Moord Olof Palme maakte Zweden weer ‘normaal’

Het was het einde van een tijdperk: de moord op de Zweedse premier Olof Palme op 28 februari 1986. Zweden veranderde van een internationale voortrekker in een anonieme volger, en het Zweedse volkshuis begon barsten te vertonen. Maar hadden die veranderingen iets te maken met de nooit opgeloste moord?

Olof Palme. bron: wikimedia commons. Foto gemaakt door Oiving

Olof Palme. bron: wikimedia commons. Foto gemaakt door Oiving

De 59-jarige Olof Palme werd op een koude winteravond in Stockholm doodgeschoten. Hij wandelde met zijn vrouw van de bioscoop naar huis toen er plotseling een man met een revolver achter hem verscheen. De eerste kogel was dodelijk. Palme, altijd gesteld op privacy, had geen lijfwacht bij zich. De moordenaar ontkwam te voet en liet amper sporen na.

De wereld bleef geschokt achter

Het gestuntel van de politie dat erop volgde leidde tot speculaties over binnen- en buitenlandse complotten. De dader zou ook een eenzaat kunnen zijn geweest. Een eerder voor moord veroordeelde druggebruiker werd lange tijd verdacht. In de jaren negentig stond een beursspeculant bovenaan het verdachtenlijstje. Wie de trekker ook overhaalde, Zweden werd een ander land na 28 februari 1986.

Vurig redenaar

Olof Palme, boegbeeld van de Zweedse sociaaldemocraten, was niet zomaar een politicus. Hij was premier van 1969 tot 1976 en van 1982 tot aan zijn dood. Palme werd wereldberoemd als voorvechter van ontwapening, kwam op voor verdrukte volkeren en durfde als geen andere westerse regeringsleider kritiek te uiten op de Verenigde Staten. Zijn uitspraken haalden overal de pers en het was Palme die zijn land op de politieke wereldkaart zette.

Palme stond bekend als een vurig redenaar die idealisme boven pragmatisme verkoos: een politicus van een soort die in de huidige tijd tamelijk zeldzaam is. Tijdens zijn kersttoespraak in 1972 vergeleek hij het Amerikaanse optreden in de Vietnamoorlog met de gruweldaden van de nazi’s. Dat kon Washington niet waarderen. De Amerikanen riepen hun ambassadeur terug uit Stockholm. Hij zou twee jaar wegblijven.

Kersttoespraak 1972 waarin Palme de gruweldaden in Vietnam veroordeelt

Een nieuw woord: Palmehaat

In eigen land was Palme omstreden. Zijn linkse economische politiek brak met de consensus waarop de Zweedse verzorgingsstaat was gebouwd. Het Zweedse volkshuis, dat economische groei koppelde aan sociale rechtvaardigheid, was het resultaten van compromissen. Zowel links als rechts hadden een steentje bijgedragen. Onder Palme kwam er van politieke samenwerking tussen de politieke kampen niet veel meer terecht. Daarnaast viel Palme’s manier van praten niet goed bij de Zweden. Velen vonden hem arrogant.

In rechtse kringen werd hem verweten te aardig te zijn voor de communistische wereld. De Zweedse conservatieven vonden het vreselijk om te zien hoe de Zweedse premier tijdens een bezoek aan Cuba als een volksheld werd ontvangen. Hoge mariniers verklaarden kort voor Palme’s dood dat zij hun premier niet zouden gehoorzamen mochten de Russen ooit hun land binnenvallen. Aanleiding hiervoor was het bezoek aan Moskou dat de Zweedse premier voor april 1986 had gepland.

De toon van het anti-Palmekamp werd door de jaren heen grimmiger. Er kwamen advertentiecampagnes die hem publiekelijk zwartmaakten. Als Palme ergens verscheen, was er altijd kans op een demonstratie tegen hem. De Conservatieven vertrapten in 1985 een pop die de premier voorstelde tijdens hun partijcongres. Het Zweeds kreeg een nieuw woord: Palmehaat.

Een gedenkteken op de plek waar Palme werd vermoord. Bron: wikimedia commons, foto gemaakt door BKP

Een gedenkteken op de plek waar Palme werd vermoord. Bron: wikimedia commons, foto gemaakt door BKP

Een mislukt onderzoek

Dat de haat zo diep zat dat iemand hem zou vermoorden, konden weinigen vermoeden. Ook de politie niet. Die dacht eerst dat de Koerdische afscheidingsbeweging PKK achter de moord zat. Er waren echter geen bewijzen voor hun betrokkenheid. Vervolgens werd de verslaafde draaideurcrimineel Christer Pettersson van de moord beschuldigd. Palmes vrouw Lisbeth meende hem te herkennen als de dader. De rechtbank veroordeelde hem tot levenslang, maar Pettersson kwam in hoger beroep vrij. De bewijsvoering was te dun.
De politie maakte feitelijk een potje van het onderzoek en liet veel sporen liggen, bleek in 1997 uit een parlementair onderzoek. Gaandeweg doken er, precies zoals bij de moord op John F. Kennedy, allerlei theorieën op over potentiële dadergroepen. De CIA werd genoemd, de geheime dienst van Zuid-Afrika, maar ook politieagenten met extreemrechtse opvattingen. Allemaal zouden ze motieven hebben gehad.

Olof Palme’s naam leefde voort in het Palme Center, een wereldwijd actieve ontwikkelingsorganisatie, en in de vele straten en scholen die naar hem zijn genoemd.

