Hoelang mag ik blijven. Thema boek altijd actueel

Ieder jaar verschijnen er boeken over de Tweede Wereldoorlog. Sommige mensen vragen zich af of hierover niet genoeg is geschreven. Dit boek bewijst weer temeer van niet. Het gaat over Truus Stern- van Zuiden, die haar verhaal vertelt aan de auteur. Via een vriendin komt zij met Truus in contact. Truus heeft op dertien verschillende schuilplekken ondergedoken gezeten. Bij schrijven van het boek leeft Truus nog. Eerst wilde zij het verleden niet meer oprakelen, maar na een kennismaking met de schrijfster ging zij gelukkig overstag.

Geertruida uit Hoogeveen

Truus (Geertruida) werd geboren in Hoogeveen op 1 juni 1926 en groeide op in een orthodox-Joods gezin. Zij had een oudere broer Max en haar ouders hadden een gelukkig huwelijk. Toen de Duitsers Nederland binnenvielen in mei 1940, bagatelliseerden de meesten de gruwelijke berichten over de nazi’s. Het zou wel zo’n vaart niet lopen, dachten velen. Dat het net van anti-Joodse maatregelen steeds strakker werd aangetrokken leek niemand te merken of te deren. Niemand dacht aan onderduiken. De moeder van Truus dacht daar anders over. Toen haar man Izaäk in 1942 ‘te werk werd gesteld’ in Orvelte en later naar het oosten moest, besloot zij dat het voor Joden niet langer veilig was. Izaäk zou de verschrikkingen van de concentratiekampen niet overleven. Zij besloot met haar kinderen onder te duiken. Ze was net op tijd.

Ondergedoken op dertien adressen

Hoe overleeft een meid van vijftien jaar dertien onderduikadressen? Onderduiken betekende op eieren lopen, altijd op de achtergrond blijven, nooit aanstoot geven, je altijd inhouden, nooit boos worden, helpen in de huishouding waar het maar kan, beleefd zijn, aanpassen, aanpassen, aanpassen. Als op een van de adressen de vader des huizes zijn handen niet thuis kan houden en hij Truus probeert aan te randen, vlucht ze voor hem weg. Overstuur vertelt zij zijn vrouw over het pijnlijke incident. Ze doet dit met gevaar voor haar leven, want, hoe zal men reageren? Zal zij het huis uit worden gezet? Gelukkig neemt echtgenote de klacht zakelijk op en zorgt ervoor dat er geen incidenten meer voorvallen. (Heeft ze met haar man een hartig woordje gesproken? We, Truus incluis, weten het niet).

Pension per maand betaald

Eerst zijn moeder, broer Max en Truus nog gezamenlijk ondergedoken in Den Haag bij lieve mensen. Maar als er ’s nachts een razzia plaatsvindt en de Joden worden afgevoerd, zit de schrik er goed in. Hun huis wordt overgeslagen, maar voor het gastadres wordt het heel riskant. De gasthouders hebben een kind en kunnen niet meer risico’s nemen. Truus wordt op zoek naar een veiliger onderkomen gescheiden van haar broer en moeder. Na een maand moet zij alweer vertrekken omdat er verraad dreigt. In 1943 komt zij in een Amsterdams pension terecht waar haar moeder ook zit. Het interesseert de pensionhoudster niet of iemand Joods is, als er per maand maar betaald wordt. Als het geld opraakt, is ook dit adres niet langer veilig.

NSB’er, jeugdstorm en communiste

Na vele omzwervingen belandt Truus in Didam, en later bij een NSB-gezin in Utrecht, vader is antisemiet, zoons zijn blij bij de jeugdstorm. De vrouw des huizes echter is communiste, die erop staat dat er op tijd betaald wordt voor het onderduikonderkomen. Ze moeten keihard werken in de huishouding. Niemand van het gezin heeft ooit een Jood gezien. Als het geld op is vluchten ze via een relatie van haar moeder weer naar een ander adres. Op een gegeven moment komt Truus via een aantal Groningse adressen in Veenhuizen terecht, waar ze de bevrijding meemaakt. Haar moeder was inmiddels verraden, maar komt uiteindelijk doodziek terug uit Auschwitz. Broer Max overleeft de oorlog ook, hij had zich gaandeweg aangesloten bij het verzet.

