Knallende kastelen: Enghuizen

Met de de reeks ‘Knallende Kastelen’ gaat Historiën op tournee langs diverse verdwenen kastelen in Nederland. Deze keer:Enghuizen: weggevaagde potsierlijkheid.

Kasteel Enghuizen in het begin van de negentiende eeuw. Schilderij van Lemaître. Bron: Wikipedia

Ieder jaar zijn er in juli volksfeesten te Hummelo in de Achterhoek (Gelderland). Gedurende de rest van het jaar valt er niet zoveel te beleven. Behalve dat de omgeving er heel mooi is. Wie wandelt tussen Hummelo en Zutphen ziet een mooi landschap, misschien wel het mooiste gebied in Nederland.

Dan ineens verandert het landschap. Het lijkt een park, maar toch ook weer niet. In de verte is een weg hoorbaar. Hoge verwilderde bomen, grillige sloten, overwoekerende klimop; dit is geen park, of toch? Plotseling is er een bruggetje zichtbaar. Te zien aan de stijl ongeveer aangelegd in 1840. Ooit stond hier water, maar dat is drooggevallen. Het is mistig en de brug is zo vervallen dat het een beetje gevaarlijk is. Te gracieus -deze brug- in deze wilde omgeving. Hier zou je een rubuser exemplaar verwachten. 

De drukke weg die te horen was, blijkt de drukke verkeersader tussen Zutphen en Hummelo. Langs de weg staan prachtige bomen, temidden van het open Achterhoekse landschap, op die hoge heg na. De hoge heg is ondoordringbaar voor inbrekers en ondoordringbaar voor blikken van wandelaars. In de verte is een kasteelachtig bouwwerk te zien. Of is het geen kasteel? Een te sierlijke brug, het hek te hoog, de heg te dicht. 

Wat ligt er voor geheim verscholen achter deze heg? 

Enghuizen: niets engs aan

Ver achter de heg ligt volgens de kaart Enghuizen, een landhuis. Naast het landhuis ligt een camping. Al snel is duidelijk dat de bewoners en de campinggasten niets met elkaar te maken hebben. De camping wordt beheerd door een andere familie. Een gracht mist, die ligt, drooggevallen, verderop. Duidelijk is dat het landhuis ooit deel uitmaakte van een groter complex. Alleen is van dat grotere geheel, het kasteel, niets meer terug te vinden. Wat is er gebeurd?

Oranjerie 

Wat er nu nog staat, is het landhuis, de vroegere oranjerie. Hier wonen de erfgenamen van het landgoed en landhuis Enghuizen. De familie is van adel, met een adellijke naam: van Rechteren Limpurg en ze willen niet zoveel met de buitenwereld te maken hebben, gezien de dikke heg. Hun voorouders stonden anders in de wereld. 

Eerst Evert 

Wie stichtte Enghuizen? Ene Evert van Enghusen wordt in 1326 genoemd toen er een stuk land met daarop pachtboerderijen werd verdeeld. Het ‘Ghoet te Groten Enghuse’ krijgt ook een deel van dat stuk land en wordt toegevoegd aan het landgoed Enghuizen, dat toen blijkbaar al bestond. Op het landgoed stond een landhuis, of kasteel, met Evert als bewoner. 

Rustig 

Door de dichte heg is het tuinhuis te zien. Bron: www.iohotspots.nl.

Tot 1488 gaat het leventje rustig zijn gangetje op Enghuizen. Althans, in de bronnen is vooralsnog niets terug te vinden over het landgoed. Niets over de bewoners, niets over het landgoed, niets over de pachtopbrengsten. Kennelijk ging het er in de streek en in de familie rustig aan toe. Geen liefdesperikelen, geen verwikkelingen, affaires of escapades. Een beetje te rustig lijkt het wel. Van liefdesgeschiedenissen was ook in 1488 geen sprake. In dat jaar werd Enghuizen weer genoemd in de bronnen. De eigenaaresse, en enige nazaat, Margriet van Enghusen heeft geen man en geen nakomelingen, want ze zit in het klooster. Zuster Margriet dus, doet het landgoed over aan Seger van Voorst. Seger stamde af uit een wijdvertakte familie, die verbonden was met het geslacht Heeckeren. Via zijn moeder stamde hij af van de lijn Van Rechteren en Voorst. Die laatste naam voerde hij. 

