaatschappij Walburg Pers,</a><br />
geïllustreerd in kleur en zwart-wit, genaaid gebonden,<br />
ISBN 978.90.5730.847.5, prijs € 39,50 – 252 pagina&#8217;s.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/besturen-op-het-hollandse-platteland-cromstrijen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Kooplieden &amp; Kerkgangers, familie De Peyster</title>
		<link>http://www.historien.nl/kooplieden-kerkgangers-familie-de-peyster-1525-1725/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/kooplieden-kerkgangers-familie-de-peyster-1525-1725/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 08 May 2012 20:28:52 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie Historiën</dc:creator>
				<category><![CDATA[Persberichten]]></category>
		<category><![CDATA[emigratie]]></category>
		<category><![CDATA[Nieuw Amsterdam]]></category>
		<category><![CDATA[vlaming]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=20164</guid>
		<description><![CDATA[Op donderdag 10 mei 2012 aanstaande wordt het boek Kooplieden &#38; Kerkgangers. Geloof, hoop en handel v an de familie De Peyster, 1525-1725 gepresenteerd om 18.00 uur in de Flamingozaal in dierentuin Artis te Amsterdam. In dit boek wordt de geschiedenis van de Nederlanden tijdens de Opstand en van New York in de koloniale periode [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Op donderdag 10 mei 2012 aanstaande wordt het boek <em>Kooplieden &amp; Kerkgangers. Geloof, hoop en handel v an de familie De Peyster, 1525-1725</em> gepresenteerd om 18.00 uur in de Flamingozaal in dierentuin Artis te Amsterdam. In dit boek wordt de geschiedenis van de Nederlanden tijdens de Opstand en van New York in de koloniale periode door de ogen van de De Peysters beschreven. <span id="more-20164"></span>Op donderdag 10 mei 2012 aanstaande wordt het boek <em>Kooplieden &amp; Kerkgangers. Geloof, hoop en handel v an de familie De Peyster, 1525-1725</em> gepresenteerd om 18.00 uur in de Flamingozaal in dierentuin Artis te Amsterdam. In dit boek wordt de geschiedenis van de Nederlanden tijdens de Opstand en van New York in de koloniale periode door de ogen van de De Peysters beschreven.Zij namen deel aan het bestuur van kerk en stad, maar waren voor alles koopman. Dit boek – een uitgave van Uitgeversmaatschappij Walburg Pers te Zutphen – geeft ons een nieuw beeld over bekende gebeurtenissen uit die geschiedenis.</p>
<p>Kapitaal en kennis van tenminste 150 duizend emigranten uit de Zuidelijke Nederlanden hebben de snelle opbloei tijdens de Gouden Eeuw mogelijk gemaakt. Onder hen bevonden zich veel protestanten, waarvan er in het Zuiden in de zestiende eeuw meer waren dan in het katholiek gebleven Holland. De integratie van die vluchtelingenstroom binnen de ommuurde Hollandse steden is vrijwel zonder problemen verlopen. Ook de Vlaamse familie De Peyster emigreer de vanuit Honschoote en Gent naar het Noorden. Johannes de Peyster heeft zich een aantal decennia later vanuit Haarlem in Nieuw Amsterdam gevestigd.</p>
<p>Door onderzoek in archieven en bibliotheken in de Oude en Nieuwe Wereld heeft de auteur nieuwe feiten naar boven gehaald. Hij beschrijft Peter Stuyvesant als gereformeerde fundamentalist, die joden en lutheranen in Nieuw Nederland zoveel mogelijk tegenwerkte. Ook de herovering van New York door twee Nederlandse admiraals in 1673 en de latere staatsgreep in 1689 komen aan bod. De De Peyster familie moest daar opnieuw maar nu met Engelsen integreren.<br />
De auteur doet, tenslotte, een beroep op de autoriteiten in New York om een standbeeld van een van zijn voorvaderen, dat acht jaar geleden is weggehaald, weer terug te plaatsen.</p>
<p>Frans Peijster (1954), afstammeling van de tak zonder het woordje ‘de’, heeft met dit geschiedenisboek van zijn hobby zijn werk gemaakt.</p>
<p>Frans Peijster,<br />
<em><strong>Kooplieden &amp; Kerkgangers. Geloof, hoop en handel van de familie De Peyster, 1525-1725,</strong></em></p>
<p><a href="http://www.walburgpers.nl" target="_blank">Uitgeversmaatschappij Walburg Pers</a>,<br />
geïllustreerd in zwart-wit, genaaid gebonden,<br />
ISBN 978.90.5730.817.8, prijs € 29,95 – 352 pagina&#8217;s.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/kooplieden-kerkgangers-familie-de-peyster-1525-1725/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het Twentoldrama</title>
		<link>http://www.historien.nl/het-twentoldrama/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/het-twentoldrama/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 04 May 2012 17:15:41 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Ester Smit</dc:creator>
				<category><![CDATA[Nederland]]></category>
		<category><![CDATA[Stad, streek en provincie]]></category>
		<category><![CDATA[Tweede Wereldoorlog]]></category>
		<category><![CDATA[Voorpagina]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=3043</guid>
		<description><![CDATA[Een groep van vijf jongeren is doodgeschoten aan de weg vanaf Deventer richting Holten, de Snippelingsdijk. Opnieuw een Deventer moordzaak? Ja, een verschrikkelijk drama, 60 jaar geleden. We hebben het over april 1945. Het was oorlog. Iedereen probeerde zo goed en zo kwaad als het ging te overleven; de een door zich stil te houden, [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img style="float: left; margin-left: 10px; margin-right: 10px; border: 1px solid black;" title="doodskist_twentoldrama.JPG" src="http://www.historien.nl/images/cd/doodskist_twentoldrama.JPG" alt="doodskist_twentoldrama.JPG" width="120" height="90" />Een groep van vijf jongeren is doodgeschoten aan de weg vanaf Deventer richting Holten, de Snippelingsdijk. Opnieuw een Deventer moordzaak? Ja, een verschrikkelijk drama, 60 jaar geleden.<span id="more-3043"></span></p>
<p><img title="doodskist_twentoldrama.JPG" src="http://www.historien.nl/images/cd/doodskist_twentoldrama.JPG" border="1" alt="doodskist_twentoldrama.JPG" hspace="10" width="200" height="125" align="right" />We hebben het over april 1945. Het was oorlog. Iedereen probeerde zo goed en zo kwaad als het ging te overleven; de een door zich stil te houden, de ander door gewoon door te gaan. Heel veel mensen leden onder de oorlog. Een aantal mensen konden er niet meer tegen en ging in het verzet.</p>
<p>De Canadese legers naderden Deventer. De bruggen over het kanaal en over de rivier waren belangrijk in hun opmars om Nederland te bevrijden. De Duitsers gaven zich echter niet gemakkelijk over. Om hun aftocht te dekken wilde het Duitse leger de bruggen vernielen. Een ondergrondse beweging in Deventer probeerde dit te voorkomen.</p>
<p><strong>Kleine knokploeg<br />
</strong>Een kleine knokploeg (KP) besloot de Canadezen een handje te helpen. Ze spraken af dat zodra de Duitsers de brug over het Overijssels kanaal wilden opblazen, ze met geweld en met wapens zouden ingrijpen. Het kanaal kwam uit in de rivier de IJssel. Vijf leden van de KP installeerden zich in de magazijnen van de smeeroliefabriek ‘Twentol’. Een strategisch punt, omdat het vlak bij de brug, het kanaal en aan de rivieroever lag. Na twee dagen hadden acht verzetsleden zich inmiddels verstopt in de opslagplaats. Een van hen was een vrouw.</p>
<p>Hun namen mogen we nooit vergeten: Corry (Cornelia) van Baalen-Bosch, Derk Jan Bruggeman, Jan van Gennep Lührs, Jaap Bennebroek Evertsz, Harry Engels, Marinus Woertman, Jos Westland van Baalen en Gerard Verhoeven.</p>
<p><strong>Studiegroep</strong><br />
De studie bracht de groep van het Twentolterrein bij elkaar. Ze volgden een opleiding aan de Koloniale Landbouwschool, die in Deventer gevestigd was. Ze kozen deze studie om later op de plantages in Indonesië (toen Nederlands-Indië) carrière te maken. Velen van hen, zoals Jos Westland van Baalen, waren er ook geboren.</p>
<p><strong>Wilde haren aan banden<br />
</strong>Jong en idealistisch, stortten de studenten zich in het studentenleven. Op foto’s staan ze zwierig, rokend met een sigaret in de hand. Allemaal ongeveer tussen de 19 en 25 jaar oud, vrijheid, blijheid! Ze genoten duidelijk van het studentenleven. In 1940 bekeken ze de komst van de Duitsers argwanend, maar in de jaren die volgden werd het algemene leven steeds meer aan banden gelegd. De bezetting werd beklemmend. De stap om een verzetsgroep op te richten was klein.</p>
<p>Waarschijnlijk zullen ze huiswerk of colleges wel als smoes gebruikt hebben. Ze bespraken misschien geen huiswerk, maar uitten hun onvrede over de Duitse bezetting en wat ze ertegen konden doen. Heel veel studenten van de Koloniale Landbouwschool waren actief in het verzet. De docenten zullen het wel oogluikend hebben toegestaan. Jos was voor dit gezelschap, op het Twentolterrein, een belangrijke spil. Cornelia, Corry was de enige vrouw van de groep. Wat deze mensen deden was levensgevaarlijk. Op verzet tegen de Duitsers in welke vorm dan ook stond de doodstraf.</p>
<p><strong>Verzetsaffaire</strong><br />
Vanwege hun studie en vanwege het verzetswerk trokken de vrienden veel met elkaar op. De groep leefde onder constante spanning, omdat niets van hun activiteiten mocht uitlekken. Er bestond altijd risico verraden te worden. De leden van de knokploeg waren erg op elkaar aangewezen. Jos en Corry kregen door dit intensieve contact een verhouding. Ze werden verliefd en kregen een hartstochtelijke relatie. Eind maart 1945 trouwden ze in Deventer. Iedereen wist en voelde wel dat de bevrijding dichtbij was. Wilden ze de oorlogsellende even vergeten en zijn ze daarom getrouwd? Als man en vrouw gingen ze samen met hun vrienden verder met het verzetswerk. Maar niet voor lang…</p>
<p><strong>Dagenlang gebulder<br />
</strong>De tijd was spannend, de bevrijding was dichtbij. Het gebulder van de tanks was al dagenlang te horen. Iedereen dacht dat de Canadese tanks over de Ysselbrug zouden rollen. Maar de Canadezen begonnen de opmars vanuit het dorpje Schalkhaar, precies de andere kant. Slim, want de Duitsers namen maatregelen om de bruggen rondom Deventer op te blazen.</p>
<p>Op 8 april 1945 nestelden zich de eerste vijf van de groep in het magazijn van de smeeroliefabriek ‘Twentol’. Een dag later, op 9 april voegden nog twee anderen, waaronder Corry, zich bij de vijf. Corry was als vrouw vooral actief als koerierster. Vrouwen liepen minder risico om opgepakt te worden door de Duitsers. Ze hadden allemaal een of twee wapens. Niemand was bang die te gebruiken als het nodig was.</p>
<p><strong>Vuur en rook<br />
