Interview Tour-belofte Bauke Mollema

Bauke Mollema is een van de grootste wielren-beloftes die Nederland heeft. Vorig jaar eindigde hij twaalfde in de Giro d’Italia. Een interview met Mollema over mysterieuze krachten in de sport, tactiek, zenuwen, Lance Armstrong en de komende Tour de France.

Net als in het dagelijkse leven, verandert de tijdgeest ook in de sport razendsnel. In vroeger tijden waren Nederlandse wielrenners niet zelden boerenzonen uit Zuid-Nederland. Na het melken kropen ze op de fiets om uren te rijden over slechte wegen. Dat is echter al lang niet meer het geval. Vandaag de dag komt een van Nederland’s grootste wielertalenten juist uit het Noorden van het land. Zijn naam: Bauke Mollema. Mollema werd geboren in de stad Groningen en groeide op in Zuidhorn. Boerenzoon is hij ook al niet. Zijn vader werkt als belastingadviseur, zijn moeder in de zorg en zelf heeft Mollema verspreid over twee jaar Romaanse Talen en Economie gestudeerd aan de universiteit. Een intellectueel op de fiets lijkt het op het eerste gezicht. Maar volgens hemzelf valt dat reuze mee.

Hoewel Mollema laat begon met wielrennen in clubverband, heeft hem dat niet geschaad in zijn ontwikkeling. Hem wordt immers een grote toekomst toegedicht in het wielrennen. Pas op zijn achttiende reed Mollema zijn eerste wedstrijden bij de Noordelijke Wielervereniging Groningen (NWVG) Daar werd hij eerst een beetje meewarig aangekeken toen hij zich daar meldde met zijn veel te grote helm, zijn verroeste fiets en zijn half-vergane shirt. Het beloofde niet veel te gaan worden tussen Mollema en het wedstrijdfietsen. Het lot besliste echter anders en nu is hij zelfs een grote revelatie in het wielrennen geworden. Na vorig jaar zeer knap 12e te zijn geëindigd in zijn eerste Ronde van Italië, rijdt hij zeer binnenkort zijn eerste Ronde van Frankrijk. Hij verwacht bergop van voren mee te kunnen doen, maar gaat in de eerste plaats mee om zijn kopman Robert Gesink (wel een boerenzoon, maar uit de Achterhoek) te helpen ver te komen in de Tour. Een interview met Mollema over mysterieuze krachten in de sport, Lance Armstrong, doping, wieler-materiaal, zenuwen, lijden in de koers en zijn komende Tour-debuut.

MollemaDe overleden ex-renner Laurent Fignon werd in het peloton soms ‘de professor’ genoemd omdat hij gestudeerd had. Doen ze dat bij jou ook omdat je in het verleden Economie en Romaanse talen hebt gedaan aan de Universiteit van Groningen?
Mollema: “Ik heb inderdaad 2 jaar gestudeerd in Groningen. Eerst Romaanse Talen en Culturen en daarna Economie en management. Voor zover ik weet heb ik die bijnaam niet. Er zijn ook wel meer renners in het peloton die gestudeerd hebben dus zo heel uniek is het ook niet.”

Ben je een materiaal-freak of helemaal niet? Eddy Merckx zat altijd aan zijn fiets te sleutelen terwijl de Schotse renner Graeme Obree het wereld-uur-record reed op een zelf in elkaar geknutselde fiets waar onderdelen van zijn moeder’s wasmachine in zaten. Doe jij ook dat soort dingen of laat het materiaal je eigenlijk koud?
Mollema: “In wedstrijden moet mijn materiaal super in orde zijn, in trainingen is het wat minder belangrijk. Mijn positie op de fiets vind ik van belang. Deze moet op mijn trainingsfiets en mijn wedstrijdfiets identiek zijn. Maar ik ben zelf niet iemand die urenlang aan z’n fiets zit te sleutelen.”

Van wielercollega Fabian Cancellara werd beweerd dat hij een motortje in zijn fiets had. Of het nu waar is of niet, feit is dat renners steeds moderner, geavanceerder en beter materiaal krijgen. Ligt het gevaar op de loer dat wielrenners in de (verre) toekomst halve robots worden? Of zal dat nooit gebeuren?
Mollema: “Nee dat zal denk ik nooit gebeuren. Er is een minimum gewicht voor een fiets van 6,8 kilo, lichter mag niet. Daarom zijn fietsmerken ook enigszins beperkt in wat ze mogen maken in de toekomst. De fiets en de losse onderdelen zullen waarschijnlijk wel verder verbeteren en doorontwikeld worden. De UCI zal bovendien wel zorgen dat het wielrennen echt wielrennen blijft.”

Zijn de oortelefoontjes een aanwinst voor het wielrennen of juist niet?
Mollema: Of het echt een aanwinst is weet ik niet. Ik denk dat er echter geen of te weinig nadelen aan zitten om ze nu weer te gaan verbieden. Je moet als sport ook met je tijd mee gaan en het lijkt me in 2011 volledig normaal dat er contact tussen renners en ploegleiding mogelijk is. De belangen die in de sport omgaan zijn ook te groot om weer terug te gaan in de tijd door oortjes te verbieden.