Katholiek tussen ketters 

Gedurende de Tachtigjarige Oorlog bleef de familie van Voorst katholiek. Daarom moesten ze uitwijken naar Emerik. In 1598 keerde de eigenaar Sweder van Voorst (kind of kleinkind) terug naar zijn kasteel Enghuizen. Sweder -en dus de inwoners van het landgoed Enghuizen- koos voor Spaanse zijde en bleef het katholieke geloof uitoefenen. Niet zo slim zo bleek, want de rest van de streek koos voor de zijde van de troepen van Maurits. De familie was in de streek niet meer zo geliefd, en dat hebben ze geweten. Het middeleeuwse kasteel dat er toen nog stond is uiteindelijk verwoest. Sweder had geen leven, maar hij zag nog wel kans de restanten van het kasteel en de bijbehorende landerijen te verkopen aan zijn zwager Franco van Swieten. Franco was welkom, want hij was protestants. In 1618 betrok hij het kasteel. Hij zal het wel opgeknapt hebben. 

Sporen 

Van het verwoeste kasteel zijn nog wel sporen in het landschap te vinden. Op de luchtfoto is een eilandje te zien in een soort vijver, de voormalige slotgracht. Het eilandje wordt gevormd door de restanten van het Middeleeuwse kasteel. Nu staat hier een gebouwtje, het jagershuis. 

Kleinzoon Otto 

De kleinzoon van Franco, Otto, begon zich ‘van Enghuizen’ te noemen. Hij verkocht het landgoed met landhuis aan Everhart van Heeckeren. Tot 1923 was het in bezit van deze familie. Het is bekend dat er aan het begin van de achttiende eeuw een landhuis stond, met kwart cirkelvormig gebogen zijvleugels. Een bouwstijl die erg geliefd was in die tijd. Stadhouder Willem III hield er ook van. 

Van mooi naar lelijk 

Enghuizen na verbouwing. Bron: www.kasteleningelderland.nl

Enghuizen als pompeus paleis.

Een volgende eigenaar was Hendrik Jacob Carel Johan van Heeckeren. Hij vond de gebogen zijvleugels niet zo mooi. Deze Hendrik Jacob heeft veel geinvesteerd in het gebied. Hij heeft veel ontginningen op touw gezet, die hem geen windeieren legden. Met het geld uit de ontginningsprojekten liet hij het landhuis drastisch verbouwen volgens de mode van die tijd. De bouw was in 1835 gereed en had zeven jaar geduurd. De eigenaar zal er wel trots op zijn geweest. De stijl, de bouw, de opzet echter, is misschien wat te pompeus voor Nederland en het Achterhoekse landschap. Op de afbeeldingen doet het allemaal denken aan een Italiaans paleis. Alleen dan veel te groot en daardoor veel te lelijk.

Van lelijk naar niets

Een ruime honderd jaar later breekt de Tweede Wereldoorlog uit. De eerste jaren komt het paleis van Enghuizen de oorlog ongeschonden door. Het leek goed te gaan toen de geallieerden het land binnentrokken. Als de bevrijding naderbij is, op 25 maart 1945 vindt er door onvoorzichtigheid van de geallieerden, die daar gehuisvest waren, een kortsluiting plaats. Tot grote overmaat van ramp breekt er brand uit en zijn er explosies. De Canadese troepen zijn laks en onvoorzichtig. Het hele complex brandt af. Wat er overblijft is een ruïne, en de oranjerie. 

Tot voor kort liep ieder jaar het dorp leeg, en wandelden de mensen naar het kasteel, waar de baron het defile afnam. De traditie zal inmiddels wel uitgestorven zijn. Defile’s is niet meer hip, campings daarentegen wel. Hopelijk derven baron en beheerder hieruit voldoende inkomsten. 

Enghuizen na de brand. Bron: www.kasteleninnederland.nl

Enghuizen na de oorlog. Foto: Jan Harenberg. Bron: www.kasteleninnederland.nl

Bronnen: 

Harenberg, E.J. De kastelen van Graafschap en Liemers

Maatman, B.J. Landgoederen in Gelderland

Janssen, H.L. 1000 jaar kastelen in Nederland. 

www.kasteleninnederland.nl <html> 

www.kasteleningelderland.nl <html> 

www.wikipedia.nl <xml> 

www.iohotspots.nl 

www.absolutefacts.nl <xml>

Geef een reactie