</strong>Vanuit hun observatiepost zagen ze dat de Duitsers stelling namen. Gingen ze de brug vernielen? De Canadezen hadden het ook in de gaten. Zij begonnen met artillerie te schieten. Op 10 april lag het Twentolterrein onder Canadees vuur. De situatie werd gevaarlijk. De olietanks vatten door het granaatvuur vlam. Er was een grote rookontwikkeling. De dikke zwarte rook was verstikkend. Een van de bruggen bleek door de Duitsers vernield. Wat nu? Zaten ze er voor niets? Wat moesten ze nu doen? Na lange aarzeling besloten ze te blijven. Ze bespraken hoe ze de Canadese legers konden helpen.</p>
<p><strong>Frustrerend geluk<br />
</strong>Gerard, een van de leden van de verzetsploeg, ging op verkenning uit. Een Duitser kreeg hem in het visier en wilde hem overmeesteren. Doordat de rook hem dekking gaf, ontsnapte hij gelukkig. Hij wilde weer naar zijn vrienden terug, maar hoe? Naar een brandende olietank lopen was niet alleen gevaarlijk, maar ook verdacht. De Duitsers zouden hem weer in de gaten krijgen en hem vragen gaan stellen. Daar zat hij niet op te wachten. Als hij naar de groep liep, zou hij ze verraden. Hij kon niet anders dan het terrein afsluipen, richting de Yssel. Heel frustrerend, maar Gerard kon de groep niet meer bereiken. Later bleek dit zijn geluk.</p>
<p>Op 11 april lag een groot gedeelte van Deventer onder Canadees vuur. De stad was in tweeën gesplitst. Een gedeelte van de stad was bevrijd, in het andere gedeelte vielen er nog doden. De Duitsers bleven zich tot de tanden gewapend als pitbullhonden verdedigen. Het deel van de stad waar Gerard zat, was bevrijd. Het Twentolterrein waar de rest van de ploeg zat, nog niet.</p>
<p><strong>Opgepakt!<br />
</strong>Dezelfde dag, op 11 april liep een groepje Duitsers het magazijngebouw van Twentol binnen. Doelgericht waren ze op zoek naar de jonge studenten. Wat was er gebeurd? Hoe konden ze weten dat de knokploeg hier zat? Waarschijnlijk waren ze verraden. Volgens de overleveringen door een Duitser. Corry, haar man Jos, Jaap, Harry en Marinus werden uit het gebouw gedreven. Jan was al eerder getroffen door een verdwaalde Duitse kogel. Hij was op slag dood. De vijf werden onder schot gehouden en van het terrein gedreven. Ze liepen richting de weg. De officier, volgens ooggetuigen een lange man met krullend haar, liet ze hier halthouden.</p>
<p><strong>IJskoud </strong><br />
Even later liep de groep onder schot van de Duitse soldaten verder richting de weg naar Holten (Snippelingdijk) naar een plek waar een speeltuintje was. (Nu staat er nieuwbouw). De Duitse officier zei ijskoud dat ze gefusilleerd zouden worden. Wat konden ze doen? Ze waren overmeesterd, ze hadden geen wapens meer. Als ze goed keken, zagen ze aan de horizon de lopen van de Canadese tanks. Tijd rekken? De bevrijding kon niet langer dan een uurtje duren.</p>
<p>De lange officier wees een soldaat aan om deel uit te maken van het executiepeloton. Hij weigerde. ‘Kom op, dit is zinloos! Kijk daar! Dat zijn Canadese tanks!’ De officier blikte of bloosde niet, pakte zijn wapen, strekte zijn arm, richtte. Zonder aarzelen schoot hij zijn ondergeschikte dood. Het leek hem niets te doen en wees andere soldaten aan om de executie uit te voeren.</p>
<p>De soldaten voerden het bevel uit. Ooggetuigen zagen dat ze Corry als eerste doodschoten. Kogels troffen haar rechterslaap. Ze klapte dubbel. Bloed stroomde uit haar mond. De anderen schoten ze gelijk hierna dood. Harry overleefde en bewoog nog, maar de Duitsers zagen het niet. Snel gingen door, richting de Canadese linies. Ze namen niet eens de moeite de lijken te begraven.</p>
<p>De Canadezen waren niet bezig met berechting van oorlogsmisdadigers. Dat wist de officier. Hij is nooit gevonden, nooit opgepakt. Hij is nooit berecht, nooit bestraft. Toen de Duitsers wegwaren, snelden de buurtbewoners toe om Harry te helpen. Het mocht niet baten. Hij overleed later. Nog geen drie kwartier later was heel Deventer bevrijd.</p>
<p><img title="begrafenis.JPG" src="http://www.historien.nl/images/ab/begrafenis.JPG" border="1" alt="begrafenis.JPG" hspace="10" width="200" height="128" align="right" />De stoffelijke overschotten zijn gelijk opgehaald. Hout was schaars. Van afvalhout waren zes kisten gemaakt. Corry, haar kersverse echtgenoot Jos, Jaap en Marinus werden bij de speeltuin gevonden. Harry overleed later in het ziekenhuis. Jan was al eerder gedood. Zes jonge mensen, nog geen uur voor de bevrijding omgebracht. Zinloos. Op zaterdag 14 april zijn de verzetshelden met veel ceremonieel begraven. Gerard was 23 jaar en nam als enige overlevende afscheid met duizenden Deventernaren. De achtste KP-er, Derk Jan, werd een week later gevonden. Zijn lichaam was verkoold, door een brand uit een van de ontplofte olietanks.</p>
<p><strong>Stilte tussen geraas<br />
</strong><img title="herdenkingsmuur_twentoldrama.JPG" src="http://www.historien.nl/images/gh/herdenkingsmuur_twentoldrama.JPG" border="1" alt="herdenkingsmuur_twentoldrama.JPG" hspace="10" width="200" height="127" align="right" />De plek is er nog steeds. De speeltuin is verdwenen en heet nu Twentolplein. Er staat een sober monument met de namen van de verzetshelden. Ingekapseld tussen nieuwbouw, het verkeer raast over de platen asfalt. Nee, een rustig moment om dit vreselijke drama te herdenken is onmogelijk. Hebben de Deventernaren geen historisch besef? Zijn ze deze vreselijke gebeurtenis vergeten? Nee gelukkig niet. Ieder jaar herdenken ze op 4 mei het drama nog steeds. Eerst twee minuten stilte bij het algemene monument op de Grote Kerkhof. Daarna gaat een stille tocht naar het monument op het Twentolplein aan de Snippelingsdijk. De namen zijn niet vergeten.</p>
<p>literatuur: Vos, K.H.[red]Deventer 1940-1945 (Deventer 1985).</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/het-twentoldrama/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Neergeschoten boven Nederland</title>
		<link>http://www.historien.nl/de-vernietiging-van-de-duitse-luchttransportvloot/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/de-vernietiging-van-de-duitse-luchttransportvloot/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 04 May 2012 17:01:18 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Erik Sweers</dc:creator>
				<category><![CDATA[1900 tot 1950: tijd van wereldoorlogen]]></category>
		<category><![CDATA[Europa]]></category>
		<category><![CDATA[Nederland]]></category>
		<category><![CDATA[Oorlog en wederopbouw]]></category>
		<category><![CDATA[Pas verschenen]]></category>
		<category><![CDATA[Tweede Wereldoorlog]]></category>
		<category><![CDATA[Voorpagina]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=627</guid>
		<description><![CDATA[Op 10 mei 1940 vallen Duitse troepen Nederland binnen. De Duitsers winnen, maar hun luchtmacht lijdt grote verliezen die ze, zoals de geschiedenis leert, niet meer te boven komen. Een verloop van de strijd. De vernietiging van de Duitse luchttransportvloot tijdens de inval in Nederland, mei 1940 &#160;   ‘Volgens de kaart moet de grens [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div></div>
<div><span class="standaard"><span class="standaard"><span class="standaard"><a href="http://www.rtl.nl/components/actueel/rtlnieuws/rtl_plus/WO2_brandende_Ju52_boven_bos.jpg"><img class="alignleft" style="float: left; margin-left: 10px; margin-right: 10px; border: black 1px solid;" title="Ju 52 brandend" src="http://www.rtl.nl/components/actueel/rtlnieuws/rtl_plus/WO2_brandende_Ju52_boven_bos.jpg" alt="" width="120" height="90" /></a>Op 10 mei 1940 vallen Duitse troepen Nederland binnen. De Duitsers winnen, maar hun luchtmacht lijdt grote verliezen die ze, zoals de geschiedenis leert, niet meer te boven komen. Een verloop van de strijd.</span><span id="more-627"></span></span></span></div>
<div><span class="standaard">De vernietiging van de Duitse luchttransportvloot tijdens de inval in Nederland, mei 1940</span></div>
<p>&nbsp;</p>
<p><em> </em></p>
<div class="wp-caption alignright" style="width: 278px"><a href="http://www.rtl.nl/components/actueel/rtlnieuws/rtl_plus/WO2_brandende_Ju52_boven_bos.jpg"><img title="JU52 Brandend" src="http://www.rtl.nl/components/actueel/rtlnieuws/rtl_plus/WO2_brandende_Ju52_boven_bos.jpg" alt="Brandende Ju-52 Bron: www.rtl.nl" width="268" height="216" /></a><p class="wp-caption-text">Brandende Ju-52 Bron: www.rtl.nl</p></div>
<p>‘Volgens de kaart moet de grens nu komen. Overal flitst het onder ons. Mijn jagers kijken in het begin verwonderd toe, tot één roept: ‘Hollandse luchtafweer’. En daar zien wij dan ook reeds de kleine springwolkjes uiteen barsten. Zij doen ons niets. De jongens lachen er om… Kort voor het Vliegveld Waalhaven begint het onaangenaam dichtbij te knallen. Niettegenstaande het geluid der motoren zijn de explosies van de zeer heftige luchtafweer te horen. Overal op de grond bliksemt het mondingsvuur op en kraakt en stoot de machine. Mijn jagers kijken elkaar verbaasd aan. Zij lachen niet meer. Het ziet eruit alsof het menens wordt. Ik mag niet verhelen dat de spanning een hoogtepunt bereikt heeft. Het bevel voor de sprong zal een bevrijding betekenen. Het is in elk geval een pijnlijk gevoel, te bemerken dat je vliegtuig in een zeef wordt veranderd…De Hollanders schijnen werkelijk sterke strijdkrachten ter verdediging van hun belangrijkste luchthaven te hebben gebezigd.’</p>
<div>Fragment uit het relaas in &#8216;So nahmen wir Waalhaven! Der groze Tag der Fallschirmjäger van B. Schultz, gepubliceerd in &#8216;Der Adler&#8217;(1940)</div>
<p><span class="standaard">Tien mei 1940. Duitse troepen vallen Nederland binnen als onderdeel van Fall Gelb, de Duitse aanval op West-Europa. Het Nederlandse leger vocht als een leeuw, maar het lot van Nederland leek bezegeld en het zou slechts een kwestie van tijd zijn, voordat ons land zou gaan zuchten onder het juk van de Duitse bezetter. Een bezetter die erop rekende binnen één dag en zonder veel moeite aan de Noordzee te staan, maar op 14 mei Rotterdam bombardeerde om de overgave af te dwingen. Rotterdam lag in puin en 2159 burgers hadden het leven verloren, evenals een kleine 2200 militairen. Met deze cijfers kan al snel het beeld ontstaan dat het Nederlandse verzet in de ‘bange meidagen’ geen positieve resultaten heeft opgeleverd. Dat beeld is echter geheel in strijd met de werkelijkheid. Aan de Nederlandse krijgsinspanningen zit wel degelijk een gouden randje. De Duitse luchttransportvloot en de Duitse parachutisten leden enorme verliezen bij hun pogingen om onder meer Nederlandse militaire vliegvelden in te nemen. Deze verliezen hadden grote gevolgen. In dit essay ga ik in op de strijd in Nederland en de gevechten rondom de luchthavens in het bijzonder. Ik toon hierbij aan dat deze strijd in Nederland niet alleen heroïsch was, maar dat de toegebrachte schade aan met name de Duitse luchttransportvloot, waarbij honderden Duitse toestellen verloren gingen en vele parachutisten en piloten sneuvelden of gevangen werden genomen, een streep door de rekening betekende wat betreft de Duitse invasieplannen voor Groot-Brittannië.</span></p>
