Oprichting van de WIC: woensdag weetje

Op 3 juni 1621 richten de Staten-Generaal van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, zoals Nederland toen heette, de West-Indische Compagnie (WIC) op. Vlak voor de oprichting van de WIC was de oorlog met Spanje hervat. Toeval?

oprichting van de WIC

Het West-Indisch Pakhuis op Rapenburg in Amsterdam, gebouwd in 1642. Bron: wikimedia commons.

Slaven, goud en ivoor

Bij de WIC denk je mogelijk aan de handel in slaven, goud en ivoor. Tijdens het bestaan van deze grote handelsorganisatie tussen 1621 en 1791 waren dit inderdaad de belangrijkste producten, maar op het moment van de oprichting van de WIC was deze grote onderneming vooral een belangrijk wapen in de strijd tegen Spanje en Portugal in het Atlantisch gebied. Net als de VOC was de WIC méér dan een internationale handelsorganisatie. Stel je voor dat een multinational als de Coca Cola Company zelfstandig oorlog zou kunnen voeren. De WIC en VOC hadden die bevoegdheden.

Tussen 1623 en 1654 streed de WIC met de Portugezen en Spanjaarden om het bezit van Brazilië. Gedurende die periode kregen de Nederlanders voet aan de grond in dat land, maar ze slaagden er niet in het geheel te veroveren of controleren. In 1654 gaven ze het op. Tegelijkertijd vochten ze met meer succes om het bezit van de Goudkust (tegenwoordig is dat Ghana) in West-Afrika. In de zeventiende en achttiende eeuw was dit gebied belangrijk voor de Nederlandse slavenhandel.

Het bestuur van de WIC: de Heren Negentien

De oprichting van de WIC lijkt op die van de VOC. Net als in de VOC werd het bestuur van de WIC verdeeld over vijf kamers:

  • Amsterdam
  • Zeeland (Middelburg)
  • De Maas (Maasmonding/Rotterdam)
  • Het Noorderkwartier (Westfriesland/Hoorn)
  • Stad en Lande (Groningen)

Uit de grote aandeelhouders, de hoofdparticipanten, werden de Heren Negentien gekozen. Dit was het hoogste bestuursorgaan. Amsterdam kreeg acht, Zeeland vier en de andere drie kamers elk twee zetels toebedeeld in dit college. Het negentiende lid, dat werd benoemd door de Staten-Generaal, had een beslissende stem als er verdeeldheid was. Verder werd in het charter vastgelegd dat Amsterdam vier-negende deel van het kapitaal zou leveren, Zeeland twee-negende en de andere kamers ieder één-negende deel. Deze ‘negensleutel’ werd ook gebruikt om te bepalen welk aandeel de kamers hadden in de uitreding van schepen en de verkoop van goederen.

De verdeelde wereld

In het octrooi dat de WIC op 3 juni 1621 kreeg van de Staten-Generaal werd bepaald dat de compagnie het monopolie bezat op de handel en scheepvaart op Afrika ten zuiden van de kreeftskeerkring, op Amerika en de eilanden in de Atlantische Oceaan, gelegen tussen de twee meridianen getrokken over Kaap de Goede Hoop en het oostelijkste puntje van Nieuw-Guinea. Dit betekent dat behalve de hele Atlantische Oceaan, ook het grootste deel van de Stille (of Grote) Oceaan en Afrika ten westen van Kaap de Goede Hoop onder het monopolie viel. De rest van de wereld (het gebied van Kaap de Goede Hoop richting het oosten tot Straat Magellaan onder Zuid-Amerika) hoorde bij het andere monopolie: dat van de VOC.

Deze Nederlandse kijk op de wereld botste natuurlijk nogal eens met die van Europese concurrenten op het wereldtoneel. Juist Spanje en Portugal (samen het Iberische schiereiland) zagen de wereld door een heel andere bril. Zij hadden in 1494 met goedkeuring van de paus de wereld (inclusief het pas ontdekte continent Amerika) al verdeeld in het verdrag van Tordesillas (Wikipedia).

De Nederlandse onafhankelijkheidsoorlog tegen Spanje en het ontstaan van de Republiek in 1588 als direct gevolg hiervan zou het Iberische monopolie aantasten. De Spanjaarden waren alles behalve blij met de activiteiten van de in 1602 opgerichte VOC. De Nederlanders knaagden aan de Spaanse handel in Azië.

Aan het begin van de zeventiende eeuw waren er binnen de Republiek ook al plannen om een West-Indische compagnie op te richten.

Plannen voor de oprichting van de WIC

Plannen die ontsproten aan het brein van een uit Antwerpen afkomstige koopman die zich in 1591 in Middelburg vestigde: Willem Usselincx (1567- ±1647). Hij was een van de vele Vlamingen die zijn kennis en handelscontacten, na de inname van Antwerpen in 1585 door de Spanjaarden, meenam naar het noorden, naar de Republiek.

