Van Jazzhel tot Technohemel

cover boek kleinWie aan Berlijn denkt, denkt niet meteen aan muziek, maar dit boek brengt daar verandering in. Het begint in de jaren ’20, en ja, Berlijn en de ‘Roaring Twenties’, daar kan iedereen zich wat bij voorstellen. Bij het lezen van de flaptekst klinkt de muziek al in de oren.

 

 

 

cover van het boek

cover van het boek

Spannend

 

De ondertitel klinkt spannender dan de eigenlijke titel, maar je schijnt echt een reis te kunnen boeken, vanaf 250 euro. De doelgroep is bij de eerste oogopslag niet duidelijk. De insteek is dat je naar de plekken gaat waar vroeger -in de twintigste eeuw- muziek klonk. Spannend, ik wil wel mee, al lijkt het bij nader inzien een naslag voor scholieren. Geeft niets, ik zeg gewoon mijn leeftijd niet.

Vet en taai

Waarom Leonor Jonker besloot dit boek te schrijven, is omdat er nog niets over dit onderwerp was verschenen. Een drogreden, zou je zeggen, maar de initiatiefneemster wil haar liefde voor Berlijn met iedereen delen. Mooi, dat delen, en mooi, met als resultaat dit boek. Prachtig, dat Berlijn. Het boek is in een snelle stijl geschreven. Dus dat leest prima, alhoewel voor een leek soms wat taai, al die technische termen over muziek, ‘twaalftoonstechniek’, ‘atonaal’,  een korte uitleg is geen overbodige luxe. De termen roepen in ieder geval geen sfeer op. Jammer ook dat er veel vetgedrukte woorden instaan. Ik zie liever vette woorden die op de geschiedenis slaan, voor de rode draad. Woorden als ‘conservatief’, ‘autonomie’, ‘artillerie’ en ‘hyperinflatie’ (het lievelingswoord van de schrijfster, want het komt nogal veelvuldig voor) zijn vetgedrukt. Moeten scholieren hier wat leren?

Feiten

Heel snel en heel kort wordt de geschiedenis van Berlijn uitgelegd. Een groot deel van het boek is een opsomming van feiten die elkaar in hoog tempo opvolgen. Tussen de feiten door gaat het over de muziek, hoe die werd beleefd, gespeeld en beluisterd in Berlijn. Van jazz gaat het naar schlagers en de auteur springt van heden naar verleden en hop terug naar het heden. Terwijl we van de hak op de tak springen, blijft het boek leuk en boeiend om te lezen. Steeds meer krijg ik zin om naar Berlijn te gaan.

Frivool snuiven

Een stad zonder moreel besef, schrijft Jonker betuttelend, want er werden in de jaren ’20 veel drugs gebruikt en er waren veel homobars. Ik zie dat anders. Men vierde feest! En na een gruwelijke oorlog (de eerste) mocht dat ook wel. Het klinkt me ook bekend in de oren, het is alsof ik over Amsterdam van nu lees. Kortom: Berlijn was hip! Hier gebeurde het. Geen wonder dat hier veel soorten muziek tot ontwikkeling kwamen. De muziekanten hadden alle creatieve ruimte en konden experimenteren in allerlei stromingen, wat ze ook naar hartelust deden. Veel bars, Jazz, Charleston, schlager, opera, operette, nachtclubs, cocaïne, homobars waar biseksuelen kwamen, kroegen waar je kon drinken en snuiven, de Berlijner genoot ervan en vermaakte zich prima!

Vloek

In het tweede hoofdstuk wordt pas duidelijk dat de Duits-Joodse cultuur een grote impuls is geweest voor het muziekleven in Berlijn. Nadat de nationaal-socialisten de macht grepen in 1933 bleek deze Joodse zegen een vloek. Binnen een paar jaar is het gedaan met het bruisende culturele (muziek)leven in Berlijn. Een korte opleving volgt in 1936, toen de Olympische Spelen in deze stad plaatsvonden. Om de schijn van beschaving op te houden, lieten de nazi’s de touwtjes wat vieren. Dit had gelijk een culturele opleving tot gevolg. Omdat Berlijn bezocht werd door vele (zwarte) Amerikaanse atleten, had dit weer zijn invloed op de muziek: nieuwe jazzstromingen deden hun intrede.

Zijsprong naar Marlene

In een aparte alinea komt Marlene Dietrich aan de orde. Zij begon in de jaren ’20 haar loopbaan in Berlijn, maar vertrok in 1930 naar Hollywood. Marlene was biseksueel en zij droeg mannenkleding. Voor die tijd erg bijzonder, maar in Berlijn kon het. Zij weigerde resoluut het verzoek van de nazi’s om terug te keren naar de Duitse hoofdstad. In de oorlog zong zij voor Amerikaanse troepen. In 1992 stierf ze en vond ze haar laatste rustplaats in Berlijn. Ze werd begraven  naast haar moeder. Omdat de autoriteiten bang waren voor onrust vanuit de bevolking, kreeg zij geen officiële begrafenis. Een groot deel van de Berlijners zag haar nog steeds, zo lang na dato nog, als een overloopster en een verraadster.