<p><strong>Bezuinigingen en pacificatiegedachten</strong></p>
<p>M<span class="standaard">et het einde van de Eerste Wereldoorlog werd Nederland geconfronteerd met een behoorlijke achterstand in defensieve bewapening, in vergelijking met de omringende landen. Ondanks het feit dat Nederland in deze strijd neutraal was gebleven, had de oorlog diepe indruk gemaakt. Mede daardoor ontstond in Nederland een antimilitaristische sfeer, ondersteund door een grenzeloos vertrouwen in de na de Eerste Wereldoorlog opgerichte Volkenbond. Het idee dat geweld de wereld uit moest worden gebannen leefde in Nederland en we vonden dat ons land daarin een voorbeeldfunctie had voor de rest van de wereld. Sterke politieke groeperingen als de Sociaal-democratische Arbeiderspartij (SDAP) en het Nederlands Verbond voor Vakverenigingen (NVV) wilden leger en vloot afschaffen. De neutraliteitspolitiek waar de Duitse inval een einde aan maakte, had inmiddels een honderdjarige geschiedenis achter zich en Nederland hield vast aan de gedachte dat een minimale bemoeienis met internationale perikelen de kans om bij internationale conflicten betrokken te raken minimaliseerde. Ook toen de lont in het kruitvat van de Tweede Wereldoorlog al brandde, hield Nederland vast aan deze gedachte en hoopte zo opnieuw buiten een Europese oorlog te kunnen blijven. Zowel de politiek als de top van het leger waren van mening dat de grote mogendheden het elkaar niet zouden toestaan Nederland te veroveren, omdat dit de internationale machtsbalans zou kunnen verstoren. De opkomst van Adolf Hitler en de verkondiging van diens boodschap hadden eveneens het pacifistische elan in Nederland niet kunnen temperen. Velen hadden ‘Mein Kampf’ niet gelezen en zij die dat wel gedaan hadden, meenden dat het met de verwezenlijking van de hierin beschreven plannen wel mee zou vallen. Aan daadwerkelijke afschaffing van het leger dacht het Nederlandse volk nog net niet, maar de defensie-uitgaven mochten, geheel in overeenstemming met het regeringsbeleid, zeker niet te hoog zijn. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was het Nederlandse leger gemobiliseerd en hoewel het niet aan de strijd had deelgenomen, waren er desondanks grote sommen geld mee gemoeid. Na de oorlog maakte Nederland bovendien een recessie door, onder andere veroorzaakt door het instorten van de Duitse afzetmarkt en de wereldwijde economische crisis van 1929 stond eveneens de groei van de defensie-uitgaven in de weg.</span></p>
<p>De gevolgen van de verwaarlozing van het Nederlandse defensieapparaat waren helaas niet te overzien. Nederland vertrouwde grotendeels op haar vestingwerken en linies die samen ‘Vesting Holland’ vormden. De top van het leger was van mening dat een langdurige verdediging van dit gebied mogelijk moest zijn en er werd vanuit gegaan dat bevriende staten in geval een aanval op Nederlands grondgebied te hulp zouden schieten, hoewel hier nooit harde afspraken over waren gemaakt in verband met de neutraliteitspolitiek.</p>
<p>De staat waarin het Nederlandse leger in 1940 verkeerde was ronduit droevig. De uitrusting was op zijn zachtst gezegd ouderwets en ook de training van de soldaten liet te wensen over. De meeste manschappen hadden in 1940 en dienstplicht van slechts vijfenhalve maand achter de rug en in een aantal gevallen was het zelfs mogelijk om de diensttijd tot anderhalve maand terug te brengen (de dienstplichtige moest dan wel 300 diensturen in zijn vrije tijd doorbrengen). In mei 1940 kon op grond van de dienstplichtwet van 1922 en door latere uitbreidingen een leger van 280.000 soldaten op de been worden gebracht.</p>
<p>Ondanks de pacificatiegedachten, de economische malaise en het grenzeloze vertrouwen in de Vesting Holland en de bondgenoten werden er vanaf 1922 toch pogingen ondernomen om het Nederlandse defensieapparaat te moderniseren. De toenmalige minister van defensie, Van Dijk, richtte daartoe een speciaal bewapeningsfonds op, waarvoor gedurende de periode 1925 – 1931 een totaalbedrag van ongeveer zestig miljoen gulden zou moeten worden gereserveerd. Veel verder dan een jaarlijkse uitgave van een schamele anderhalf miljoen gulden voor de aanschaf van nieuw materiaal is het echter nooit gekomen. Voor het overgrote deel werd oud materieel gemoderniseerd. De zeldzame aankoop van nieuw materiaal betrof in 1927 vooral nieuwe kanonnen, mortieren, mitrailleurs en luchtdoelkanonnen, bedoeld voor het veldleger. Inmiddels waren andere landen ook aan het herbewapenen en de levering van het oorlogstuig liet dan ook veel te lang op zich wachten. In mei 1940 beschikte het Nederlandse veldleger over slechts 52 nieuwe 10-centimeter kanonnen. De overige 300 kanonnen, houwitsers en artilleriegeschut waren rond de eeuwwisseling of zelfs nog daarvoor aangekocht. Tanks werden in het Nederlandse leger voor 1940 niet gebruikt, op één in beslag genomen Franse tank uit de Eerste Wereldoorlog na. In plaats van tanks maakte het Nederlandse leger gebruik van 28 pantserwagens.</p>
<p>In het voorjaar van 1935 begon de ernst van de situatie dan toch tot de Nederlandse regering door te dringen. Generaal-majoor Reijnders, bevelhebber van de Nederlandse strijdkrachten, kreeg de opdracht om in allerijl voorstellen te ontwikkelen die tot verbeteringen van de Nederlandse defensie zouden leiden. Reijnders had een uitstekende predictie ten aanzien van de toekomst van Europa en verwachtte binnen afzienbare tijd een oorlog, waarbij het Nederlandse grondgebied, anders dan in 1914, niet ongeschonden zou blijven. De bevelhebber kwam met talloze voorstellen om de slagkracht van het leger te vergroten en legde daarbij de nadruk op luchtdoelartillerie, vliegtuigen, infanteriegeschut en munitie. In 1937 voegde hij tanks, meer pantserwagens en antitankgeschut aan zijn wensenlijst toe. Daar Nederland zelf niet over een grote wapenindustrie beschikte, diende het overgrote deel van het wapentuig in het buitenland te worden aangeschaft. Aangezien de bewapeningswedloop inmiddels al in volle gang was, werden in het buitenland geplaatste orders slecht mondjesmaat geleverd.</p>
<p>Reijnders’ wens tot versterking van de luchtmacht was zeer begrijpelijk. De Nederlandse luchtmacht verkeerde in het interbellum net als het Veldleger in twijfelachtige staat. Het luchtwapen was niet zelfstandig en maakte zelfs deel uit van het Veldleger. Op tien mei 1940 waren ongeveer 125 vliegtuigen gevechtsklaar, maar een groot deel hiervan was hopeloos verouderd. Met name de verkenningsvliegtuigen, bestaande uit de sierlijke maar trage Fokker C-V en C-X dubbeldekkers, alsmede de soortgelijke Koolhoven FK-51, pasten niet meer in het tijdsbeeld dat gekenmerkt werd door snelle, zwaarbewapende jachtvliegtuigen. De Nederlandse jachtvliegtuigen werden in de eerste plaats vertegenwoordigd door de Fokker D-XXI, een verouderd maar zeer wendbaar eenpersoons toestel, waarvan bewapening en snelheid enigszins tekort schoten. De hoop was vooral gevestigd op de machtige Fokker G-I: een snelle en zeer zwaar bewapende jager waar er op 10 mei 1940 slechts 23 gevechtsgereed waren. De hoofdmacht van de Nederlandse luchtvloot bestond verder nog uit 9 Fokker T-V bommenwerpers, maar gelet op dit kleine aantal was het niet te verwachten dat deze vliegtuigen grote successen zouden gaan boeken. Deze verouderde luchtvloot zou het in mei 1940 moeten gaan opnemen tegen een enorme overmacht van ongeveer 1000 moderne Duitse toestellen.</p>
<p>Behalve het vergroten van de slagkracht van het Nederlandse leger, wilde Reijnders eveneens een wijziging in de strategie aanbrengen. In plaats van de verdediging te beperken tot Vesting Holland wilde de generaal de Grebbelinie versterken en laten aansluiten op de Peel-Raamstellingen in het zuiden. De Ijssellinie moest de vijand zo lang mogelijk ophouden, zodat er tijd was om bruggen en viaducten op te blazen en wegen te versperren, om zodoende de vijandelijke opmars nog meer te vertragen.</p>
<p>De generaal kon met zijn plannen helaas niet rekenen op steun van de Nederlandse regering. Vooral het handhaven van de Peel-Raamstelling was in de ogen van de regering onverantwoord, omdat deze linie niet aansloot op de stellingen van de Belgen, waardoor er sprake was van een ‘gat’ van veertig kilometer. Tevens had de regering twijfels over een mogelijke terugtrekking van de Nederlandse troepen van de Grebbelinie naar Vesting Holland, in verband met het Duitse luchtoverwicht. Toen de regering weigerde geld beschikbaar te stellen voor de betonnering van zowel de Hollandse Waterlinie als de Grebbelinie, was voor Reijnders de maat vol en diende deze zijn ontslag in. Op 6 januari 1940 werd hij opgevolgd door generaal Winkelman. De laatste kon alleen maar hopen dat de in het buitenland bestelde wapens op tijd werden geleverd. Zijn hoop was echter tevergeefs. Toen de Duitsers de Nederlandse grens overschreden, had het Veldleger het volgende aan in het buitenland geplaatste orders ontvangen: 33% van het pantserafweergeschut, 70% van de lichte mitrailleurs, 85% van de mortieren, 80% van de zware mitrailleurs en 20% van het luchtdoelgeschut. Tanks en pantserwagens werden nooit geleverd. Orders voor vliegtuigen bleven open staan. Het Nederlandse leger wachtte een loodzware taak.</p>
<div class="mceTemp"><strong>De bange meidagen</strong></div>