Lars Boom heeft eens gezegd dat jij alles anders doet dan andere renners. Hij zei: ‘Bauke is totaal geen wielrenner zoals alle andere renners in het peloton.” Moet je anders zijn om grote prestaties te leveren? Bobby Fischer (schaker) was ook apart net als Bruce Grobbelaar (voetballer) en Ilie Nastase (tennis).
Mollema: “Volgens mij heeft hij dat circa 3 jaar geleden gezegd en is dat nu niet meer aan de orde. Toen fietste ik nog maar relatief kort en beleefde ik het wielrennen misschien op een iets andere manier dan nu.”

Moet een renner een (sterke) eigen wil hebben?
Mollema: “Ja”

Moet je hard kunnen zijn in het wielrennen en dus ook andere renners kunnen ‘flikken’? Of heb je dat niet nodig als je goed bent?
Mollema: “Als je de beste bent heb je het misschien niet nodig. Je kunt door iemand te ‘flikken’ misschien wel een koers winnen, maar waarschijnlijk krijg je het dan later wel weer terug.”

Moet je in het peloton goed oppassen dat je niet geflikt wordt of valt dat mee?
Mollema: “Valt heel erg mee, meestal heb je het wel door als iemand verzaakt.”

Heb jij altijd je zenuwen goed onder controle? Is dat belangrijk voor een renner?
Mollema: “Ja altijd wel. Als sporter en als wielrenner moet je denk ik goed tegen druk en tegen zenuwen kunnen. Een beetje druk geeft mij altijd wel extra stimulatie om goed te presteren.”

Zijn tactiek en koersinzicht even belangrijk als fysieke kracht in het moderne wielrennen?
Mollema: ” Fysieke kracht is het allerbelangrijkste, maar met een goed koersinzicht kun je als een net wat mindere renner ook veel koersen winnen.”

Moet doping in de toekomst vrij gegeven worden of mag dat nooit gebeuren?
Mollema: “Nee, nooit. Als dat gebeurt stop ik. Ik heb geen zin mijn lichaam te vervuilen met allerlei medicijnen of andere rotzooi. Ik denk ook dat je wielrenners tegen zichzelf moet beschermen, want als doping ooit wordt vrijgegeven, gaan sommigen grote risico’s met hun gezondheid nemen en dan kun je er van op aan dat er dan zelfs doden zullen vallen. Wielrenners zoeken nu eenmaal altijd de grens op.”

Wat spreekt je er in aan om renner te zijn?
Mollema: “Het geeft een mooi gevoel om het maximale uit jezelf te halen en je grenzen steeds weer te verleggen. Je komt ook op veel mooie plekken en je hebt als je thuis bent bovendien veel vrijheid om je trainingen en je dag in te delen zoals je wil.”

Wie was altijd je grote voorbeeld in het wielrennen?
Mollema: “Lance Armstrong.”

Wat hoop je in je carrière allemaal te bereiken?
Mollema: “Mijn doel is om in de toekomst een goed klassement te rijden in de Tour de France.”

Wat is je lievelingskoers?
Mollema: “De ronde van Castilla y Leon, omdat ik daar goede herinneringen aan heb en tot nu toe vrijwel altijd goed heb gereden in dat gebied. Van de grote klassiekers vind ik de ronde van Lombardije de mooiste koers om te rijden.”

Moet je als renner erg veel afzien en lijden? Oud renner Wim van Est zei dat hij veel geleden had tijdens mijn carrière. Op televisie zei hij dat er “maar één iemand was die meer heeft geleden had dan ik” waarna hij met een schuin oog naar een beeld van de gekruisigde Jezus keek.
Mollema: ” In de koers (en regelmatig ook in trainingen) moet je inderdaad veel afzien. Als je dat niet kunt, kun je beter geen wielrenner worden.”

ArmstrongOok Lance Armstrong heeft eens gezegd dat degene die het meest kan lijden de Tour wint.  Zit daar wat in?
Mollema: “Nee, daar geloof ik niet in. Ik denk dat de gene die de beste conditie (lichamelijk en mentaal), het meeste talent, het meeste geluk (of in ieder geval geen pech), het beste materiaal en de beste ploeg de Tour wint. En dan komen er ook nog een paar andere zaken bij kijken. Elke profwielrenner die mee doet voor de overwinning in de Tour kan afzien.”

Er is een beroemd sportboek met de titel  ‘Mysterieuze krachten in de sport’ (Joris van den Bergh) Het gaat over de invloed van de geest op sportmensen en hun prestaties. Heb jij ooit meegemaakt dat je onverklaarbaar goed reed terwijl je fysiek niet echt goed in vorm was?
Mollema: “Ik heb dat boek ook gelezen, heel interessant. Ik geloof er zeker in dat het mentale aspect in de sportwereld van groot belang is. Ik kan me zo snel geen wedstrijd herinneren waar dat bij mezelf gebeurde.”

Wint in een koers meestal de sterkste, de slimste of degene met het meeste geluk?
Mollema: “Zie twee vragen naar boven. Een combinatie daarvan dus.”

Wat zijn je verwachtingen voor de Tour?
Mollema: “Dat het heel zwaar gaat worden en dat ik bergop bij de betere renners zal behoren. Ik verwacht ook lange dagen met weinig rust en veel media-aandacht. En natuurlijk veel toeschouwers.”

Geef een reactie

Historiën Twitter
Schrijf je in voor TOEN!