Zweden wijzigt de koers

De Zweedse politiek veranderde ingrijpend in de jaren na de moord. Het bevlogen Zweden werd, zoals de Amerikaanse onderminister Richard Burt het op de Zweedse tv uitlegde, weer “een normaal land”. Dat gold met name de buitenlandpolitiek, want die was volgens Burt jarenlang “het product van de persoon-Palme”.

Een medewerker van de universiteit in Göteborg onderzocht hoe Zweden in de Verenigde Naties stemde vóór en na de dood van Palme. Voor de moord stemde Zweden even vaak voor als tegen voorstellen van de Derde Wereld, amper vijftien jaar later trok Zweden in VN-zittingen bijna nooit meer partij voor de ontwikkelingslanden.

De banden met Washington werden weer aangetrokken. Zweden trad zelfs toe tot de EU, een stap die brak met de traditie van neutraliteit en onafhankelijkheid. Tegenwoordig wordt in Zweden luidop gediscussieerd over lidmaatschap van de NAVO, wat onder Palme ondenkbaar was.

Ook de binnenlandse politiek wijzigde van koers. Het neoliberalisme bereikte Zweden en het volkshuis begon te zuchten onder bezuinigingen en privatiseringswoede. Het consensusmodel keerde terug. De sociaaldemocraten, liberalen en conservatieven verloren hun scherpe kantjes en er kon weer worden samengewerkt.

Omwenteling als moordmotief

Het is verleidelijk om in de haat jegens Palme en de politieke veranderingen na zijn dood een motief voor de moord te zien. Er zijn immers twee Zwedens: een van voor, en een van na 28 februari 1986.

Toch gaat dit te ver. Veel wijzigingen in de Zweedse buitenlandpolitiek waren in 1986 niet te voorzien. Ingvar Carlsson, de opvolger van Palme, was weliswaar een veel bescheidener man die bij niemand weerzin opwekte, maar hij had jarenlang Palme’s politiek mee vormgegeven. Niemand kon met zekerheid zeggen dat hij een andere koers ging varen.

Dat dit toch gebeurde, was vooral ingegeven door ontwikkelingen in de wereld. Na Palme’s dood waren er tal van omwentelingen. Enerzijds veranderde de tijdgeest. Het engagement van de jaren zeventig maakte definitief plaats voor egocentrisme en de bijbehorende graaicultuur. Anderzijds ondergingen de internationale verhoudingen een facelift. De Koude Oorlog liep ten einde. Het communisme in Oost-Europa verdween. Zuid-Afrika zag de apartheid eindigen.

Het EU-lidmaatschap van Zweden was uit nood geboren en het resultaat van de diepe economische crisis waar het land begin jaren negentig mee te maken kreeg. Ook Olof Palme zou gedwongen zijn geweest tot een aanpassing van zijn beleid als hij niet was doodgeschoten.

Samenzwering?

Hoewel persoonlijke aanvallen in de Zweedse politiek tot het verleden behoren, is de Palmehaat nooit verdwenen. Jimmie Åkesson, leider van de extreemrechtse Zweden Democraten en een van Zwedens meest populaire politici, zong tijdens een feestje in 2009 een lied waarin hij zich vrolijk maakte over de dood van Palme. Op Internet circuleren fotomontages van Palme in nazi-uniform en zijn grafsteen wordt nog geregeld besmeurd.

Rechercheur Jan Olsson en psychiater Ulf Åsgård, die in de jaren negentig een daderprofiel opstelden voor het onderzoeksteam, zagen desondanks onvoldoende grond voor een politiek geïnspireerde samenzwering. Bovendien was de moord in hun ogen op een amateuristische manier uitgevoerd. Zo was de keuze van de moordplek merkwaardig: een trottoir langs Stockholms drukste boulevard. Het was eenvoudiger geweest om Palme thuis te doden of in een van de stille straatjes bij zijn woning. Hij had geen lijfwacht, dus had het vrijwel ongemerkt kunnen gebeuren.

Gefrustreerde yuppie

Het daderprofiel zette de politie op het spoor van een beursspeculant die op loopafstand van de moordplek woonde. De recherche vermoedde dat hij de dag voor de moord een hoop geld had verloren door de aankondiging van een nieuwe belastingmaatregel. De man was lid van een schietvereniging en bezat een revolver van het type waarmee de premier was gedood. Dat wapen was echter spoorloos verdwenen. De man, die intussen is overleden, wist hierdoor een arrestatie te voorkomen.

Hoewel de geruchtenstroom over wie de moord pleegde nooit is gestopt en het onderzoek formeel doorloopt, zag de politie in hem jarenlang de voornaamste verdachte. Een gefrustreerde yuppie, een typisch product van de jaren tachtig, als moordenaar van de bruggenbouwer Palme die zo overtuigend de jaren zeventig belichaamde: qua symboliek kan dat tellen.

Interview David Frost met Olof Palme, 1971

Over de moord op Olof Palme:
http://www.moordolofpalme.nl
Over het Palme Center:
http://www.palmecenter.se/en/
Biografie van Olof Palme:
http://www.palmecenter.se/en/about-olof-palme/

Marc Pennartz

Marc Pennartz is een Nederlandse schrijver/journalist. Hij werkte onder meer voor het reclasseringsblad Vrij Spraak en het Belgische weekblad Humo, en publiceerde over strafrecht, politiek en muziek. Van 2008 tot 2015 woonde hij in Zweden. Daar verdiepte hij zich in de moord op Olof Palme, met als resultaat de blog http://www.moordolofpalme.nl en het boek “10 Redenen Waarom Zweden De Moord Op Olof Palme Niet Oplost”.

More Posts - Website

Schrijf je in voor TOEN!