<div>In de nacht van negen op tien mei 1940 vlogen Duitse bommenwerpers over Nederland. De Nederlanders waren hier inmiddels aan gewend: Duitsland was in oorlog met Engeland en Nederland lag nu eenmaal op de aanvliegroute van de Duitse luchtmacht. Maar dit nachtelijke bezoek van de vliegende oosterbuur zou beslist anders uitpakken. Boven de Noordzee keerden de Duitse piloten hun toestellen en zetten koers naar Nederland om bommen te werpen en parachutisten te droppen. Om 3:55 uur in de morgen overschreden Duitse grondtroepen de grens met Nederland. De oorlog was nu officieel begonnen, volgens Duitse opgave omdat Nederland samen met België, Frankrijk en Groot-Brittannië een aanval voorbereidde op het Duitse Ruhrgebied.De Duitsers pakten de invasie in Nederland zonder twijfel grootscheeps aan, met de bedoeling het land compleet te overrompelen. Voor het eerst in de geschiedenis was er sprake van een enorme inzet aan luchtlandingstroepen, zo’n 11.000 man in totaal. Ongeveer de helft werd per parachute neergelaten, de overige soldaten werden met behulp van zo’n 430 transportvliegtuigen aan de grond gezet. Duitse parachutisten stonden bekend als specialisten: het waren allen vrijwilligers en hadden een zware selectie en training achter de rug. Het moreel van deze troepen grensde vaak aan het fanatisme. Het is dan ook niet verwonderlijk dat deze soldaten een speciale missie hadden. Hen was opgedragen om zo snel mogelijk de Nederlandse vliegvelden Ypenburg, Ockenburg en Valkenburg te bezetten, zodat hier Duitse transportvliegtuigen konden landen. Daarnaast dienden de para’s de Koningin, de regering en het opperbevel van de Nederlandse strijdkrachten gevangen te nemen. De Duitsers rekenden op een gedemoraliseerde en slecht voorbereide tegenstander en een snelle overwinning lag daarom volgens velen van hen in het verschiet. Het zou uiteindelijk geheel anders lopen.De Nederlandse grenadiers die op en rond vliegveld Ypenburg gelegerd waren, wisten de Duitse aanvallers zo lang op te houden, dat de parachutisten geen kans zagen het vliegveld op de Nederlanders te veroveren voordat de Duitse transportvliegtuigen hun landing inzetten. De gevolgen voor de Duitsers waren ronduit desastreus. De eerste golf transportvliegtuigen welke probeerde te landen werd tijdens het aanvliegen zwaar onder vuur genomen door rond het vliegveld opgesteld Nederlands geschut. Een tweede serie Duitse toestellen onderging hetzelfde lot. In beide gevallen werden de beschoten toestellen volkomen verwoest en overleefden geen van de inzittenden de landing. Een derde Duits echelon kon door de brandende toestellen, die overal op het vliegveld verspreid lagen, niet meer landen en vloog laag over. De Nederlandse verdediging aarzelde geen moment, richtte haar wapens opnieuw en veroorzaakte ook onder deze toestellen zware verliezen. De getergde Duitsers gingen vervolgens over op een laffe techniek: met Nederlandse krijgsgevangenen als menselijk schild werd opnieuw een aanval op vliegveld Ypenburg ingezet, maar nu over de grond. Door de verwarring en twijfel die vervolgens bij de Nederlandse verdedigers ontstond, konden de Duitse aanvallers een groot deel van het vliegveld veroveren, op één kleine hoek na. Deze Nederlandse stellingen met zware mitrailleurs bleven de Duitse parachutisten onophoudelijk bestoken. Voor de Duitsers was er geen doorkomen aan en het gezichtsverlies van de Germaanse elitetroepen was compleet toen tegen half vier ’s middags Nederlandse versterkingen verschenen, die de Duitsers letterlijk van het vliegveld af schoten.De gevechten op vliegveld Valkenburg verliepen anders. Hier hadden de Duitsers kans gezien de Nederlandse versterkingen die het vliegveld verdedigden, afdoende te bombarderen. De overgebleven Nederlandse troepen verzetten zich eveneens hevig en brachten de Duitse parachutisten grote verliezen toe, maar ze konden niet voorkomen dat Duitse transportvliegtuigen op Valkenburg landden. Maar ook hier zat het de Duitsers tegen. De drassige grond van het vliegveld was zo zacht, dat de transportvliegtuigen soms zelfs tot aan de romp wegzakten. Opstijgen was onmogelijk geworden. Nadat 56 Duitse vliegtuigen waren geland, was het veld compleet versperd. Overige Duitse transportvliegtuigen die op Valkenburg wilden landen, moesten nu op zoek naar plekken waar een noodlanding uitgevoerd kon worden.</p>
<p>Het Vliegveld Ockenburg, bij Den Haag, werd in de vroege meimorgen bewaakt door 96 rekruten. De zwaarste bewapening waar deze troepen over beschikten, waren drie lichte mitrailleurs. De ijverige Duitsers zetten hun aanval in maar werden geconfronteerd met felle tegenstand, wat resulteerde in aanzienlijke verliezen. Desondanks slaagde de aanval en konden Duitse transportvliegtuigen Ockenburg gebruiken als landplaats. Vanuit Den Haag openden Nederlandse troepen al snel de tegenaanval. Nederlandse artillerie nam de Duitse vliegtuigen en bezetting op Ockenburg zwaar onder vuur, gevolgd door een stormaanval te voet van Nederlandse grenadiers. De Duitse bezetting van Ockenburg werd overrompeld en weggevaagd. Slechts zes van de 28 op Ockenburg gelande Duitse transporttoestellen wisten te ontsnappen aan vernietiging door op tijd op te stijgen.</p>
<p>In de middag van de tiende mei werd vanaf het heroverde vliegveld Ypenburg een aanval geopend op de laatste twee sterke posities die de Duitse para’s nog in handen hadden. Opnieuw was de Nederlandse aanval succesvol: de stellingen werden heroverd en er werden talloze Duitsers krijgsgevangen gemaakt. Met het invallen van de avond waren praktisch alle rond Ypenburg gelande Duitse parachutisten uitgeschakeld of krijgsgevangenschap beland. Van de opdrachten die de keurtroepen van Hitler hadden meegekregen, was niets terecht gekomen. De regering, het Nederlandse opperbevel en de Koningin waren uit handen van de Duitsers gebleven. De vliegvelden Ypenburg en Ockenburg waren nog altijd in Nederlandse handen. Valkenburg was weliswaar veroverd, maar was door de drassige grond en de weggezakte toestellen onbruikbaar geworden.</p>
<p>Op een vierde Nederlands vliegveld, Waalhaven, werden door een misvatting van Duitse piloten verscheidene transporttoestellen neergeschoten. De vliegeniers, die meenden dat Waalhaven reeds geheel in Duitse handen was, hadden de landing reeds ingezet toen zij onverwacht uit alle macht bestookt werden door Nederlandse eenheden, die de luchthaven nog volop verdedigden. De Nederlanders hadden tevens de landingsbaan van springladingen voorzien, waardoor ook onder de gelande toestellen dood en verderf werd gezaaid. Acht Nederlandse G-I jachtvliegtuigen van de derde Jachtvliegtuigafdeling (3e JaVA), wisten aan de Duitse aanval op het vliegveld te ontkomen en konden tijdens de luchtgevechten die volgden drie Duitse vliegtuigen neerschieten, terwijl zij zelf één vliegtuig in het gevecht verloren. Tegen het middaguur verschenen boven het door de Duitsers bezette Waalhaven ineens Fokker C-X verkenners. Bij deze belangrijke aanval van de Nederlandse dubbeldekkers werden met bommen en mitrailleurvuur enkele Duitse toestellen direct vernietigd. De brand die daarop uitbrak, deed de rest. Ook Duitse kisten die rondom Waalhaven succesvolle noodlandingen hadden gemaakt, werden op deze wijze verwoest.</p>
</div>
<div class="wp-caption alignright" style="width: 407px"><a href="http://www.mei1940.nl/Verslagen/Images/Vliegtuigverliezen.jpg"><img class="  " style="margin-left: 10px; margin-right: 10px; border: 0px;" title="Ju-52 neergeschoten" src="http://www.mei1940.nl/Verslagen/Images/Vliegtuigverliezen.jpg" alt="Neergeschoten Ju-52. Bron: www.mei1940.nl" width="397" height="290" /></a><p class="wp-caption-text">Neergeschoten Ju-52. Bron: www.mei1940.nl</p></div>
<p>De Duitse verliezen waren enorm. De 22e Duitse luchtlandingsdivisie verloor 42 procent van haar officieren en 28 procent van het overige personeel. Een bataljon van het 65e regiment verloor zelfs 50 procent van haar totale sterkte. Duitse radioberichten wezen uit dat vele vliegtuigen niet van hun missie waren teruggekeerd en de vele vernielde vliegtuigwrakken waren stille getuigen van de Duitse nederlaag. Ongeveer 200 transporttoestellen waren rond en boven Den Haag neergeschoten of op de grond vernietigd en 1600 Duitse militairen waren krijgsgevangen gemaakt. De herovering van de vliegvelden op de Duitse troepen zou een unicum blijven in de Tweede Wereldoorlog. De Duitsers waren zowaar in hun hemd gezet door de slechtbewapende ‘Holländische Käsekopfen’.</p>
<p>De Nederlandse luchtmacht deed wat zij kon, maar haar inspanningen bleven helaas een druppel op een gloeiende plaat. Veel Nederlandse vliegtuigen werden in de vroege ochtend van de tiende mei op hun basis vernietigd door Duitse bombardementen, terwijl andere toestellen zwaar beschadigd raakten. De vliegtuigen die wel kans zagen op te stijgen, zoals de G-I jagers van vliegveld Waalhaven, leverden soms indrukwekkende prestaties, zeker als men zich realiseert dat een enkel Nederlands toestel doorgaans vijf tot tien Duitse opponenten tegenover zich vond. Verwoeste thuisbases maakte het voor de Nederlandse vliegers vaak onmogelijk terug te keren. Een noodlanding of uitwijken naar andere luchtmachtbases was dan vaak de enige oplossing.</p>
<p>Zoals eerder gesteld heeft het Duitse leger een hoge prijs moeten betalen voor de invasie in Nederland. Een bijzondere rol bij het toebrengen van verliezen aan de Duitse luchttransportvloot was weggelegd voor de Nederlandse luchtdoelartillerie. Hoewel slechts een klein deel van de in het buitenland bestelde wapens was geleverd, vormde de Brigade Luchtdoelartillerie een levensgrote bedreiging voor met name de logge Duitse transportvliegtuigen. Hoewel tijdens de mobilisatieperiode werd geoefend in het neerhalen van luchtdoelen, werd de meeste ervaring opgedaan tijdens de eerste uren van de oorlog. Hierbij gingen wel grote hoeveelheden munitie verloren, maar gelet op het aantal door de luchtafweer neergehaalde toestellen, ruim 200, kan geconcludeerd worden dat de manschappen hun vak verstonden.</p>
<p><strong>Het einde van de strijd nadert</strong></p>
<div>De dagen die na de tiende mei volgden, werden gekenmerkt door hardnekkig verzet, maar de steeds verder oprukkende Duitse troepen maakten duidelijk dat het einde van de strijd nabij was. Hoe lang zou het nog duren? Dagen? Weken? Geen mens kon het op dat moment zeggen. Hoewel de Nederlandse troepen op veel plaatsen werden teruggedrongen, werd er op sommige plaatsen hardnekkig stand gehouden. Zo wisten de Nederlandse verdedigers bij de Afsluitdijk keer op keer Duitse aanvallen af te slaan. Zelfs na zware Duitse luchtaanvallen en stormaanvallen van Duitse infanteristen, werd het Nederlandse bolwerk niet overrompeld.De buitenlandse hulp aan Nederland bleef zeer beperkt en de effecten zijn minimaal geweest. Nadat Londen, Parijs en Brussel in de vroege ochtend van de tiende mei te kennen was gegeven dat militaire steun zeer op prijs gesteld zou worden, verschenen dezelfde dag twee Franse divisies in Zeeland, die het bevel over de Nederlandse troepen aldaar overnamen. Het Franse Zevende Leger was van plan op te rukken naar Noord-Brabant, maar werd gehinderd door voor de Duitsers opgeworpen Nederlandse wegversperringen. De Britten stuurden sabotagetroepen naar Zeeland om de infrastructuur te vernietigen en probeerden met luchtaanvallen de overgebleven Nederlandse vliegvelden onbruikbaar te maken.</div>
