Godsdienst, religie, geschiedenis, kunst… nergens draait Leonardo da Vinci zijn hand voor om. Idereen kent hem, zelfs de dummies.
Als recensent mag er van je verwacht worden dat je iets zinnigs over het gelezene kan zeggen. In het geval van informatieve boeken kan dat alleen als de nodige kennis over het onderwerp aanwezig is. Ik zie dit in ieder geval voor mezelf als een criterium. Deze keer heb ik een uitzondering gemaakt. Voor ik Leonardo da Vinci voor dummies oppakte, wist ik zo goed als niets over Leonardo en zijn creaties en ik behoor tot het selecte gezelschap dat Da Vinci code van Dan Brown niet heeft gelezen.
Spreektaal
Geheel in stijl van de Voor Dummies-serie is de lezer geen anonieme derde, de auteurs spreken direct tegen hem: “Snap je het nog een beetje? Wel, ik heb goed nieuws en slecht nieuws voor je.” (pag. 47) Deze spreektaal is een kwestie van gewenning, maar soms blijft het ergerlijk. Paragraaftitels als ‘Het zou *#&@% eens tijd worden!’ en ‘Vooruit met de geit: Leonardo’s auto’s geven blijk van een meligheid die afbreuk doen aan de kwaliteit en het doel van het geschrevene. En daarmee doen de auteurs zichzelf tekort.
Want zij slagen erin te laten zien hoe divers de activiteiten waren van Leonardo. Van alle markten thuis is een juist gekozen kwalificatie. Hij was kunstenaar, ingenieur, wetenschapper, uitvinder, architect en denker. Althans, deze indeling maken de auteurs. De complexiteit die dat met zich meebrengt om een chronologische biografie te schrijven over zijn leven, hebben zij op een slimme manier ontweken door al zijn activiteiten thematisch te behandelen. En ondanks dat ik geen kenner van Leonardo-literatuur ben, heb ik de idee dat hier een compleet beeld wordt geschetst, waar in andere publicaties veelal de meeste aandacht uitgaat naar Leonardo’s artistieke uitingen.
Levensschets
Aan de behandeling van Leonardo’s werk gaat de tijd waarin hij leefde en een schets van zijn leven vooraf (deel I). Daarin leggen de auteurs in duidelijke bewoording begrippen zoals humanisme en mecenaat uit. Echter, van de lezer wordt verwacht dat zij weten wat feodale macht en het onderscheid tussen een natiestaat en een statenbond is (pag. 49). Maar goed, dummies die een boek lezen, moeten wel wat in huis hebben.
In deel II, III worden Leonardo’s wetenschappelijke werken onder de loep genomen. Daarbij doen de schrijvers wel erg hun best om zijn al uitzonderlijke prestaties nog uitzonderlijker te maken. Zo wordt verzucht dat in zijn tekeningen “de aarde zich helaas gewoon in het middelpunt van het heelal” bevond (pag. 159) en gesteld “dat als Leonardo’s anatomische illustraties in zijn eigen tijd algemeen verspreid waren geweest, ze de basis zouden hebben gevormd voor het moderne anatomische onderzoek” (pag. 138).
Uitvinder
In een aparte categorie vallen de bijdragen die hem worden toegedicht bij het uitvinden van de zaken zoals de auto, de fiets en de helikopter. Hoewel de tekeningen van Da Vinci enige gelijkenis vertonen met deze contemporaine uitvindingen, is het toch vooral de blik van de tegenwoordige kijker die de omschrijving erin ziet. De auteurs zwakken zijn rol in de ontwikkeling veelal af door ook op de beperkingen en vergissingen van zijn uitvindingen te wijzen.
Deel IV gaat over Leonardo’s kunst waarin ook aandacht wordt besteed aan nieuwe technieken en materialen die in de renaissance werden toegepast. Een interessant deel op zich maar ook als inleiding op het volgende deel waarin zijn religieuze kunst aan bod komt.
Hoewel sommige schilderstukken niet eens waren voltooid, is de schoonheid verbluffend. Het is in dit geval jammer dat in Voor Dummies de illustraties redelijk klein en zwart-wit zijn. Maar ik vind het vooral te prijzen dat binnen het concept niet voor de makkelijke weg wordt gekozen om een groot publiek te bereiken. Oftewel, veel plaatjes afbeelden. De tekst moet het doen en de illustraties ondersteunen de tekst.
Da Vinci code
In deel V wordt ook De Da Vinci Code onder de loep genomen. De roman heeft een stroom aan reacties teweeggebracht waarin de beweringen van de schrijver Dan Brown onder de loep worden genomen en veelal worden verworpen. Hoewel de auteurs zich afvragen “waar al die heisa nu om gaat?” besteden zij zelf de nodige aandacht aan het boek. Na een korte samenvatting worden de feiten en de fictie ontrafeld, waarbij zij zich concentreren op de veronderstellingen die over Leonardo gaan.
Als historische betrouwbaarheid hoog in het vaandel staat, lijkt het me inderdaad geen boek om, buiten de spanning van het verhaal om, te veel waarde aan te hechten. Spijtig dat juist dat de onwaarheden uit zo’n bestseller wel doordringen tot en deel gaan uit maken van het ‘historisch besef’.
Chronologie renaissance
Tenslotte eindigen de auteurs met een vast Voor dummies-onderdeel: het deel van de tientallen. Daarin naast een thema als ‘Tien grappige weetjes’ ook enkele interessante onderwerpen: hoe de manuscripten verdeeld zijn in verzamelingen over de hele wereld en de plaatsen waar Leonardo’s werken zijn te vinden. Als bijlage een chronologie van de renaissance en het leven van Leonardo en een literatuurlijst op onderwerp. Bij iedere titel een korte beschrijving, “wat nuttig is aangezien de biografieen over Leonardo niet zijn aan te slepen en een moeras vormen waar nauwelijks door te komen is.” (pag. 383)
Leonardo da Vinci voor dummies is daarentegen prima om door te komen. Zij het niet als leesboek, maar meer om af en toe open te slaan en een onderwerp te bekijken. De populaire toon kan gelukkig niet verhullen dat de lezer veel informatie over de renaissance, kunst, techniek en uiteraard de hoofdpersoon kan vinden in deze publicatie.
J. Teich en T. Barr, Leonardo da Vici voor dummies: de leuke en gemakkelijke manier om het leven en werk van de ultieme renaissancemens te decoderen (vertaling; Nijmegen 2005).
Uitgeverij Pearson Education Benelux, www.pearsoneducation.nl
ISBN 90-430-1134-7.
- Wanneer is het Pasen?
- Spinoza, een hoorcollege
- Dagboek van Jan Terlouw
- Jan Terlouw bij Huiskamer TV Show
- Nederlands verleden in schilderijen
Vind ons ook hier: