Karel de Grote ontvangt Alcuin in het Louvre

Negentiende-eeuwse schilders van historiestukken gaan voor de grote momenten. Niet zomaar een inkijkje in het verleden, maar alleen de grootse, dramatische momenten van de geschiedenis leggen zij vast. Zo’n moment is als Alcuin aan het hof van Karel de Grote komt.De Franse schilder Jean-Victor Schnetz (1787-1870) levert letterlijk een hoogtepunt van schilderkunst af. In het Louvre Museum in Parijs maakt hij de plafondschildering Charlemagne, entouré de ses principaux officiers, reçoit Alcuin qui lui présente des manuscrits, ouvrage de ses moines.

Als Alcuin aankomt is het een drukke bedoening aan het hof. Schnetz trekt alles uit de kast om het internationale karakter van Karels hof te benadrukken. Vooraan zitten enkele donkere bezoekers uit de Noord-Afrikaanse landen, rechtsachter zien we de vleugels van een Noormannenhelm. Wie is dat kleine jongetje op de voorgrond? Een van Karels kleinzonen? Een van zijn eigen jongste zonen?

Natuurlijk zit Karel de Grote in het middelpunt van de belangstelling. Hij ontvangt de Angelsaksische monnik Alcuin. Alcuin heeft enkele boeken bij zich die hij de koning aanbiedt. Boeken zijn kostbare geschenken. Het kost toch al gauw een kudde schapen om voldoende perkament te maken; de monniken die de boekwerken schrijven en illumineren zijn er tijden mee bezig om hun meesterwerken af te leveren. Is dit de eerste keer dat Karel en Alcuin elkaar ontmoeten? Dat is dan voor 781, het jaar waarin zij elkaar voor een tweede keer ontmoeten. Het is dan dat Karel de Grote Alcuin uitnodigt om als zijn adviseur en leermeester aan de slag te gaan? Zo’n geschiedenisbepalend moment wil je als historieschilder wel vastleggen.

Karel de Grote ontvangt Alcuin die hem een manuscript aanbiedt. Schildering Jean-Victor Schnetz, 1830. Bron: Wikipedia.org.

Karel de Grote ontvangt Alcuin die hem een manuscript aanbiedt. Schildering Jean-Victor Schnetz, 1830. Bron: Wikipedia.org.

Koninklijk schilderij

Schnetz legt in 1830 de laatste hand aan zijn schildering in het Louvre Museum. Dezelfde voorstelling is nogmaals geschilderd. Zelfde voorstelling; andere schilder. Jules Laure (1806-1861) maakt in 1837 een kopie. Koning der Fransen Louis Filips I die in 1830 de troon bestijgt, geeft de opdracht. Hij wil het een plaats geven in het nieuwe Nationale Museum dat hij in de koninklijkste plaats van Frankrijk vestigt: Versailles. Alle gloriedaden van Frankrijk moeten een plaats krijgen in het museum. Karel de Grote mag natuurlijk niet ontbreken.

De nationalistische negentiende-eeuwers voelen geen enkele belemmering om grootheden uit tijden dat er nog geen sprake was van nationale staten te claimen. Nu kun je daar toch anders over denken. De Fransman Charlemagne, de Duitser Karl der Große; niets daarvan. Karel de Grote is evenmin de Vader van Europa; de titel die hem vaak wordt aangemeten. Karel de Grote is een vroegmiddeleeuws vorst die de grenzen verlegt van het Frankische Rijk. Het Rijk van zijn dynastie.

De beelden die Schnetz en Laure schetsten en velen van ons van Karel de Grote hebben, zijn gevormd in de eeuwen na zijn bestaan. Een beeld dat soms ver van de historische werkelijkheid afstaat. Dat hij Alcuin ontving, klopt dan weer wel.

Leon Mijderwijk

Leon Mijderwijk (1975) studeerde voor Leraar Geschiedenis 2e graads aan de HU en deeltijd Geschiedenis aan de Universiteit van Utrecht. Zijn aandacht gaat uit naar de vroege middeleeuwen, in het bijzonder van Engeland. Hij schreef artikelen en recensies voor Westerheem, Archeologie Magazine, So British & Irish, Muntkoerier en Filatelie. Leon is redactiemedewerker van het Detectormagazine en Historiën-redacteur. Hij onderhoudt contact met diverse uitgeverijen, archeologen en historici.

More Posts

Schrijf je in voor TOEN!