<div class="wp-caption alignright" style="width: 432px"> <a href="http://www.gemeentearchief.rotterdam.nl/brandgrens/images/stories/Bombardement/schiedamseweg_anoniem.jpg"><img title="Rotterdam Gebombardeerd" src="http://www.gemeentearchief.rotterdam.nl/brandgrens/images/stories/Bombardement/schiedamseweg_anoniem.jpg" alt="Rotterdam, na het bombardement. Bron: www.gemeentearchief.rotterdam.nl" width="422" height="237" /></a><p class="wp-caption-text">Rotterdam, na het bombardement. Bron: www.gemeentearchief.rotterdam.nl</p></div>
<p>In de vroege ochtend van 14 mei was het voor generaal Winkelman duidelijk dat de strijd hoe dan ook ten einde liep. Het betekende niet dat de Nederlandse opperbevelhebber wilde capituleren: hoe langer het Nederlandse verzet zou aanhouden, hoe minder Duitse troepen naar België en Frankrijk konden worden gestuurd. Bovendien was het grootste gedeelte van de Nederlandse luchtafweer nog steeds actief en effectief, hoewel het munitietekort hen nu ook parten ging spelen. Rond half elf meldde kolonel Scharroo, bevelhebber van de Nederlandse troepen die in en rondom Rotterdam gelegerd waren, dat er van Duitse zijde een ultimatum ontvangen was waarin de overgave van Rotterdam werd geëist. Indien hier geen gehoor aan zou worden gegeven, zou Rotterdam worden gebombardeerd. Het document was echter niet ondertekend en Scharroo stuurde de Duitse afgezant heen met de mededeling dat hij alleen wilde overleggen over een overgave indien hij een door een Duitse bevelhebber ondertekent document onder ogen zou krijgen. De Duitse koerier keerde in de middag terug met een tweede ultimatum, maar voordat Scharroo kon antwoorden, verschenen kort na half twee Duitse bommenwerpers boven de havenstad. De Nederlandse luchtmacht was inmiddels gemarginaliseerd en ook de Nederlandse luchtdoelartillerie kon niet voorkomen dat de Rotterdam werd gebombardeerd. Een luchtvloot van meer dan honderd Duitse bommenwerpers legde de stad in de as. Tegen half vier kwam een Nederlandse officier bij Winkelman aan: ‘Generaal, ik kom uit een hel’, zei hij en vertelde dat Rotterdam gebombardeerd was. Winkelman was geschokt door de Duitse actie, maar dacht nog altijd niet aan overgave. Rotterdam was weliswaar gevallen, maar elders in het land waren Nederlandse troepen nog steeds niet verslagen. Inmiddels had een Duitse koerier Utrecht bereikt, waar eveneens een ultimatum werd overhandigd. Winkelman realiseerde zich later die middag dat Utrecht, evenals Rotterdam, niet beschermd kon worden. Na overleg met zijn staf hakte de Nederlandse opperbevelhebber de knoop door: Utrecht moest gespaard blijven. Het Nederlandse leger zou de wapens neerleggen.</p>
<p>Woensdagmorgen 15 mei, om acht uur in de ochtend, verscheen Winkelman volgens afspraak op de Rotterdamse Maasbrug. Vandaar werd de generaal met zijn officieren naar een lagere school in Rijsoord gebracht, alwaar de capitulatie zou worden ondertekend. De Duitse generaal Von Küchler hield een korte toespraak, waarin de Nederlandse troepen gecomplimenteerd werden. Winkelman bedankte voor het compliment, maar hield verder zijn mond dicht. Küchler vond dat prima en ging over tot de orde van de dag en legde Winkelman de capitulatievoorwaarden voor. Toen gebeurde er iets onverwachts. Winkelman weigerde. De Nederlandse opperbevelhebber wilde niet instemmen met de overgave van de Nederlandse troepen in Zeeland, omdat die onder Frans bevel vielen en het Nederlandse opperbevel daarover niets te vertellen had. Küchler stemde uiteindelijk in, maar eiste wel dat de Nederlandse piloten die naar het buitenland waren gevlucht, niet meer aan de oorlog zouden deelnemen. Winkelman weigerde opnieuw: ‘nee’, sprak hij, ‘dat kan niet, want wij sluiten geen vrede. Wij zetten de oorlog door!’. De Duitse officieren probeerden de Nederlanders over te halen, maar zagen uiteindelijk in dat het geen zin had, daar Winkelman buiten Nederland niets te vertellen had. Maar de onzetting bij de Duitsers werd nog groter. Die paar gevluchte Nederlandse piloten en de Nederlandse soldaten in Zeeland kon men nog wel verkroppen, maar waar waren de Nederlandse marine en de koopvaardijvloot? De Nederlandse Schout-bij-Nacht Heeris nam nu het woord en vertelde de aanwezige Duitse marineattaché dat hij slechts enkele uren geleden een telex aan alle onderdelen had gestuurd waarin hij opriep zoveel mogelijk personeel en materieel naar Engeland te sturen. Diverse marineschepen en 2000 man personeel hadden daarop koers naar Engeland gezet. De Duitsers reageerden geërgerd, zeker toen Heeris zijn verhaal vervolgde en meedeelde dat alle Nederlandse koopvaardijschepen al in de vroege ochtend van 10 mei een telegram hadden gekregen met het bevel niet naar Nederland terug te keren. Slechts tien procent viel in Duitse handen. In totaal was een gezamenlijk tonnage van 2.500.000 weggebleven of weggevaren. Na twee uur onderhandelen zaten de Nederlandse en Duitse officieren tegenover elkaar. Het was doodstil. Op tafel lag het capitulatieprotocol. Om tien uur zette generaal Winkelman zijn handtekening. De Duitse bezetting was begonnen.</p>
<p><strong>Het hogere doel</strong></p>
<div><em>‘Soldaten van het Nederlandse strijdtoneel! U hebt in vijf dagen een sterk en goed voorbereid leger dat zich achter schijnbaar onneembare hindernissen en versterkingen taai verdedigde, aangevallen, zijn luchtmacht uitgeschakeld en het tenslotte tot overgave gedwongen. U hebt daarmee een unieke prestatie verricht. De toekomst zal de militaire betekenis ervan leren. Slechts door uw voorbeeldige samenwerking, door de vastbeslotenheid van de aanvoerders en de dapperheid van de soldaten, in het bijzonder echter door de moedige inzet van de heldhaftige parachutisten en luchtlandingstroepen is dit succes mogelijk geworden.’<br />
</em><br />
Adolf Hitler , 15 mei 1940Met bovenstaande woorden sprak Adolf Hitler in een dagorder voor de Duitse soldaten zijn bewondering en tevredenheid uit over de acties in Nederland. Ondanks alle verliezen leek Hitler in zijn nopjes, maar was hij dat werkelijk? Of waren de effecten van Winkelman’s wens zo lang mogelijk vol te houden en de vijand zoveel mogelijk schade te berokkenen nog niet tot de Duitse leider doorgedrongen?Na de voltooiing van de Duitse veroveringen op het vasteland van Europa was Engeland het volgende slachtoffer. Met een raid op de Engelse kust moest Duitsland’s laatste vijand in Europa uitgeschakeld worden. Het draaiboek voor deze invasieplannen, operatie Seelöwe (Zeeleeuw) geheten, lag al lange tijd klaar. Het plan was om eerst de Engelse luchtmacht op de knieën te krijgen, om zo de invasievloot en de noodzakelijke transportvliegtuigen te beschermen tegen Engelse luchtaanvallen. De bevelhebber van de Duitse luchtmacht, Hermann Göring, had Hitler toegezegd dat deze klus aan het eind van de zomer geklaard zou zijn.Om de Duitse invasieplannen op Engelse bodem goed te kunnen beoordelen, is het noodzakelijk de Engelse defensie in de nazomer van 1940 nader te bestuderen. Met de troepen die op tijd van het Europese vasteland hadden kunnen ontsnappen, waren er voor de verdediging van het gehele eiland slechts 27 divisies beschikbaar. Bovendien waren maar liefst 840 stuks antitankgeschut in Frankrijk achtergebleven, waardoor er nog 167 van dit soort wapens over waren ter verdediging van het Britse eiland. Oefeningen mochten niet worden gehouden, wegens een tekort aan antitankgranaten. Verder was ongeveer 70 procent van het artilleriegeschut in Frankrijk achtergebleven en waren de 27 divisies die de Duitse aanval zouden moeten afslaan zeer slecht uitgerust. Zelfs 300 jaar oude kanonnen werden uit diverse musea gehaald om opnieuw in gebruik genomen te worden. De mobiele eenheden van het Britse leger waren niet meer voor hun taak toegerust, daar er zo weinig militaire voertuigen uit Frankrijk waren teruggehaald, dat deze manschappen nu met gevorderde burgerauto’s vervoerd moesten worden. Op deze manier zou het minstens acht uur kosten voordat deze troepen in staat van paraatheid waren gebracht en binnen dit tijdsbestek waren Hitler’s troepen ruimschoots in staat een invasie uit te voeren. In verband met de te verwachten luchtlandingen werden in en om steden mitrailleurnesten aangelegd, maar men dacht er niet aan om bunkers te bouwen. De Homeguard, het Engelse vrijwilligersleger, stond bekend als en groep oude, in slechte conditie verkerende mannen die, hoewel vastberaden, absoluut geen partij zouden zijn voor de geoefende Duitse soldaten. Bovendien moest de Homeguard, door gebrek aan moderne wapens, zich bedienen van een breed assortiment aan windbuksen, landbouwgereedschap, breekijzers en zelfs enterhaken van Nelson’s vlaggenschip.</p>
<p>De Royal Air Force, de Britse luchtmacht, was in 1940 druk aan het moderniseren. Hoewel luchtgevechten tussen Engelse en Duitse vliegtuigen al ruim voor die tijd plaatsvonden, begon de echte Battle of Britain op 13 augustus 1940, de zogeheten Dag van de Adelaar. De Engelsen konden op dat moment slechts 620 jachtvliegtuigen inzetten tegen een Duitse aanvalsluchtvloot van ruim 1100 jagers en 2500 bommenwerpers. Om dit verschil zo snel mogelijk te minimaliseren, werkten de Britse industrieën op volle kracht en ook in het buitenland werd zoveel mogelijk wapentuig aangekocht. Pas vanaf 1941 begonnen de Britten de militaire achterstand op de Duitsers daadwerkelijk te verkleinen en tot die tijd keek de wereld met angstvallige nauwgezetheid toe en vroeg zich af of de Britten stand zouden houden tegenover de Duitse agressor. Tegen het einde van augustus werd de Britse positie met de dag nijpender. Het tekort aan piloten begon de Britten nu serieus parten te spelen.</p>
<p>Uit het voorgaande blijkt dat de Britse defensie in zeer bedenkelijke toestand verkeerde en dat het Duitse leger vast van plan was het eiland te veroveren. Maar waarom bleef de Duitse invasie dan uiteindelijk uit, net nu de Britse luchtmacht vrijwel geheel uitgeschakeld was? Voor het beantwoorden van deze vraag moeten we een aantal maanden terug, naar de aanval op Nederland.</p>
<p>Om een succesvolle landing op een eiland als Groot-Brittannië uit te voeren waren schepen, transportvliegtuigen, luchtlandingstroepen en goed weer nodig. Ook moest het binnen afzienbare tijd gebeuren, daar de Engelsen langzaam maar zeker hun defensiekracht wisten te vergroten. Hoewel de maand september gekenmerkt werd door slecht weer en een ruwe zee, waren er toch genoeg momenten waarbij de omstandigheden gunstig genoeg waren voor het uitvoeren van een landing. Het is daarom zaak de overige factoren nader te belichten. Bij de Duitse verovering van Noorwegen waren diverse schepen van de Duitse marine verloren gegaan. Hierdoor kon Hitler in de tweede helft van 1940 slechts beschikken over een klein slagschip, vier kruisers en een dozijn torpedojagers. Dit tekort hadden de Duitsers voor een deel proberen te compenseren door de inzet van koopvaardijschepen. De vloot van de Nederlandse marine en de Nederlandse koopvaardijvloot waren nu ongetwijfeld een zeer welkome aanvulling geweest op de Duitse vloot, maar de Nederlandse schepen waren het Europese vastenland ontvlucht.</p>
