Historiezucht in de negentiende eeuw

In haar nieuwe boek Historiezucht laat Marita Mathijsen zien hoe rond 1800 het historisch besef overal begon te ontwaken. De ontwikkelingen in Nederland plaatst zij daarbij in een Europese context.

Historiezucht_omslag

Afbeelding omslag: Ary Scheffer, Francesca da Rimini (1835). Dante en Vergilius kijken samen naar een overspelig liefdespaar dat voor eeuwig aan elkaar zit vastgeklonken in de ‘hellekring der wellustigen’.

De geschiedenis is overal aanwezig en speelt heel vaak mee in ons denken en voelen. Dat is zo vanzelfsprekend dat we ons meestal niet of nauwelijks realiseren dat dit historisch besef zelf ook een hele geschiedenis kent, die teruggaat tot de tijd rond 1800. Bij het schetsen van de toenemende belangstelling voor de geschiedenis in de negentiende eeuw gebruikt emeritus hoogleraar Marita Mathijsen, die al veel gezaghebbende studies over die periode op haar naam heeft staan, enkele steeds terugkerende kernbegrippen.

Belangrijk is vooral dat de geschiedenis niet meer alleen een zaak van een kleine elite blijft, maar dat er op grote schaal een ‘democratisering’ en een daarbij horende ‘toe-eigening’ van het verleden plaatsvindt. De geschiedenis is het eigendom van iedereen, vormt een deel van jezelf en de omgeving waartoe je behoort en komt dus in toenemende mate van de private in de ‘publieke ruimte’ terecht. Dat alles leidt tot een zekere ‘massalisering’. Steeds meer mensen raken geobsedeerd door het verleden en gaan daarom op reis naar verre en soms ook vreemde tijden en ondergaan daarbij de uiteenlopende gevoelens die bij zulke tochten horen. Niet alleen het aantal actieve beoefenaars van de geschiedenis ‒ naast historici met name ook schilders, beeldhouwers, architecten, tekstediteurs en schrijvers ‒ neemt sterk toe, maar ook het aantal passieve liefhebbers, zoals museumbezoekers en lezers van historische romans. Wat daarbij zeker ook meespeelt is dat er een ‘uitbreiding’ van het terrein der geschiedschrijving plaatsvindt, doordat nu ook het wel en wee van het gewone volk en de zeden en gewoonten tot de aandachtspunten gaan behoren.

Wat ik naast de veelkleurige relatie tussen de romantiek en de belangstelling voor het verleden vooral interessant blijf vinden, is dat de fascinatie voor de geschiedenis ook niet los gezien kan worden van het opkomende nationalisme en de wijd en zijd gepropageerde vaderlandsliefde. Een opkomende natie moest zich immers met name zien te legitimeren door een beroep te doen op een gezamenlijk, liefst glorierijk verleden. Juist dat verleden moest bewijzen dat vooral daar onze eigen identiteit te vinden was en dat ‘wij’ eigenlijk altijd al één volk waren geweest. Enigszins vermakelijk daarbij is dat het nieuwe Koninkrijk der Verenigde Nederlanden maar kort heeft bestaan, zodat Nederland en België na hun echtscheiding rond 1830 opnieuw naar hun eigenheid moesten gaan zoeken. Daarbij lag het voor de hand dat voor het noorden toen vooral de zeventiende eeuw de favoriete periode werd en voor het zuiden de middeleeuwen.

Wat Marita Mathijsen in een reeks van achttien hoofdstukken vooral laat zien is hoe de ‘infrastructuur’ die nodig is voor de groeiende historische belangstelling, zich steeds verder uitbreidt: zowel door toedoen van deoverheid als door initiatieven van organisaties en particulieren. Daarbij gaat de meeste aandacht van de auteur uit naar de eerste helft van de negentiende eeuw. Er worden in die periode dan bijvoorbeeld op allerlei niveaus overzichten van de vaderlandse geschiedenis geschreven, geschiedenis wordt een schoolvak en daarna ook een universitaire studierichting, er worden ook enkele hoogleraren in de Nederlandse taal- en letterkunde benoemd, het aantal openbare musea en archieven breidt zich uit, op allerlei plaatsen worden er openbare bibliotheken opgericht, er kunnen mede dankzij nieuwe druktechnieken steeds meer edities van oude teksten verschijnen, de boekhandels groeien in betekenis en aantal, naast speciale verenigingen en genootschappen gaan ook tijdschriften zich vaak met historische onderwerpen bezighouden, er ontstaan vormen van monumentenzorg, er wordt gewerkt met subsidies en prijzen, kortom: overal groeit het besef dat wij als volk zowel ons materiële als ons immateriële erfgoed moeten koesteren.

Ik kan hier slechts een globale indruk geven van de veelheid aan onderwerpen en inzichten die Maria Mathijsen in haar beschouwingen heeft kunnen verwerken, dankzij haar grote kennis van zaken en het raadplegen van buitengewoon veel secundaire literatuur. Eén interessant verschijnsel wil ik nog apart noemen, namelijk wat zij ‘dubbeltijdigheid’ noemt. Wie een bijvoorbeeld een historische roman schrijft, schetst een beeld van het verleden, maar kan zich noch bij de keuze van de thematiek, noch bij de visie daarop, geheel losmaken van de vragen en obsessies van de eigen tijd: ook niet als het niet in zijn bedoeling ligt de lezer in een bepaalde richting te sturen. Iets dergelijks geldt ook voor de schilders die op een of andere manier een beeld van het verleden willen weergeven, al dan niet met bijbedoelingen. Dat in de negentiende eeuw met name vaderlandslievende motieven veel kunstuitingen bijgekleurd hebben, ligt voor de hand.

Ten slotte wil ik er graag op wijzen dat Historiezucht een studie is die in een heel toegankelijke en van een grote betrokkenheid getuigende stijl is geschreven. De talrijke fraaie illustraties voegen veel aan de uiteenzettingen toe. Wat ik ook bewonderenswaardig vind, is dat de auteur laat merken dat generaliserende stellingen nogal eens genuanceerd moeten worden en tegelijkertijd toch verhelderende grote lijnen blijft trekken. Dat zij het soms niet kan laten zich even kwaad te maken over de nonchalante manier waarop er af en toe in onze eigen tijd met het nationale erfgoed wordt omgesprongen, getuigt ook van haar eigen ‘historiezucht’.

Marita Mathijsen, Historiezucht. De obsessie met het verleden in de negentiende eeuw.
Uitg. Vantilt, Nijmegen 2013
ISBN 978 94 6004 144 0
512 pagina’s, geïllustreerd

Bron portretfoto Marita Mathijsen: www.uva.nl

1 Reactie op Historiezucht in de negentiende eeuw

Schrijf je in voor TOEN!