We gaan nu leven

Het schokkendste van dit boek zijn de hoofdstukken die handelen over de periode na de oorlog. De Nederlandse overheid behandelde de Joden die de oorlog hadden overleefd op zijn zachtst gezegd nogal hufterig. Maar ook oud-buren, kennissen, bij wie de moeder van Truus spullen had ondergebracht voordat ze gingen onderduiken, gaven -op een enkele uitzondering na- nul op rekest. Niets aan medeleven kregen zij. Leugens daarentegen wel. Huisraad dat ze terugvroegen was toch echt niet van hen, maar van een overleden familielid, en meer van dergelijke leugens werd de deur dichtgeslagen. Ze moesten het niet wagen om ooit nog terug te komen. Zelfs hun huis kregen ze aanvankelijk niet terug. Het hoofdstuk erna gaat over het verhaal van haar moeder, hoe zij als ‘patiënt’ van Block 10 vreselijke experimenten moest ondergaan. Het is geen verhaal vol sensatiezucht, maar een verhaal over een vrouw die wil overleven. Geen beschuldigingen maar een gevoelige uiteenzetting over hoe de jaren na de oorlog voor vele joden geen bevrijding was, maar wederom een strijd om staande te blijven. ‘Een keer Truus, en dan praten we er nooit meer over’. ‘We gaan nu leven’. Mooi verwoord en complimenten voor de subtiliteit van de auteur over dit moeilijke stuk verleden, waar de Nederlanders weet van moeten hebben.

Verhaal met vervlochten feiten

Omslag van het werk 'Hoelang mag ik blijven' met foto van Truus.

Omslag van het werk ‘Hoelang mag ik blijven’ met foto van Truus.

Geuverink heeft in haar boek heel mooi het verhaal en de feiten vervlochten. Ieder hoofdstuk begint met een stuk dat zij letterlijk van Truus (of via haar van haar man of moeder) citeert, daarna komen de feitelijke gebeurtenissen in de verhaallijn aan bod. Onderduikadressen volgen elkaar in die jaren op, zodat je als lezer beseft hoeveel Truus, haar broer Max, haar latere echtgenoot en haar moeder hebben moeten doorstaan. Tijdens het lezen bekruipt je het gevoel dat dit onderwerp nog actueel is. Joden en christenen werden stap voor stap gescheiden in de oorlog. Hoewel dat toen door de bezetter werd ingevoerd, hebben we tegenwoordig ook te maken met steeds verdere segregatie tussen bevolkingsgroepen. Ook tegenwoordig zijn er nog steeds miljoenen mensen op de vlucht. Hoe konden mensen bij de Jeugdstorm gaan, wat bewoog hen? Wat beweegt mensen nu om zich aan te sluiten bij bijvoorbeeld bewegingen als I.S.? Hoe haalden mensen het in hun hoofd om te verdienen aan onderduikers? Of konden ze niet anders? Waarom gaven ze de dingen niet terug aan de moeder van Truus? Hoe kun je leven in gestolen goederen en huishoudwaar? Door de manier waarop Geuverink het verhaal van Truus op papier heeft gezet, kunnen we niet anders dan vragen stellen over het heden. Daarom is het belangrijk dat er nog steeds boeken over de Tweede Wereldoorlog verschijnen, zeker boeken als deze, waarin Wendy Geuverink op geniale wijze het  microverleden weet te tillen naar de algemene geschiedschrijving, middenin het heden.

Titel: Hoelang mag ik blijven. Hoe een Joods meisje dertien onderduikadressen overleefde

Auteur: Wendy Geuverink

ISBN: 9789401912426

Prijs: € 18,99

(PS: Afbeelding is met toestemming van de uitgever verstrekt op 14 mei 2018)

Historiën Twitter
Schrijf je in voor TOEN!