<p>Het grootste probleem vormden daarbij de benodigde vliegtuigen en luchtlandingstroepen. Wilde een invasie kans van slagen hebben, dan waren luchtlandingstroepen onontbeerlijk. Zij konden immers belangrijke punten veroveren en de landingsplaats voor schepen bezet houden. De Duitse invasie op Kreta, vele maanden later, toonden aan hoezeer het Duitse oppercommando op dit soort troepen rekende. Maar liefst 15.000 man luchtlandingstroepen en 750 transportvliegtuigen werden hierbij ingezet. Ook de geallieerde landingen in Normandie in 1944 en later dat jaar de geallieerde aanval op Nederland operatie Market Garden stonden bekend vanwege de inzet van luchtlandingstroepen.</p>
<p>In de tweede helft van 1940 was de Duitse luchttransportvloot bij lange na niet zo groot. Tijdens de inval in Nederland beschikten de Duitsers over ongeveer 430 transportvliegtuigen. Dit grote aantal was nodig, omdat de Duitsers op grote schaal gebruik zouden maken van luchtlandingstroepen om op die manier de Nederlandse vliegvelden te veroveren. Bij evaluatie van de aanval op Nederland komen dan drie belangrijke gegevens naar voren. Ten eerste werden 220 Duitse transportvliegtuigen door het Nederlandse leger neergeschoten of op de grond vernietigd. Ten tweede werden de meeste van deze toestellen niet bestuurd door ‘gewone’ piloten, maar door instructeurs, aangezien er op het moment van de aanval niet genoeg opgeleide piloten beschikbaar waren. Velen van hen zijn omgekomen toen zijn met hun toestel werden neergeschoten en anderen zijn na de landing opgepakt door het Nederlandse leger en direct op transport gesteld richting Engeland. Ten derde had het Nederlandse leger de Duitse luchtlandingstroepen zware verliezen toegebracht. Van de 11.075 ingezette manschappen waren ongeveer 4000 soldaten uitgeschakeld. Twaalfhonderd van hen werden als krijgsgevangene richting Engeland verscheept.</p>
<p>De verliezen waren dus enorm, maar welke gevolgen kwamen hieruit voort? De onlangs overleden Nederlandse historicus dr. L. de Jong merkt in zijn werk Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog het volgende op: ‘Voorts hebben de Duitsers zelf erkend dat hun verlies aan transporttoestellen in elk geval boven de helft lag; met het verlies aan elitetroepen en geschoolde instructeurs vormde zulks een schadepost die enkele jaren lang merkbaar bleef.’ Als de verliezen zo hoog waren dat het jarenlang merkbaar bleef, dan was een raid op Engeland in 1940 volkomen ondenkbaar. De verklaring van De Jong krijgt steun uit Duitse hoek. Na de oorlog verklaarde de Duitse generaal Kesselring, destijds bevelhebber van de 2e Duitse Luchtvloot, dat de Duitsers dit verlies de gehele oorlog niet meer te boven zijn gekomen. Zijn chef-staf generaal Speidel voegde daaraan toe dat de verliezen zich ‘nog jaren lang’ lieten voelen. Ook de Studiengruppe Geschichte des Luftkrieges ziet een verband tussen de hoge verliezen bij de strijd in Nederland en latere invasieplannen. In een verslag schrijft de studiegroep dat ‘de hoge verliezen aan mensen en materiaal die de actie om Den Haag tot een mislukking bestempelden, het opperbevel waarschuwden voor te verstrekkende bedoelingen bij latere plannen als operatie Seelöwe, Malta, Gibraltar enz.’ In haar conclusie legt de studiegroep dus een duidelijk verband tussen de Duitse verliezen bij de acties rondom Den Haag, die bovendien als een mislukking werden bestempeld, en latere invasieplannen. Wat betreft de relatie tussen de Duitse verliezen en de gevolgen daarvan voor operatie Seelöwe zegt de Engelse historicus David Lampe het volgende: ‘Velen in Engeland meenden in die tijd dat de Duitsers zouden trachten een invasie uit de lucht te beginnen, doch de rapporten van de inlichtingendienst wezen uit dat dit uitgesloten was, omdat Hitler niet meer beschikte over de voor zo’n operatie benodigde vliegtuigen en -geoefende- luchtlandingstroepen.’ Een Duitse raid op Engeland was eind 1940 dus niet alleen onwaarschijnlijk maar zelfs onmogelijk, vanwege de opgelopen verliezen in Nederland. Maar waarom begon de Battle of Britain dan? Deze luchtoorlog is te wijten aan Hitler’s rotsvaste vertrouwen in de noodzaak van Duits luchtoverwicht, hoewel de top van het Duitse leger na een uitvoerige analyse had geconstateerd dat een landing op Brits grondgebied, volgens de plannen zoals die in 1940 op tafel lagen, gedoemd was te mislukken.</p>
</div>
<p><strong>Het gelijk van generaal Winkelman</strong></p>
<div>
<div class="wp-caption alignright" style="width: 395px"><a href="http://www.tweede-wereldoorlog.org/images/rotterdamna14mei1940/winkelman.jpg"><img title="Generaal Winkelman" src="http://www.tweede-wereldoorlog.org/images/rotterdamna14mei1940/winkelman.jpg" alt="Generaal Winkelman. Bron: www.tweede-wereldoorlog.org" width="385" height="217" /></a><p class="wp-caption-text">Generaal Winkelman. Bron: www.tweede-wereldoorlog.org</p></div>
<p>Was de Nederlandse strijd in de meidagen van 1940 hopeloos? Wanneer het doel was Nederland vrij te houden van Duitse bezetting dan is het antwoord achteraf ‘ja’. Maar als de vraag wordt gesteld of het Nederlandse leger haar haalbare doelen bereikt heeft, kan eveneens bevestigend worden geantwoord. Hitler sprak in zijn dankwoord aan de Duitse soldaten over een sterk en goed voorbereid Nederlands leger, maar de werkelijkheid was geheel anders. Desondanks vocht dit leger voor wat het waard was en heeft het de Duitse invaller volgens het plan van Winkelman enorme schade toegebracht. Het Duitse leger heeft een hoge prijs betaald voor haar agressie jegens Nederland en het heeft de Duitse invasieplannen voor Groot-Brittannië, waarmee de Duitse verovering van Europa voltooid zou zijn, de grond in geboord. Generaal Winkelman heeft waarschijnlijk nooit gedacht dat zijn geloof in het aanhoudende verzet en de schadeberokkening aan Duitse troepen en materieel zulke grote gevolgen teweeg zouden brengen.</p>
<p>Hoe groot de uiteindelijke gevolgen van de Duitse verliezen in Nederland zijn geweest voor het verloop van de oorlog is nooit met zekerheid vast te stellen. Oorlogen zijn dynamische processen en een overwinning valt of staat doorgaans niet met één enkele gebeurtenis. Toch zijn er een aantal belangrijke kanttekeningen te maken en roept een situatieschets belangrijke vragen op. Wanneer een aanval op Engeland met voldoende transportvliegtuigen, getrainde piloten en luchtlandingstroepen het te verwachten geslaagde resultaat zou hebben gehad, dan had de bezetting van Engeland een belangrijke wending aan het verloop van de oorlog in Europa kunnen geven. Want hoe had Europa bevrijd moeten worden? Engeland was dan immers als nabije ‘springplank’ naar Europa bezet geweest en Europa en Noord-Afrika zuchtten onder het juk van de As-mogendheden. Een invasie op de kusten van Normandië, waarmee uiteindelijk de bevrijding van Europa werd ingeluid, was dan onmogelijk. Welke andere opties waren voor handen geweest om een enorm invasieleger te herbergen? Ijsland lag te ver weg. Als de Duitsers het nodig vonden, konden ze Ierland eveneens makkelijk bezetten. In Noord-Afrika was een invasieleger van dergelijke omvang niet te verbergen en bovendien zou het fijne woestijnzand een desastreuze uitwerking hebben op het wapentuig. Bovendien moest een invasievloot dan een langere afstand over zee moeten afleggen en liep dan ook eerder de kans opgemerkt te worden door vijandelijke vliegtuigen. Vanwege de beperkte actieradius van jachtvliegtuigen kon een invasievloot, welke een grote afstand moest overbruggen tot de landingsplaats, slechts beperkt rekenen op de bescherming van de eigen luchtmacht.</p>
<p>Het uitblijven van de raid op Engeland betekende ook dat de Duitsers grote troepenconcentraties in Europa moesten houden, terwijl deze ook hadden kunnen worden ingezet om de olievelden van het Duitsgezinde Perzië te bereiken. Hoe was de oorlog verlopen als de Duitsers hadden kunnen beschikken over de natuurlijke rijkdommen van de overwonnen landen?</p>
<p>Maar zoals gezegd, oorlog zijn dynamische processen en het heeft dan ook geen zin door te schieten in mogelijke scenario’s over hoe de oorlog had kunnen verlopen. Het is en blijft te speculatief. Laten we ons ter afsluiting richten op de bedoelingen van generaal Winkelman. Hoewel het ook voor hem duidelijk was dat de strijd om Nederland uiteindelijk niet te winnen was, probeerde hij door voortzetting van de strijd de eveneens door de Duitsers aangevallen landen te ontlasten. Hij rekende op de slagkracht van met name zijn leger en luchtafweer. Dat het Nederlandse leger zo’n grote schade heeft kunnen toebrengen aan de Duitse agressor, dat het daarmee zelfs diens invasieplannen voor Groot-Brittannië tot het verleden lieten behoren, is in dat geval de bekroning van Winkelman’s strategie. De strijd om Nederland is niet voor niets geweest.</p>
</div>
<div></div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/de-vernietiging-van-de-duitse-luchttransportvloot/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Fokker G-1: een korte geschiedenis</title>
		<link>http://www.historien.nl/een-korte-geschiedenis-van-de-fokker-g-1/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/een-korte-geschiedenis-van-de-fokker-g-1/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 04 May 2012 16:56:53 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Erik Sweers</dc:creator>
				<category><![CDATA[1900 tot 1950: tijd van wereldoorlogen]]></category>
		<category><![CDATA[Nederland]]></category>
		<category><![CDATA[Pas verschenen]]></category>
		<category><![CDATA[Tweede Wereldoorlog]]></category>
		<category><![CDATA[Voorpagina]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=2745</guid>
		<description><![CDATA[In mei 1940 verdedigen een handjevol G-1&#8242;s het Nederlandse luchtruim tegen de Duitse luchtmacht. Een verloren strijd, maar toch wordt de G-1 een legendarisch vliegtuig. Een korte geschiedenis.Parijse Luchtvaartshow Elke zichzelf respecterende vliegtuigbouwer die zijn nieuwste ontwerp aan het grote publiek wil presenteren, stuurt een toestel naar de wereldberoemde Parijse Luchtvaartshow. Dat gebeurt nu, maar het [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p class="standaard">In mei 1940 verdedigen een handjevol G-1&#8242;s het Nederlandse luchtruim tegen de Duitse luchtmacht. Een verloren strijd, maar toch wordt de G-1 een legendarisch vliegtuig. Een korte geschiedenis.<span id="more-2745"></span><strong>Parijse Luchtvaartshow</strong></p>