Dietrich in colbertjasje. Bron: www.dietrich_lifeinitaly.com/dietrich_schiaparelli.jpg

Dietrich in colbertjasje. Bron: www.dietrich_lifeinitaly.com/dietrich_schiaparelli.jpg

Joods, Jazz, ‘entartet’, stiekem leuk

Na de Olympische Spelen, -ja, de auteur maakt weer een sprong- trokken de nazi’s de teugels weer strak aan. Joodse muziekanten kregen het zwaar te verduren en het culturele leven kreeg een knauw. Alles wat Joods was, of door joden was vervaardigd, werd bestempeld als ‘entartet’ ofwel ontaard, lelijk, verboden. In de oorlog (de Tweede Wereldoorlog) nam juist door de ellendige omstandigheden de behoefte aan vertier toe. Niet alleen de oorlogsmachine, maar ook de vernietigingsmachine draaide op volle toeren. Truttige hoempapaschlagers, waren een mager alternatief. Omdat vele muziekanten Joods waren, ontstond er aan het einde van de oorlog een tekort aan musici. De jazz hebben de nazi’s nooit uit kunnen roeien. Joods of niet, stiekem hielden vooral de nazikopstukken in de top, hoe ‘entartet’ ook, erg van jazz. Daarnaast waren er zoveel jazzgelegenheden en danscafés, dat het aantal te groot was om er maatregelen tegen te kunnen nemen.

Verhoudingen

De tweede helft van het boek gaat over de verhoudingen tussen Oost- en West Berlijn. Na de Tweede Wereldoorlog is Berlijn opgedeeld in verschillende zones. De schrijfster gaat opnieuw heel diep in op deze geschiedenis, om uiteindelijk bij de muziek uit te komen. In zowel West- als Oost Berlijn is er bij de bevolking, net als na de Eerste Wereldoorlog, een enorme behoefte aan uitgaan en plezier maken. Beide overheden spelen daarop in, om het volk tevreden te houden.

Een overgebleven stuk muur in Berlijn. Eens, twintig jaar geleden was heel West Berlijn op deze wijze ommuurd. Bron: www.wikipedia.org_Bestand_Berlin_Wall.jpg

Een overgebleven stuk muur in Berlijn. Eens, twintig jaar geleden was heel West Berlijn op deze wijze ommuurd. Bron: www.wikipedia.org_Bestand_Berlin_Wall.jpg

Hip en punk

Dan wordt het weer interessant. West Berlijn werd een hippe stad, omdat er veel kunstenaars en jongeren naar toetrokken. Oost Berlijn had een muziekcultuur op haar eigen manier. De regering hier observeerde trends bij jongeren, om die vervolgens te overgieten met een socialistisch sausje en tenslotte te integreren in de socialistische heilstaat (volgens hun beleving dan). Dit kan geen enkele staat lang volhouden. Uiteindelijk lukt dat ook niet, want de tegenreactie werd gevonden in de punkbeweging. Die beweging werd nergens zo extreem geuit als in Oost Berlijn. Hoewel het zeker was dat je als punker een normale loopbaan wel kon vergeten, was deze stroming hardnekkig. Het leek wel of het de punkers niets meer kon schelen, die ‘stasi-aandacht’.

In het westen traden internationale artiesten en bands op: Neil Young, David Bowie, Genesis, Eurithmics, Iggy Pop… namen van formaat. Ze hebben in West Berlijn gewoond of gewerkt en de muziekcultuur een flinke impuls gegeven.

georg_von_rauchhaus_afb_waar de westerse kraakbeweging begon, deze kraakbeweging trok veel kunstenaars, hippies en bands aan die allen hun invloed hadden op het muziekleven van West-Berlijn Bron: www.rauchhaus_1971.de.php

Het gebouw Georg von Rauchhaus, waar de westerse kraakbeweging begon, deze kraakbeweging trok veel kunstenaars, hippies en bands aan die allen hun invloed hadden op het muziekleven van West-Berlijn Bron: www.rauchhaus_1971.de.php

Flarden versterking over de muur

Concerten werden in West Berlijn met luide versterkers gegeven, dichtbij de muur. Flarden van muziek werden opgevangen door Oost Berlijnse jongeren. Een bizarre verbinding ontstond van twee gescheiden groepen, met dezelfde liefde voor dezelfde muziek. Hoe strak de Stasi ook regeerde, de jongeren schenen een eenheid in de muziek te hebben. Een culturele eenheid waar geen muur tegen was opgewassen. En dat bleek al snel. Hoewel de Stasi de ‘luisterbijeenkomsten’ bij de muur verbood, waren er haarscheurtjes voelbaar. Al in 1987 werd geroepen ‘die Mauer muss weg!!’

De roep om democratie kwam uit de bevolking zelf. En al heeft het niet zoveel met muziek te maken, de auteur gaat hier diep op in. Op 4 november 1989 kwamen er 700.000 mensen bijeen op de Alexanderplatz. De partij kon niet meer ingrijpen, de mensenmassa was te groot, de muur viel.

Tenslotte techno

Inmiddels deed in het Westen de techno zijn intrede. De Oostberlijners vonden het helemaal geweldig en haakten hier maar wat graag op in. Na de ‘wende’ (zo noemt de schrijfster het, en het woord staat niet eens vetgedrukt) werd West door Oost omhelsd. West zat niet altijd te wachten op Oost maar zeker is dat Berlijn een rijke, bewogen muziekgeschiedenis en een muziekcultuur kent. Hollywood begon in Berlijn. Punk ondermijnde Stasi. Techno herenigde Oost en West.

Oost en West Berlijn herenigd in een groot technoknalfeest: de loveparade. Bron: www.floraberlin.de/loveparade/love99

Oost en West Berlijn herenigd in een groot technoknalfeest: de loveparade. Bron: www.floraberlin.de/loveparade/love99

Brongegevens:

Titel: Muziekreis door het Berlijn van toen en nu; van jazzhel tot technohemel

Leonor Jonker (naar een idee van Evelyne Levêke) (Utrecht 2009).

Afbeeldingen:

www.wikipedia.org

www.dietrich_lifeinitaly.com/dietrich_schiaparelli.jpg

www.rauchhaus_1971.de.php

www.floraberlin.de

Ester Smit

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Schrijf je in voor TOEN!