Reactie op ‘Michiel de Ruyter, zijn biograaf en de slavernij’

Vorige week reageerde prof. Alex van Stipriaan op het artikel van dr. Ronald Prud’homme van Reine, over de schuldvraag van Michiel de Ruyter met betrekking tot slavenhandel. In dit nieuwe artikel van Ronald Prud’homme van Reine gaat hij in op de argumenten die Van Stipriaan aandraagt. 

michiel_de_ruyter

Michiel de Ruyter. Schulldig aan slavernij…..of niet? Bron: wikimedia commons

Betrokkenheid

Van Stipriaan komt met een lang weerwoord op mijn artikel ‘Michiel de Ruyter en de slavenhandel’. Hij geeft eigenlijk vooral een historisch overzicht van de slavenhandel en nergens nieuwe argumenten voor De Ruyters rechtstreekse betrokkenheid. Ik constateer dat volgens Van Stipriaan alle kooplieden die handel voerden met de Oost en de West medeplichtig waren aan de slavenhandel en daarmee dus eigenlijk alle inwoners van de Republiek die op de een of andere manier van hen afhankelijk waren. Wie gebruikte nooit producten uit de Oost of de West? Zo’n indirecte band met de slavenhandel van elke zeventiende-eeuwer zal bijna niemand bestrijden, maar waar het in de discussie over De Ruyter om gaat is een betrokkenheid die zo belangrijk is dat je er afzonderlijk melding van moet maken. Anders zijn er nog veel meer thema’s die we bezien door een eenentwintigste-eeuwse bril op afkeurende wijze ter sprake kunnen stellen: de behandeling van homoseksuelen aan boord, de rechtspraak, de voedselvoorziening en ga zo maar door.

West-Afrika

Van Stipriaan vindt het vreemd dat ik stel dat De Ruyter het geweld op de kust van West-Afrika binnen de perken hield. Ik zou zeggen: lees in een biografie van De Ruyter over de gewelddadige gebeurtenissen daar aan land door strijd tussen de autochtone bewoners onderling in 1664-1665 en hoe de vlootvoogd door zijn matigend optreden het voortdurende geweld bedwong. Dat Van Stipriaan mij nadrukkelijk verwijst naar het werk van historici als Goslinga, Den Heijer, Postma en Tang vind ik niet erg van toepassing. Dat zijn zeker geen historici die De Ruyter vanwege zijn betrokkenheid bij de slavenhandel veroordelen. Dat doet Van Stipriaan wel en hij zal dus zelf met overtuigende argumenten daarvoor moeten komen en zich niet achter het werk van anderen over de slavenhandel moeten verschuilen. Zijn argumenten zijn doorgaans ver gezocht en daarom schreef ik eerder dat hij op bepaalde punten ‘te ver gaat’, ‘op de lachspieren werkt’ en ‘geforceerd’ is.

Tacorary

Hoe betrouwbaar is het werk van Goslinga overigens, dat door veel collega’s van Van Stipriaan als een omgevallen boekenkast wordt beschouwd? Van Stipriaan houdt hardnekkig vast aan Goslinga’s opgave dat De Ruyter in 1655 fort Tacorary heeft veroverd. Het valt me erg tegen dat hij daar voor de tweede keer mee aan durft te komen, terwijl in honderden boeken en talloze websites zo gemakkelijk is te vinden dat De Ruyter alleen in 1664-1665 voor de Afrikaanse westkust heeft gevaren en dat hij begin 1665 Tacorary veroverde. Dan kijk je dat als historicus toch even na en ga je niet in een noot weggestopt schrijven dat Prud’homme misschien gelijk heeft, maar Goslinga het echt schrijft. Ik vermeld nu maar even ten overvloede dat De Ruyter in 1655 alleen op een expeditie naar de Middellandse Zee uitvoer.

Geen invloed op de slavenhandel

Wat De Ruyter ook had gedaan op de kust van West-Afrika, of hij de forten nu wel of niet had heroverd, de slavenhandel was doorgegaan. Dan heeft De Ruyter daar als zeeofficier in dienst van de oorlogsvloot toch niet rechtstreeks mee te maken? Wanneer Van Stipriaan dat wel vindt kijk ik uit naar artikelen van zijn hand over Johan de Witt en de slavenhandel. Dat was immers de man die het mogelijk maakte dat De Ruyter deze onderneming kon uitvoeren.

1676

Van Stipriaan trekt over het jaar 1676 hetzelfde ‘konijn uit de hoge hoed’. Omdat De Ruyter de Spanjaarden heeft bijgestaan in de Middellandse Zee willen die een overeenkomst met de WIC over de slavenhandel tekenen. Dat is echt wat de Engelsen noemen: jump to conclusions. De Ruyter had als opdracht in de Middellandse Zee bondgenoot Spanje tegen de Fransen te steunen, met wie de Republiek nog tot 1678 in oorlog zou zijn. Hoe kon hij weten dat de Spanjaarden zo tevreden waren over zijn hulp dat ze die overeenkomst met de WIC zouden tekenen? Hoe kun je als historicus iemand nu voor zoiets dat elders buiten zijn verantwoordelijkheid plaatsvindt verantwoordelijk stellen?