Het plan van Willem Usselincx

Volgens Willem zou een West-Indische compagnie de gehele handel en scheepvaart in het Atlantisch gebied onder haar hoede moeten nemen. De belangrijkste doelstelling van deze compagnie zou het stichten van landbouwkoloniën moeten zijn, waar zich inwoners uit de Republiek en andere calvinistische staten zouden vestigen. Op deze wijze zouden de koloniën de Republiek van grondstoffen kunnen voorzien, terwijl de overzeese bezittingen tegelijkertijd als afzetmarkt voor producten uit het moederland zouden dienen. Usselincx besefte dat het om deze doelen te realiseren noodzakelijk was om de strijd aan te gaan met de Spanjaarden, zodat de handel in het Atlantisch gebied gewaarborgd kon worden en de hegemonie van Spanje aangetast werd.

In eerste instantie hadden de Nederlandse kooplui en machthebbers weinig zin in een monopolistische compagnie in het westen. Veel kleinere compagnieën hadden eigen belangen in de handel op Afrika en Amerika en wilden niet deelnemen aan een overkoepelende organisatie. In tegenstelling tot de handel op Azië bood de vaart op Afrika en Amerika voldoende ruimte voor de Nederlandse kooplieden.

Veelbelovend

Toen Willem Usselincx rond 1600 de Staten-Generaal, bestuursleden van belangrijke steden en invloedrijke personen aanschreef, waren er in Holland en Zeeland wel mensen bereid om zijn plannen te financieren. Toch kwam er niets van omdat de Staten-Generaal zich terughoudend opstelde.

In 1606 zag het er veelbelovend uit, omdat de Staten van Holland de oprichting van de WIC lieten onderzoeken in een conceptoctrooi. De vredeshandelingen die later dat jaar met Spanje van start gingen, gooiden echter roet in het eten. Om Spanje tegemoet te komen veegde landsadvocaat Johan van Oldenbarnevelt, die de onderhandelingen leidde namens de Lage Landen, de plannen voor de oprichting van de WIC van tafel terwijl hij wat de positie van de VOC in Azië betreft wel zijn poot stijf hield. De weg naar vrede met Spanje lag open. Het Twaalfjarig Bestand begon in 1609.

De oprichting van de WIC

De twaalfjarige wapenstilstand (1609-1621) tussen de Republiek en Spanje liep af kort voordat de WIC groen licht kreeg. Vanaf 10 april 1621 was het weer oorlog met Spanje en (omdat Portugal op dat moment deel uitmaakte van het Spaanse koninkrijk) Portugal. Het voorkomen van oorlog was dus geen obstakel meer voor de oprichting van de WIC. Bovendien was tegenstander Van Oldenbarnevelt in 1619 door zijn politieke rivaal Maurits letterlijk uit de weg geruimd.

De oprichting van de WIC was een feit, maar wel volgens het conceptoctrooi van de Staten van Holland uit 1606. Het streven van Willem Usselincx naar landbouwkoloniën werd niet overgenomen.

Oorlogsinstrument

De WIC was behalve handelsorganisatie nadrukkelijk een oorlogsinstrument in het landsbelang. Daarom kreeg de compagnie de nodige juridische en militaire middelen om zelfstandig te kunnen opereren. De pijlers van de WIC waren in het kort:

  • koophandel
  • kolonisatie
  • kaapvaart

Wist je dat Piet Heyn in dienst was van de WIC toen hij de zilvervloot veroverde?

Admiraal Piet Heyn was als kaper in dienst van de WIC toen hij met zijn schepen in 1628 de Spaanse zilvervloot bij Cuba overrompelde.

Bronnen

Boxer, C. R., De Nederlanders in Brazilië 1624-1654 (Amsterdam 1993)

Heijer, Henk den, De geschiedenis van de WIC (Zutphen 2002)

Israel, Jonathan I, De Republiek, 1477-1806 (Zesde druk (gebonden); Franeker 2008). Vertaling van: The Dutch Republic. Its Rise, Greatness and Fall, 1477-1806 (Oxford 1995).

Wachelder, Tim, Avonturen in Brazilië en op de Goudkust. Vier Duitsers in dienst van de WIC (1623-1645) (doctoraalscriptie Radboud Universiteit Nijmegen 2004)

Meer weten over de WIC? Lees ook:

De eerste WIC expeditie

Het leven aan boord van een WIC schip

 

Tim Wachelder

Tim Wachelder studeerde geschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Tijdens zijn studie specialiseerde hij zich in Europese Expansiegeschiedenis. Behalve over koloniale geschiedenis schrijft hij ook over militaire, culturele en Nijmeegse geschiedenis. Sinds 2007 is hij webredacteur bij Historiën.

More Posts

1 Reactie op Oprichting van de WIC: woensdag weetje

Historiën Twitter
Schrijf je in voor TOEN!