Ontvoerdershuis RAF onlangs verkocht

In de nieuwe film Der Baader Meinhof Komplex komt de ontvoeringszaak van werkgeversvoorzitter Hanns-Martin Schleyer ruim aan bod. Het Haagse huis waar Schleyer enkele dagen vastzat, is zeer kort geleden verkocht.

De Duitse werkgeversvoorzitter Hanns-Martin Schleyer, die in 1977 ontvoerd en vermoord werd door de extreem-linkse terreurorganisatie Rote Armee Fraktion (RAF), zat enige tijd opgesloten in een Haagse ééngezinswoning. In een chic deel van het Haagse Scheveningen werd Schleyer meerdere dagen vastgehouden in een zogenaamde ‘volksgevangenis’ van de RAF.

Niemand in Europa wist dertig jaar lang waar hij gezeten had. Het Belgische blad Humo en Stefan Aust, hoofdredacteur van het Duitse Der Spiegel, maakten de verblijfplaats vorig jaar bekend. Het Haagse huis is, ondanks de kredietcrisis, zeer onlangs verkocht voor 569.000 euro.

De Schleyer-zaak domineerde in 1977 wekenlang het Europese nieuws, maar niemand wist tot voor kort dat de Duitse werkgeversvoorzitter ook in Nederland had vastgezeten. Op 5 september 1977 werd Schleyer in Keulen ontvoerd vlakbij zijn eigen huis. De RAF hield hem eerst 11 dagen vast in een buitenwijk van Keulen, waarna hij snel werd overgebracht naar een pand in het Haagse Scheveningen.

Stevinstraat nummer 266
De nieuwe schuilplaats was gelegen aan de Stevinstraat nummer 266. Tegenwoordig ziet het pand er prima verzorgd uit. Voor de ruiten op de begane grond hangen vitrages en aan de gevel zijn posters van de makelaar geplakt. Hier werd Schleyer in de vroege ochtend van 16 september 1977 in een grote rieten mand naar binnen gedragen. Zo’n groot formaat mand was nodig om Schleyer onopvallend te kunnen vervoeren. Het was moeilijk geweest voor de RAF-leden om een dergelijke mand te krijgen, maar uiteindelijk werd hij gevonden bij de Bijenkorf. Schleyer werd vervolgens in deze mand naar de tweede verdieping gebracht, waar hij werd vastgehouden in een zolderkamer. 

Angelika Speitel (25) had de Scheveningse woning gevonden in de krant. De terroriste reageerde op de advertentie onder de valse naam  ‘Karola Stöhr’.  Op 13 september krijgt ze de sleutel, na twee dagen eerder een eerste aanbetaling te hebben gedaan. Handlanger Peter-Jürgen Boock richt vervolgens het huis in. Hij koopt bloembakken, een tafellamp en een televisie. De RAF wil dat de ‘konspirative Wohnung’ er standaard komt uit te zien en niet opvalt in deze keurige wijk.

‘Haus Etna’
De leden van de RAF hadden de Haagse woning omgedoopt tot  “Haus Etna”. De woning aan de Stevinstraat werd immers gehuurd door RAF-terroriste Angelika Speitel die binnen de Rote Armee Fraktion de schuilnaam “Etna” had. Schleyer werd in het huis niet alleen bewaakt door Boock en Speitel. De andere cipiers van de ‘volksgevangenis’ waren naast de beruchte Brigitte Mohnhaupt ook nog Elisabeth von Dyck en Stefan Wisniewski. 

Duitse media als Focus en de Süeddeutsche Zeitung vermoeden dat het in de Stevinstraat was dat Schleyer samen met een vrouwelijke bewaakster Monopoly speelde om de tijd te doden. Opvallend genoeg won de RAF-terroriste het spel van Schleyer, hetgeen de werkgevers-baas nogal amusant vond. Een uiterst linkse terroriste die bij het verwerven van vastgoed wint van een vertegenwoordiger van het groot-kapitaal. Voor Schleyer was dat zo ongewoon dat hij erom moest lachen. Het Monopoly-spel creëerde echter een probleem voor de RAF. De terroriste en de werkgevers-voorzitter begonnen het zo goed met elkaar te vinden dat de RAF besloot de vrouw uit het pand te verwijderen.  Het was niet de bedoeling dat bewakers en gevangene nauwe banden gingen ontwikkelen.

Het huis van bijna zes ton werd in 1934 gebouwd, heeft 8 kamers en wordt door de makelaar aangeprezen als een ruim en licht huis. Het woonoppervlakte is 200 vierkante meter. De achtertuin is 40 vierkante meter, gelegen op het noordwesten. De tweede verdieping – waar Schleyer vastzat – bestaat uit een  ruime overloop, een grote achterkamer van ca. 6.5×3.78m, een achterzijkamer met een afmeting van ca.2.25×4.5m met vaste kast, een douchekamer inclusief wastafel en aansluiting voor de wasmachine, een voorslaapkamer van ca.3.4×3.8m met diepe bergkast en een vliering.

Valse papieren
Veel sneller dan gedacht moest de RAF De Haagse woning weer verlaten. Angelika Speitel had bij autoverhuurbedrijf Tromp in Den Haag een wagen gehuurd, maar de verhuurder vertrouwde de zaak niet en waarschuwde de politie. Die constateerde vervolgens dat de papieren van Speitel inderdaad vals waren. Wanneer Speitel de auto vervolgens komt terugbrengen, ontstaat er een vuurgevecht met de politie waarbij de terroriste uiteindelijk weet te ontsnappen. Ze waarschuwt haar handlangers in de Stevinstraat waarop Schleyer snel weer in de mand van de Bijenkorf wordt gestopt en in de nacht van 19 op 20 september naar een chic appartement in de Brusselse wijk Sint-Pieters-Woluwe wordt gebracht. Daar blijft Schleyer tot hij op 18 oktober mee wordt genomen en diezelfde dag nog wordt doodgeschoten door Rolf Heissler en Stefan Wisniewski op een weg in de buurt van het Franse Mulhouse.

Tijdens de ontvoering was de Nederlandse politie de RAF-terroristen al enige tijd op het spoor. De Haagse woning aan de Stevinstraat werd via een observatiepost aan de overkant van de straat in de gaten gehouden, maar toen agenten de woning uiteindelijk binnenvielen, was de vogel al gevlogen. Schleyer zat toen al in Brussel. De Scheveningse zee heeft hij nooit meer mogen zien.

Meer op Historiën
Zie de Filmrecensie Baader Meinhof Komplex
Zie voor meer informatie over de RAF ook http://www.baader-meinhof.com/

Geef een reactie

Schrijf je in voor TOEN!