Sint Eustatius

 

Sint- Eustatius, zo heeft Van Stipriaan inmiddels uitgevonden, was tijdens het bezoek van De Ruyter in 1665 nog niet de spil van de intra-Caraïbische slavenhandel, maar de basis was gelegd! Eeuwen later moet de historicus de stand van zaken op het terrein van de slavenhandel op Sint-Eustatius nog goed uitzoeken voordat hij er iets over kan zeggen. Zou dat voor De Ruyter op het moment zelf niet nog veel moeilijker zijn geweest? Kon hij weten dat de basis voor de slavenhandel net was gelegd? Dat waren uiteraard zaken die hem op dat moment, tijdens een lange en lastige expeditie, helemaal niet bezighielden. Het ging hem erom dat Sint-Eustatius in Nederlandse handen bleef.

Vrijgekochte slaven

De slaven in Noord-Afrika kocht De Ruyter in opdracht vrij en hij deed zijn best er zoveel extra los te krijgen als mogelijk was. Voor de zwarten in Afrika had hij op persoonlijke titel moeten opkomen en dat zou tot zijn onmiddellijke ontslag hebben geleid. Wie het verhaal van de tocht langs de Afrikaanse westkust tussen oktober 1664 en januari 1665 kent, weet dat De Ruyter maar kort aan land is geweest en meestentijds aan boord van zijn schip was. Verder is het goed te beklemtonen dat De Ruyter zich in tegenstelling tot sommige collega’s nooit negatief over de zwarte inwoners uitliet. Maar in een scheepsjournaal van een opperbevelhebber is weinig ruimte voor uitweidingen op dit punt en particuliere correspondentie van hem uit deze tijd bezitten we niet. Dat er stukken zijn van predikanten waarin die zich negatief over de slavernij uitlaten, toont niet aan dat De Ruyter hier niet over heeft nagedacht. Predikanten als Georgius de Raad hebben diverse boeken gepubliceerd, De Ruyter en al zijn collega-zeeofficieren niet één, dat deed je nu eenmaal niet in die functie. Uit de biografie van De Raad begrijp ik overigens dat deze zich vooral tegen de slavernij keerde omdat het hem als gereformeerde dwarszat dat er slavenhandel plaatsvond met ‘paapse’ landen als Frankrijk en Spanje, waardoor slaven zich tot het rooms-katholicisme bekeerden. Andermaal een bewijs hoe belangrijk het is dit soort zaken in hun context te zien en te bespreken.

Hoe stelt Van Stipriaan zich eigenlijk voor dat De Ruyter zich hard had kunnen maken voor de vrijlating van zwarte slaven in Afrika of in het Caraïbisch gebied? Zij konden zonder toestemming van de regering niet met een koopvaarder of een ander Nederlands schip naar huis worden gezonden, zoals in het geval van de vrijgekochte slaven uit Noord-Afrika mogelijk was. Er was geen geld voor extra mensen aan boord van de schepen van de vloot en er was nog een reis van onbepaalde lengte voor de boeg. Had hij deze slaven aan boord genomen dan zouden ze hoogstwaarschijnlijk een ellendige dood zijn gestorven.

Jan Kompagnie

Ten slotte het verhaal van Jan Kompagnie. Ik heb Brandts bronnen bestudeerd, het is zeker dat Engel de Ruyter en andere tijdgenoten hem hebben geholpen bij het schrijven van de biografie van De Ruyter. Brandt vermeldt in de inleiding van zijn boek zelfs de betrokkenheid van Engel, die tijdens de expeditie naar Afrika en Amerika aan boord van zijn vaders schip meevoer. Het anonieme scheepsjournaal bijgehouden door een andere opvarende van De Ruyters schip is volledig betrouwbaar. Ik hoor van Van Stipriaan niets over waarom Brandt het hele verhaal verzonnen zou hebben. De familie De Ruyter (daarmee bedoel ik uiteraard Michiel zelf, zijn vrouw en kinderen) was omstreeks 1670 zeer rijk en had zich dus gemakkelijk een zwarte hulp in de huishouding kunnen veroorloven. Maar De Ruyter leefde eenvoudig, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Cornelis Tromp. Dat zijn zaken waarover je in een biografie van De Ruyter kunt lezen, dus had zo’n boek niet misstaan op de literatuurlijst van Van Stipriaan.

Lees de hele discussie tussen Ronald Prud’homme van Reine en Alex van Stipriaan over de vermeende betrokkenheid van De Ruyter bij slavenhandel:

Michiel de Ruyter en de slavenhandel: Ronald Prud’homme van Reine

Michiel de Ruijter, zijn biograaf en de slavernij: Alex van Stipriaan

Reactie op ‘Michiel de Ruijter, zijn biograaf en de slavernij: Ronald Prud’homme van Reine

 

Historiën Twitter
Schrijf je in voor TOEN!