<div class="mceTemp"><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2008/08/fokker_g1.jpg"><img class="wp-image-3637 alignright" title="fokker_g1" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2008/08/fokker_g1-300x164.jpg" alt="" width="300" height="164" /></a>Elke zichzelf respecterende vliegtuigbouwer die zijn nieuwste ontwerp aan het grote publiek wil presenteren, stuurt een toestel naar de wereldberoemde Parijse Luchtvaartshow. Dat gebeurt nu, maar het gebeurde ook in de jaren 30. In 1936 stak een vliegtuig met kop en schouders boven de concurrentie uit. Het tweemotorige vliegtuig met dubbele staartboom en een cockpit, die als een sigaar tussen de twee motoren was ingebouwd, was een onconventioneel, gewaagd en fraai ontwerp, dat door de bezoekers van de luchtvaartshow direct in de harten werd gesloten. Die liefde op het eerste gezicht was opmerkelijk, omdat dit prototype van de G-1 op dat moment nog geen meter gevlogen had.</div>
<p class="standaard"><strong>LVA<br />
</strong>De eerste testvlucht in 1937 was een enorm succes. De X-2, zoals het prototype heette, was snel en wendbaar en moest het zonder meer kunnen opnemen tegen andere jachtvliegtuigen uit die periode. Dat was ook de Luchtvaart Afdeeling (LVA), de voorganger van de Koninklijke Luchtmacht, niet ontgaan. Nadat nieuwe motoren werden ingebouwd en het toestel de aanduiding G-1 kreeg, plaatste de LVA een bestelling van 36 vliegtuigen. In plaats van de kanonnen werden acht mitrailleurs in de neus geplaatst, waardoor het toestel al snel de bijnaam &#8216;de Maaier&#8217; kreeg. Naast de mitrailleurs kon de G-1 nog 400 kilogram bommen meenemen. Daardoor was het niet zozeer een jager, maar een jachtkruiser: multifunctioneel en in staat om lange tijd het luchtruim te doorkruisen.</p>
<p class="standaard"><strong>Buitenlandse interesse</strong><br />
Vertegenwoordigers van buitenlandse luchtmachten meldden zich inmiddels aan de poort van Fokker en stuurden testpiloten om de G-1 uit te proberen. Er werd gevlogen door Denen, Finnen, Zweden, Spanjaarden, Belgen en Turken. De Spanjaarden bestelden als eersten. Toen de toestellen gereed waren voor levering, was de Spaanse Burgeroorlog al voorbij. Estland was bereid om deze G-1&#8242;s over te nemen, maar de Nederlandse regering haastte zich om dat te voorkomen.</p>
<p class="standaard">Inmiddels pakten donkere wolken zich samen boven Europa. Nederland vreesde een oorlog en op de internationale wapenmarkt werd het steeds moeilijker om aan moderne, hoogwaardige wapens te komen. De Nederlandse regering besloot daarom de Spaanse G-1&#8242;s in Nederland te houden en voor de eigen luchtverdediging in te zetten. De Denen ontvingen nog wel de onderdelen voor twaalf G-1&#8242;s, maar geen van deze vliegtuigen heeft ooit gevlogen. Toen de Duitsers het land binnenvielen, waren Deense technici nog druk in de weer met het in elkaar zetten van de eerste G-1.</p>
<p class="standaard"><strong>Mei 1940<br />
</strong>In de vroege ochtend van de tiende mei in 1940 vielen de Duitsers Nederland binnen. Op dat moment stonden 23 G-1&#8242;s gevechtsklaar op de bases Bergen en Waalhaven. De G-1&#8242;s van Waalhaven stegen tijdens een bombardement van Duitse Heinkel 111 bommenwerpers op, waarbij acht van de elf toestellen net op tijd konden wegkomen. De piloten stortten zich direct op de Duitse aanvallers en schoten vrijwel meteen Martin Fiebig, de commandant van het Duitse KG54-squadron, uit de lucht. In de luchtgevechten die volgden werden nog eens zes Heinkels door de vliegers van Waalhaven neergehaald. Een formidabele prestatie, gelet op het enorme Duitse luchtoverwicht.</p>
<p class="standaard">Maar ook de G-1&#8242;s kwamen er niet zonder kleerscheuren af. Waalhaven was grotendeels verwoest door Duitse luchtaanvallen en landen was onmogelijk. Voor veel G-1&#8242;s bleef er niets anders over dan een noodlanding maken. Slechts een G-1 wist De Kooy, een ander Nederlands vliegveld, te bereiken en daar een veilige landing te maken. Op vliegveld Bergen wist slechts een G-1 het luchtruim te kiezen, maar de piloot had geen kans tegen de enorme Duitse overmacht. Met veel moeite wist hij zijn in de lucht te houden en veilig op Bergen te landen.</p>
<p class="standaard">In de dagen die volgden nam het aantal vliegklare G-1&#8242;s af en werden ze hoofdzakelijk voor escorte en grondaanvallen ingezet. Op 14 mei was er welgeteld nog een vliegklaar. De rest was beschadigd, neergeschoten of had een noodlanding moeten maken. Maar desondanks had de G-1 als vliegtuig haar waarde bewezen. Het toestel kon zich meten met Duitse jagers, zoals de Messerschmitt 109. Het was voornamelijk door de vijandelijke overmacht en de minder goed getrainde piloten waardoor de G-1 niet de roem en eer heeft gekregen die het eigenlijk toekwam. Want wat als er nu geen 23 maar 230 G-1&#8242;s gereed stonden op de ochtend van de tiende mei? Hoe was de luchtstrijd dan verlopen? We zullen het nooit weten. Het einde van de gevechten in mei 1940 betekende ook het einde van de G-1. Een aantal half afgebouwde machines werden door de Duitsers afgebouwd en als lesvliegtuig gebruikt, maar ook van deze G-1&#8242;s overleefde geen enkele de oorlog.</p>
<p class="standaard">Ondanks het feit dat de G-1 maar zo&#8217;n korte periode actief is geweest, heeft het vliegtuig toch diepe indruk gemaakt. Jaren geleden is een model op ware grootte gebouwd, dat sindsdien te bewonderen is in het Militaire Luchtvaartmuseum te Soesterberg. Een prachtige aanwinst, maar het kan natuurlijk nog beter. Wellicht zal een Fokker G-1 in de toekomst weer het Nederlandse luchtruim doorkruisen. Laten we het hopen, het is het zeker waard!</p>
<p class="standaard"><strong>Youtubefilmje de X-2, het prototype van de G-I</strong></p>
<p><a href="http://www.grebbeberg.nl/bibliotheek/bewapening/gfx/fokker_g1.jpg"><a href="http://www.historien.nl/een-korte-geschiedenis-van-de-fokker-g-1/"><p><em>Klik hier om de embedded video te bekijken.</em></p></a></a></p>
<p>Fokker D-XXI toestellen in de meidagen van 1940</p>
<p><a href="http://www.grebbeberg.nl/bibliotheek/bewapening/gfx/fokker_g1.jpg"><a href="http://www.historien.nl/een-korte-geschiedenis-van-de-fokker-g-1/"><p><em>Klik hier om de embedded video te bekijken.</em></p></a></a></p>
<p class="standaardbold"><strong>Links</strong></p>
<p class="standaardbold"><a class="jce_file" title="Stichting Fokker G-1" href="http://www.fokkerg-1.nl/" target="_blank">Stichting Fokker G-1</a></p>
<p class="standaardbold"><a class="jce_file" title="Militaire Luchtvaartmuseum Soesterberg" href="http://www.militaireluchtvaartmuseum.nl/" target="_blank">Militaire Luchtvaartmuseum Soesterberg</a></p>
<p class="standaardbold">
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/een-korte-geschiedenis-van-de-fokker-g-1/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Vrouwen in oorlogstijd</title>
		<link>http://www.historien.nl/vrouwen-in-oorlogstijd/</link>
		<comments>http://www.historien.nl/vrouwen-in-oorlogstijd/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 04 May 2012 16:00:11 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Harry de Ridder</dc:creator>
				<category><![CDATA[1900 tot 1950: tijd van wereldoorlogen]]></category>
		<category><![CDATA[Personen]]></category>
		<category><![CDATA[Tweede Wereldoorlog]]></category>
		<category><![CDATA[Voorpagina]]></category>
		<category><![CDATA[Vrouwengeschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[Gelderland]]></category>
		<category><![CDATA[vrouw]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.historien.nl/?p=13677</guid>
		<description><![CDATA[Oorlog is een mannenzaak, maar vrouwen hebben er net zoveel last van. Als strijder, onderduiker, moeder, verpleegster of als geliefde. Dagblad De Gelderlander en Omroep Gelderland hebben verhalen van vrouwen in de Tweede Wereldoorlog gevangen op een speciale website.De Tweede Wereldoorlog speelt nog dagelijks een prominente rol in het leven van veel Nederlanders. Dat blijkt mede [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-klein.jpg"><img class="alignleft size-full wp-image-13678" style="float: left; margin-left: 10px; margin-right: 10px; border: black 1px solid;" title="vrouweninoorlogstijd-klein" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-klein.jpg" alt="Vrouwen in oorlogstijd" width="120" height="90" /></a>Oorlog is een mannenzaak, maar vrouwen hebben er net zoveel last van. Als strijder, onderduiker, moeder, verpleegster of als geliefde. Dagblad De Gelderlander en Omroep Gelderland hebben verhalen van vrouwen in de Tweede Wereldoorlog gevangen op een speciale website.<span id="more-13677"></span>De Tweede Wereldoorlog speelt nog dagelijks een prominente rol in het leven van veel Nederlanders. Dat blijkt mede uit de stroom van reacties op een oproep van <em>De Gelderlander</em> voor &#8216;Vrouwen in oorlogstijd&#8217;, een serie artikelen die <em>De Gelderlander</em> naar aanleiding van 65 jaar bevrijding heeft uitgebracht. In deze serie spelen vrouwen en hun oorlogservaringen de hoofdrol.</p>
<p>De oproep heeft zo&#8217;n honderd reacties opgeleverd van vrouwen, maar ook van mannen die het oorlogsverhaal van hun inmiddels overleden moeder wilden vertellen. Deze reacties kwamen uit alle hoeken van het land en zelfs van naar het buitenland geëmigreerde Nederlanders. Uit de reacties zijn tal van artikelen gedestilleerd én een serie tv-uitzendingen op Omroep Gelderland.</p>
<p>Het dagblad en de omroep hebben gezamenlijk een speciale <a href="http://www.vrouweninoorlogstijd.nl " target="_blank">website</a> in het leven geroepen waar de verhalen van de vrouwen terug te vinden zijn, gerubriceerd in vijf rubrieken:</p>
<ol>
<li>Leven en overleven</li>
<li>Vrouwen en verzet</li>
<li>Vrouwen aan het roer</li>
<li>Liefde in oorlogstijd</li>
<li>Vrijheid en vergelding</li>
</ol>
<p><strong><br />
1. Leven en overleven</strong><br />
Hier kunt u zeven verhalen van vrouwen lezen (en soms beluisteren) die overleefden in de moeilijke oorlogstijd: in de operatiekamer van een Tiels ziekenhuis als de Duitsers Tiel binnenvallen, tijdens de Slag om Arnhem en in de hongerwinter.</p>
<div id="attachment_13680" class="wp-caption alignnone" style="width: 535px"><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd1.jpg"><img class="size-full wp-image-13680" title="vrouweninoorlogstijd1" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd1.jpg" alt="" width="525" height="295" /></a><p class="wp-caption-text">Dien Schulte-Holland - © Vrouweninoorlogstijd.nl</p></div>
<p>Na de Slag om Arnhem in september 1944 moest de bevolking evacueren. In allerijl werden spullen bijeengegraaid en daar gingen de Arnhemmers, een onzekere toekomst tegemoet. Een kilometerslange stoet, het hele hebben en houden op fietsen en karren geladen. Met bange en huilende kinderen. Sommige kinderen waren niet ouder dan zes weken, zoals Rob Schulte. Zijn moeder Dien Schulte-Holland (96) herinnert zich die tijd als de dag van gisteren.</p>
<p>Ze herinnert ze zich vooral de angst. Negen maanden lang angst. &#8220;We moesten Arnhem verlaten. Begin oktober zijn we met een wit laken aan een stok naar kasteel Rozendaal gelopen. Bertus en ik met de kinderen, mijn ouders, oom Theo en tante Bets met mijn nichtje Henny. Op het kasteel werkte een nicht van mijn moeder in de bediening. Haar man was huisknecht en koetsier. We konden daar terecht in een oud boerenhuisje op het terrein.&#8221; Langs het terrein stonden veel Duitse tanks geparkeerd, weet ze nog. &#8220;Die werden nog wel eens gebombardeerd door de Engelsen. Ook is er een keer een tank het huis ingereden. De bestuurder was dronken.&#8221;</p>
<p>&gt;&gt;<a href="http://www.omroepgelderland.nl/web/Vrouwen-in-Oorlogstijd/Vrouwen-in-Oorlogstijd-artikel/438311/Negen-maanden-leven-in-angst.htm" target="_blank">lees meer over Dien</a> (externe link)&gt;&gt;</p>
<p><strong>2. Vrouwen en verzet</strong><br />
Hier vindt u drie verhalen van vrouwen die een rol in het verzet speelden. Een van de verhalen wordt verteld door de Apeldoornse Daisy Juncker.</p>
<div id="attachment_13702" class="wp-caption alignnone" style="width: 538px"><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-daisy.jpg"><img class="size-full wp-image-13702" title="vrouweninoorlogstijd-daisy" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-daisy.jpg" alt="" width="528" height="237" /></a><p class="wp-caption-text">Daisy Juncker - © Vrouwen in oorlogstijd</p></div>
<p>Daisy komt via haar vriend in aanraking met het verzet. Bij haar toekomstige schoonouders zitten drie Engelse piloten ondergedoken. Op zich al een gevaarlijke situatie, maar dan wordt een Duitse vrouw met haar moeder bij de familie ingekwartierd.<br />
Een van de piloten is ernstig ziek en wordt stiekem geholpen door de huisarts. Hij schreeuwde het soms tijdens een van zijn nachtmerries in het Engels uit. Als door een wonder ontsnapt Daisy en haar familie aan ontdekking.</p>
<p>&gt;&gt;<a href="http://www.omroepgelderland.nl/web/Vrouwen-in-Oorlogstijd/Vrouwen-in-Oorlogstijd-artikel/478271/Een-huis-vol-onderduikers.htm" target="_blank">Lees meer over Daisy</a> (externe link)&gt;&gt;</p>
<p><strong>3. Vrouwen aan het roer<br />
</strong>In dit onderdeel drie bijzondere verhalen van vrouwen die het onder moeilijke omstandigheden moesten proberen te redden.  U vindt hier het verhaal van Rose die net als Anne Frank ondergedoken zat en een dagboek bijhield. En het verhaal van de <em>Engel van Arnhem</em> die met een moederhart gewonde soldaten verzorgde. Maar ook het verhaal van de vrouwen van Putten die het alleen moesten redden nadat de complete mannelijke bevolking bij wijze van wraakactie door de Duitsers werd weggevoerd.<strong> </strong></p>
<div id="attachment_13708" class="wp-caption alignnone" style="width: 534px"><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-lena.jpg"><strong><img class="size-full wp-image-13708" title="vrouweninoorlogstijd-lena" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-lena.jpg" alt="" width="524" height="294" /></strong></a><p class="wp-caption-text">Lena Schelling-Vos - © Vrouwen in oorlogstijd</p></div>
<p>Putten was in oktober 1944 het toneel van de ergste wraakactie van de Duitsers in bezet Nederland. Een groot deel van het Veluwse dorp werd in brand gestoken en de vrouwen gingen de winter in zonder man. Lena Schelling-Vos redde het dankzij de moestuin die haar echtgenoot met vooruitziende blik had aangelegd.</p>
<p>Lena Schelling-Vos was dertig en had vier kleine kinderen toen de Duitsers op 2 oktober 1944 haar man op de trein naar Kamp Amersfoort zetten. Ze heeft hem nooit meer teruggezien.</p>
<p>&#8220;Ik ben die dag niet naar de kerk geweest. Ik had net een baby, die was zes weken. En een kindje van 2, een jongetje van 4 en mijn oudste dochtertje moest nog 6 worden&#8221;, vertelt Lena Schelling, 95 jaar en woonachtig in Bilthoven. &#8220;We wisten niet wat zou gebeuren. Ik zag het niet eens erg in, hield het op bangmakerij. Mijn man wel. Hij heeft echt afscheid genomen toen hij naar de kerk moest.&#8221;</p>
<p>&gt;&gt;<a href="http://www.omroepgelderland.nl/web/Vrouwen-in-Oorlogstijd/Vrouwen-in-Oorlogstijd-artikel/435391/Vrouwen-in-Putten-moesten-het-alleen-redden.htm" target="_blank">Lees meer over Lena</a> (externe link)&gt;&gt;</p>
<p><strong>4. Liefde in oorlogstijd<br />
</strong>Het onderdeel &#8216;Liefde in oorlogstijd&#8217; geeft verhalen van verboden vlinders tussen twee joodse jonge mensen in blok 18 van kamp Auschwitz,  de relatie tussen een Hollandse jongen in een werkkamp in Noord-Duitsland en een Duits meisje en de geheime relatie tussen een Russische jonge vrouw en een Nederlandse jongeman tijdens de <em>Arbeidsinsatz </em>in een fabriek van Krupp in Rheinhausen bij Duisburg.</p>
<div id="attachment_13711" class="wp-caption alignnone" style="width: 535px"><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-lenavermeulen.jpg"><img class="size-full wp-image-13711" title="vrouweninoorlogstijd-lenavermeulen" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-lenavermeulen.jpg" alt="" width="525" height="295" /></a><p class="wp-caption-text">Nina Vermeulen-Soklokowa - © Vrouwen in oorlogstijd</p></div>
<p>Opgegroeid in Marosow, een dorpje 800 kilometer ten zuiden van Moskou, helpt Nina als jong meisje op de boerderij van haar vader. Als de oorlog uitbreekt, wordt ze als eerste van de familie opgepakt om in Duitsland te werk te worden gesteld.<br />
In het kamp zitten ook mannen uit Nederland die voor de Arbeitseinsatz zijn geronseld. Op het praten met hen staan hoge straffen, maar toch zijn er manieren om elkaar te ontmoeten. &#8220;Jo Vermeulen werkte in de fabriek. &#8216;s Winters kon je bij het vuur even met elkaar praten. Niet veel, want ik kende maar een paar woordjes Duits en hij ook, maar toch. Op een zondagmiddag ben ik door het prikkeldraad gekropen om hem op te zoeken. Toen we elkaar gevonden hadden, begonnen ze te bombarderen en ben ik bij hem in de barak gekropen. Hij hield mij vast en gaf mij een kusje. Eerst dacht ik: doe weg, want wie weet wat hij met me wilde uitspoken? Ik had mijn moeder verloren toen ik vijf was en was al lang van huis, dus ik wist niks van die dingen. Maar hij was hartstikke lief en toen hebben we elkaar vaker ontmoet.&#8221;</p>
<p>&gt;&gt;<a href="http://www.omroepgelderland.nl/web/Vrouwen-in-Oorlogstijd/Vrouwen-in-Oorlogstijd-artikel/446201/Na-de-bommen-bruidsboeket-van-hortensias.htm" target="_blank">Lees meer over Nina</a> (externe link&gt;&gt;</p>
<p><strong>5. Vrijheid en vergelding</strong><br />
In dit vijfde onderdeel van de verhalenreeks vindt u het verhaal van goed bevriende buren die toevallig aan twee verschillende kanten van de grens wonen in Groesbeek/Wyler én het verhaal van &#8216;Iris&#8217;, dochter van een NSB-er.</p>
<div id="attachment_13712" class="wp-caption alignnone" style="width: 537px"><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-iris.jpg"><img class="size-full wp-image-13712" title="vrouweninoorlogstijd-iris" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-iris.jpg" alt="" width="527" height="294" /></a><p class="wp-caption-text">Meisjes van de Jeugdstorm - © NIOD</p></div>
<p>Ze heeft er nooit over kunnen praten. Ook niet met haar man. Die geneerde zich. Iris, dochter van een NSB’er, vluchtte net voor Dolle Dinsdag (5 september 1944) naar Duitsland en kwam terecht in een ziekenhuis ten oosten van Rostock, waar ze onder steeds moeilijker omstandigheden werkte. Voor één keer wilde ze op 83-jarige leeftijd haar verhaal toelichten, onder een gefingeerde naam.<br />
Hoe is het om kind te zijn van een NSB-er? Ze moet nog weinig hebben van de dodenherdenking en de bevrijdingsdag. &#8220;Wij zijn nooit bevrijd&#8221;, zegt ze. Twintig jaar na de oorlog heeft ze haar verhaal in een multomap opgeschreven omdat het ook toen nog steeds onbespreekbaar was. Hier en daar zijn foto&#8217;s tussen de tekst geplakt. Een netjes gestreken, wit katoenen verpleegsterskapje ligt als een weggestopt aandenken tussen de bladzijden.</p>
<p>&gt;&gt;<a href="http://www.omroepgelderland.nl/web/Vrouwen-in-Oorlogstijd/Vrouwen-in-Oorlogstijd-artikel/438341/Echt-bevrijd-zijn-wij-nooit.htm" target="_blank">Lees meer over Nina</a> (externe link&gt;&gt;</p>
<p><strong>Extra&#8217;s</strong><br />
De website bevat ook een prikbord waar bezoekers hun eigen verhaal of foto&#8217;s kwijt kunnen. En misschien wel het belangrijkste onderdeel, vooral voor mensen die Omroep Gelderland niet kunnen ontvangen: &#8216;Uitzending gemist&#8217;.  Hier kunt u de tv-uitzendingen van elk ongeveer een half uur nakijken.</p>
<p>In de eerste uitzending van 7 januari 2010 blikt de presentatrice Marieke Claassen met verschillende vrouwen terug op de inval in 1940 en staat in de tweede uitzending van 14 januari het onderduiken centraal.</p>
<div class="mceTemp">
<div id="attachment_13714" class="wp-caption alignnone" style="width: 537px"><a href="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-video2.jpg"><img class="size-full wp-image-13714" title="vrouweninoorlogstijd-video2" src="http://www.historien.nl/wp-content/uploads/2010/01/vrouweninoorlogstijd-video2.jpg" alt="" width="527" height="291" /></a><p class="wp-caption-text">De meeste Nederlanders horen van de Duitse inval via de radio - © Vrouwen in oorlogstijd</p></div>
</div>
<div class="mceTemp">
<p>Vrouwen in oorlogstijd: <a href="http://www.vrouweninoorlogstijd.nl" target="_blank">www.vrouweninoorlogstijd.nl</a><br />
Uitzending gemist Omroep Gelderland: <a href="http://www.omroepgelderland.nl/web/Vrouwen-in-Oorlogstijd/uitzendinggemist.htm" target="_blank">http://www.omroepgelderland.nl/web/Vrouwen-in-Oorlogstijd/uitzendinggemist.htm</a></p>
<p>Vanwege de concrete verhalen ook uitermate geschikt voor het onderwijs!</p>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.historien.nl/vrouwen-in-oorlogstijd/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

